Ramses Shaffy

Ieders mens gaat dood aan het leven. De grote Ramses Shaffy, ik hem nooit mogen ontmoeten helaas, ook. Hij is niet meer onder ons in lijf en leden, wel in geest, muziek en woord.

Uitgerekend op de dag dat ik een begin heb mogen maken met de voorbereidingen van mijn droom, een Literair Café in hartje Amsterdam, las ik aan de bar het Parool. Met op de voorpagina het nieuws van zijn overlijden. En, hoewel de tekst van het lied ‘Laat me’ hem en mij op het lijf geschreven is en ik dus niet verdrietig zou moeten zijn om het feit dat de meester van het Nederlandse chanson er niet meer is, ben ik dat toch. Verdrietig. Of misschien is weemoedig een beter woord.

Ik groeide op met op de achtergrond ‘Pastorale’, ‘Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder’ en ‘Laat me.’ Vooral dat lied heeft naarmate ik ouder ben geworden en meer in mijn leven heb meegemaakt een grotere betekenis voor me gekregen. Ik heb er voor gekozen om mij Ramses Shaffy vooral met dat lied te herinneren. Liefst in de uitvoering van hem zelf maar ook uitvoeringen van andere groten als Herman van Veen, Alderliefste (samen met Ramses en Liesbeth List) én Wende Snijders met ieder hun eigen interpretatie tonen de kracht van de tekst van dit lied aan. Een tekst die naar mijn overtuiging nauwkeurig beschrijft hoe Ramses Shaffy leefde. Intens, passioneel, onafhankelijk, eigengereid, krachtig, liefhebbend, groots en meeslepend. Eén van de laatste Bohémiens, ik hoop een beetje van hem geleerd te hebben en in een stukje van zijn schaduw te kunnen staan. We laten je Rames, we laten je gaan.

Met een traan in mijn hart en een rilling in mijn lijf luister ik, luister ik en buig. Diep.

Ik ben misschien te laat geboren,
of in een land met ander licht.
Ik voel me altijd wat verloren,
al toont de spiegel mijn gezicht.
Ik ken de kroegen en kathedralen,
van Amsterdam tot aan Maastricht.
Toch zal ik elke dag verdwalen,
dat houdt de zaak in evenwicht.

LAAT ME, LAAT ME, LAAT MIJ GEWOON MIJN GANG MAAR GAAN.
LAAT ME, LAAT ME, IK HEB HET ALTIJD ZO GEDAAN.

Ik zal m’n vrienden niet vergeten,
want wie mij lief is blijf me lief.
En waar ze wonen moest ik weten,
maar ik verloor hun laatste brief.
Ik zal ze heus wel weer ontmoeten,
misschien vandaag of volgend jaar.
Ik zal ze kussen en begroeten,
het komt vanzelf weer voor elkaar.

(refrein)

Ik ben gelukkig niet veranderd,
soms woon ik hier, soms woon ik daar.
Ik heb mijn leven niet verkankerd,
‘k heb geen bezit en geen bezwaar.
Ik hou van water en van aarde,
ik hou van schamel en van duur.
D’r is geen stuiver die ik spaarde,
ik leef gewoon van uur tot uur.

(refrein)

Ik zal ook wel een keertje sterven,
daar kom ik echt niet onderuit.
Ik laat mijn liedjes dan maar zwerven,
en verder zoek je het maar uit.
Voorlopig blijf ik nog je zanger,
je zwarte schaap, je trouwe fan.
Ik blijf nog lang, en liefst nog langer,
en laat me blijven wie ik ben.

LAAT ME, LAAT ME, LAAT MIJ GEWOON M’N GANG MAAR GAAN.
LAAT ME, LAAT ME, IK HEB HET ALTIJD ZO GEDAAN.
LAAT ME, LAAT ME, LAAT ME

In bewondering,

Alice

2 thoughts on “Ramses Shaffy

  1. Dank je voor de aanvulling Martin. Het is – tussen de vele geweldige liederen van Ramses – voor mij hét lied dat ik met de meester verbindt. Het is ook in mijn leven het Nederlandse – betere – equivalent van ‘My Way’ dat ook maar in de vertolking van één mens écht tot zijn recht kwam.

    Als Ramses een lied aanraakte gebeurde er iets met dat lied. Het werd een entiteit op zich omdat hij het aanraakte op zijn volslagen unieke manier.

  2. Het lied was hem op het lijf geschreven, maar hij scheef het opmerkelijk genoeg niet zelf. De tekst was van Herman Pieter de Boer. Speciaal voor Ramses, natuurlijk.

Reacties zijn gesloten.