Au(w)tomatisering

2008 december 9
by Alice Verheij

huilen

Laat ik voor een keertje eens wat schrijven over mijn werk.

Ik heb best leuk werk. Tenminste meestal. Het gekke is wel dat mijn werk leuker wordt (voor mij) als er meer mis gaat. Maar ja ik ben dan ook niet zozeer een projectmanager oude stijl maar eerder een trouble shoot(st)er. En dat is dus best leuk werk. Het is wel een soort werk dat een aparte instelling vergt. Zo is het bijvoorbeeld heel belangrijk om de grote lijn te blijven zien van wat er gebeurt binnen én buiten de opdracht of het project dat je uitvoert. De grote lijn wat betreft afhankelijkheden van anderen en andere projecten maar ook de grote lijn voor wat betreft de belangen. Inclusief die van individuen. Het is ook het soort werk dat vergt dat je regelmatig aan zelfreflectie en opdrachtreflectie doet. Het eerste kent iedereen wel hoewel veel mensen het niet doen of aandurven. Het tweede is iets dat te vaak volledig wordt overgeslagen. Opdrachtreflectie dus.

Dezer dagen is het in de opdracht waar ik aan werk weer zover. Reflectie op doelen, aanpak, mensen, situaties en vooral op wat ik daar in doe of laat. Die momenten hebben zonder uitzondering gevolgen voor hoe ik met een opdracht om ga. Het leidt meestal tot maatregelen die ik tref of op zijn minst tot een wijziging in de communicatie. Ook nu weer. Maar voordat ik weet wat ik precies moet doen vloeit er wel het nodige water door de zee. Zo moeten er eerst resultaten zijn die duidelijk genoeg zijn (gunstig of ongunstig is dan niet eens zo belangrijk) dat ik er op kan vertrouwen. Een oordeel op baseren. Dan moet ik zelf nog een denkslag maken en die toetsen aan ‘de spelers’ in mijn omgeving. Is dat eenmaal gebeurt dan probeer ik altijd de stappen die ik neem zo compact mogelijk te omschrijven zodat er geen overtollige zaken aan de orde komen maar alleen de kernproblemen (néé, geen uitdagingen want dat is te afgezaagd en te nuancerend). En dan ineens is daar zo’n moment waarop ik dan moet handelen (of acteren al naar gelang hoe ik mezelf zie). In dit geval vooral acteren.

Vanwaar deze overwegingen? Welnu, zoals zo vaak in een project (en dat is dus slechts de werkvorm voor de opdracht waar ik aan werk) is er een grote afhankelijkheid van een ander project. Om precies te zijn: ik voer een verandering, door middel van herautomatisering, door in een wat ingewikkelde organisatie. De oplossing die aangedragen is en ingevoerd moet worden past maar beperkt op de werkwijze van die organisatie. Sommige zaken zullen moeten worden aangepast in de werkwijze en andere zaken blokkeren een goed gebruik van de geboden oplossing. De mogelijkheden van de oplossing zelf zijn (zoals gewoonlijk) ogenschijnlijk in beton gegoten, of staal. Lekker traditioneel. Ook traditioneel is dat de geboden oplossing nog gebouwd en ontwikkeld wordt terwijl die al ingevoerd moet worden. Dat beton en staal is dus vooral in het hoofd van de ontwerpers aanwezig. De nachtmerrie van de gemiddelde gebruiker (m/v) zal ik maar zeggen. Ongeveer alles gebeurt weer. Testen met medewerkers die niet opgeleid zijn, onderschatten van ARBO aspecten. Kijken naar de functionaliteit en niet naar de inbedding daarvan in de werkprocessen. Afdwingen van andere werkwijze ‘omdat het systeem nu eenmaal zo werkt’ en ga zo maar even door. Basaal en banaal. Nu ik een paar maandjes op streek ben en de eerste analyses binnen druppelen wordt de ernst van de situatie duidelijk. Doorgaan op de huidige voet levert een op den duur onwerkbare situatie op. ‘As always and as usual’ zal ik maar zeggen.

Daar komt deze dame dus weer aan de bal. Zo rond deze tijd werk ik aan wat ik noem ‘de kerstboodschap’. En die is niet op alle gebieden even prettig voor de betrokkenen want ik wordt geacht geen blad voor de mond te nemen en doe dat dan ook niet. En, lastiger voor sommigen, ik wordt geacht maatregelen te treffen om bij te sturen. Dat doe ik dan weer wel. Daar komt dus ‘au’ om de hoek kijken. Zo komen we in een interessante fase in mijn opdracht, eentje die ik eigenlijk altijd erg leuk vindt. Waarschijnlijk omdat adrenaline en dopamine een rol spelen. De kick van het sturen zoals een coureur ervaart die zijn kar door de chicane sleurt. Zo voel ik me nu ook. De chicane is duidelijk en ligt vlak voor me. De komende weken ga ik weer doorheen en zal daarbij de nodige stuurvrouwskunst nodig hebben. Tact heet zoiets geloof ik. Hét punt waarop ik altijd het meeste te leren heb en waar ik dus extra op ga letten. Ergens in januari zal dan voor mijn opdracht (en opdrachtgever) het stof enigszins opgetrokken zijn en een nieuwe betere route duidelijk worden. Misschien dat er wat afgesneden kan worden op het circuit, misschien is er een extra rondje nodig of een extra pitsstop. We zullen wel zien.

In ieder geval is het mij weer eens erg duidelijk geworden: ‘some things never change.’. Veranderen en automatiseren gaat nooit zonder pijn, nooit zonder bijsturen, nooit zonder herplannen, nooit zonder discussie en nooit op de manier die de bedenkers tevoren bedacht hadden. Dat maakt het dat er voor mij wat te doen is in deze wereld. Het automatiseren zelf interesseert me daarbij niet echt meer, wel de manier waarop dat gebeurt door de mensen die daarbij betrokken zijn. Vooral vindt ik het geweldig om te zien hoe sommigen daar in veranderen, opvallen (positief en negatief) en uiteindelijk toch gemotiveerd blijven. Daarom vindt ik dat ik leuk werk doe. En voor diegenen die nog twijfelden: projecten managen gaat niet over methoden maar over managen met plezier, ook bij tegen- en zijwind. Waar over later misschien meer.

Alice © 2008

2 Reacties laat een →
  1. 2009 november 13
    ahmad bijani permalink

    hey
    wij hadden lang geleden deze schilderij op de rommelmarkt gekocht!

    • 2009 november 13

      Grappig. Het jongetje met de traan is zo heerlijk cliché en dus herkenbaar.

Reageer

Note: You can use basic XHTML in your comments. Your email address will never be published.

Abonneer op deze reactie-feed via RSS