Kafka

Henry Kohler, Sweden © 2010 Member of the Brooklyn Art Project

LBIO (Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen): goedemorgen, heeft u een zaaknummer voor me?
ik: ja hoor, nummer ###########
LBIO: dag meneer Verheij.
ik: ik ben mevrouw Verheij.
LBIO: o, ehm, sorry. maar bent u dan A. Verheij?
ik: ja dat ben ik en ik heb geen zin om het weer uit te leggen.
LBIO: wat wilt u weten over deze zaak, u bent toch betrokkene?
ik: ik ben de A.Verheij in uw zaak en ik heb een vraag.
LBIO: zegt u het maar men… eh… mevrouw…
ik: wel eh, kunt u mij uitleggen waarom u naast een beslaglegging dreigt met een incassomaatregel terwijl u weet dat ik een gekorte WIA uitkering hebt en uw beslag hoger is dan het restant van mijn uitkering waardoor ik 242 euro onder de bijstandsnorm ben gekomen terwijl u op de hoogte bent van mijn lasten en inkomen?
LBIO: eh, nee want uw zaakbehandelaar is er niet.
ik: en u kunt dit niet uitzoeken?
LBIO: nou nee, want de zaak is bij hem onder behandeling.
ik: wanneer is hij er wel dan?
LBIO: dat weet ik niet. Ik geloof dat hij vanaf 1 maart weer 2 dagen werkt per week.
ik: het is nu 18 februari en het is wat ongelukkig als ik zolang moet wachten.
LBIO: tsja dan kunt u maar beter alle bewijsstukken naar ons sturen in ieder geval.
ik: dat heb ik al gedaan maar niks gehoord behoudens dus die beslaglegging. Daarom bel ik.
LBIO:
o. Moment ik raadpleeg even mijn collega.
<wachttijd>
LBIO:
bedankt voor het wachten me..vrouw. Tsja eh we weten niet precies wanneer uw zaakbehandelaar weer terug is en ik heb geen inzicht in uw volledige dossier. U zult toch tot 1 maart moeten wachten.
ik: ik geloof niet dat ik dit fijn vind. Weet u dan tenminste op welke dagen mijn zaakbehandelaar werkt na 1 maart?
LBIO: nou eh nee want dat is nog niet bekend.
ik: kan hij mij dan bellen zodra hij er weer is.
LBIO: dat doen wij niet dus u zult zelf met ons moeten bellen.
ik: tegen die tijd is mijn telefoon afgesloten. Kan ik dan langskomen misschien?
LBIO: tsja dat is lastig voor u maar langskomen kan niet want wij ontvangen geen cliënten.
ik: wat raadt u mij dan aan?
LBIO: in ieder geval de stukken opsturen.
ik: wat ik dus al gedaan heb?
LBIO: eh, tsja. dan weet ik het ook niet meneer.
ik: zal ik dan maar een boze brief schrijven met een verzoek tot het aanwijzen van een andere zaakbehandelaar?
LBIO: u bent wel lastig hoor. Het heeft geen om de hakken in het zand te zetten hoor. Stuurt u nu maar die bewijsstukken op.
ik: jaja, die had ik al gehoord hoor. Maar hoeveel kopieën wilt u hebben want dan stuur ik wel een doosje in vijftigvoud of zo.
LBIO: nou nou, u hoeft niet cynisch te worden hoor.
ik: oh sorry maar dat overkomt me weleens bij sommige gesprekken met sommige instanties die me het leven onmogelijk maken. Heel vervelend voor u natuurlijk. Weleens van de Ombudsman gehoord?
LBIO: ik geloof dat het geen zin heeft dit gesprek met u voort te zetten.
ik:
dat was mij al na drie antwoorden duidelijk mevrouw. Goedemorgen overigens. U hoort nog van mij… of niet.
LBIO: dag meneer Verheij.
<klik>

Gek genoeg twijfel ik ineens over het inzetten van kneedbommen, SCUD raketten (kent u die nog, die waren populair een tijdje terug), het inhuren van Osama Bin Laden of toch maar een briefje met transcriptje naar die Ombudsman sturen.

ik: Kafka, Kafka, ben je er nog?
Kafka: Da.
ik:
Nu begrijp ik je.
Kafka:
Ha.

Zo, tijd voor koffie. Enne, als u lezer mocht denken dat dit slechts een komische scene is dan moet ik mijn excuses maken. Dit is een transcriptie van het werkelijke gesprek. Het is maar goed dat ik niet cynisch ben. Of verbitterd. Of boos.

Alice Verheij © 2010

5 thoughts on “Kafka

  1. Belachelijk… Mijn zus heeft ook ooit zoiets gehad – een heel geduvel, kost verschrikkelijk veel energie om dit soort puinzooi weer op de rails te krijgen. En laat je die energie in z’n algemeenheid nu eens voor nuttiger dingen nodig hebben…

    Succes/sterkte gewenst.

    Frederique

    • Tsja ach. Gedoe vooral. En tijdelijke geldnood. Allebei niet leuk maar wel te overleven. Het is allemaal wel vermoeiend en inderdaad ik heb wel nuttiger dingen waar ik mijn energie in moet en wil steken. Het is gewoon een hoop gezeik bij elkaar. Dat zo’n call (center) girl het voor mekaar krijgt om te meneren is nog tot daar aan toe (hoewel eigenlijk is dat gewoon onbeschoft) maar dan een overheidsdienst zijn best doet om vooral niet bereikbaar te zijn vind ik toch wel de bloody limit.
      Niet dat ik me daar nu echt over opwind hoor. Adem in… adem uit… adem in… adem uit… tel tot tien met mijn handen in mijn zakken: een… twee… drie… vier… vijf… zes… zeven… acht… negen… tien… en………. relax. Pfffffffffffffff.

  2. Het is bijna grappig-ware het niet dat het de nare werkelijkheid is. Ik zou inderdaad de Ombudsman inschakelen.

  3. Gelukkig ben ik zelf natuurlijk knettergek dus is er wel sprake van immuniteit naast de kinderlijke verwondering over de rare werkelijkheid…

Reacties zijn gesloten.