Matthijs Ratelband

Zijn pose is typerend. Met de billen op de het puntje van zijn stoel, het bovenlichaam iets naar voren gekanteld, het hoofd enigszins ingetrokken in zijn schouderpartij. Handen gevouwen met de ene hand als vuist in de andere, de ogen recht in de camera gericht met een priemende blik. Matthijs van Nieuwkerk in aanvalshouding, als een kat vlak voor de sprong naar een muis die in zijn geval in de camera verstopt lijkt te zijn en bestaat uit het kijkerspubliek van De Wereld Draait Door. Eenmaal het startschot gelost ratelt de presentator in een niet aflatende stroom woorden uitgesproken met een ongeëvenaard staccato op hoog tempo de tekst de oren binnen van de vermoeide kijkers. Het tempo zo hoog dat de spraakverstaanbaarheid er zo ernstig onder lijdt dat zodra hij uitgesproken is de kijker enkele seconden of meer nodig heeft om de tekst te laten uitgalmen in de hersenpan. Niet zelden duurt het nog enkele minuten totdat die tot dan argeloze kijker bekomen is en de informatiestroom met Matthijs’ hoge bitrate heeft kunnen verwerken tot een min of meer begrijpelijk geheel. Deze zal daarbij overigens veel van het gezegde absoluut niet kunnen reproduceren en de kans op het missen van enkele van de geschetste verbanden tussen de woorden en zinnen is maximaal.

Matthijs is net als die rare Ratelband iemand die als een lawine over de kijker of luisteraar rolt en die ondersneeuwt in een nauwelijks meer te overziene brij van klanken die in werkelijkheid bestaat uit woorden, verhaspelingen en zinnen. Zelden een volzin, doorgaans een soundbite. Matthijs is de verpersoonlijking van de soundbite, zijn houding heeft ook de bij een beet horende agressiviteit naar de camera in zich.

Ik ben geen liefhebber van presentatoren die zoveel tekst nodig hebben om iets eenvoudigs te vertellen dat ze het spraaktempo tot extreme hoogte opvoeren teneinde al die tekst er uit te stoten. Less is more is zo slecht nog niet als het om presenteren gaat. Matthijs’ zijn teksten zijn bepaald niet geweldig, veel van de ogenschijnlijke informatie is in wezen non-informatie en heeft veel weg van die paar extra krullen die een barok meubel tot rococo meubel maken. Te overdadig zal ik maar zeggen. Matthijs past in de tijd want hij is presentator die geselecteerd lijkt te zijn op zijn beats per minute in plaats van zijn gebalanceerde uitstraling. Veel gasten – en zeker de meeste vrouwelijke gasten valt mij op – komen niet aan bod bij deze woordenridder aan tafel. Want Matthijs is niet alleen een neurotisch prater maar ook nog eens een presentator die zichzelf zo graag lijkt te horen dat hij zijn best doet om de gasten vooral zo min mogelijk aan het woord te laten. Een zin volledig uit kunnen spreken is er niet bij want Matthijs kapt al na enkele woorden de tekst van zijn gasten af. In niet al te ver verleden vonden we dat onbeschoft en bot en er zijn mensen die net als ik dat eigenlijk nog steeds vinden. Maar niet de huidige televisiemakers, die lijken niet anders te willen want Matthijs is niet de enige presenterende botterik. Jeroen Pauw kan er ook wat van, met of zonder Paul Witteman aan zijn zijde, hij lijkt er net als Matthijs een duivels genoegen in te scheppen zijn gasten het woord te ontnemen. Daarbij alle vormen van welsprekendheid en wellevendheid vergetend of negerend.

Het is een stijl van televisie journalistiek die veel overeenkomsten vertoond met stand up comedy. Lach of ik schiet. De consument mag de presentator ondergaan, niet meer dan dat want de macht is in handen van de uitsluitend zendende presentator. Luisteren, gedachten laten ontstaan, wegen, wikken en dan reageren, het is er allemaal niet meer bij. De wijze van interviewen en het gesprek leiden is vooral gebaseerd op de razendsnelle interpretatie van het door de gasten gezegde waarbij er vooral snelle conclusies moeten worden getrokken, of die nu juist zijn of niet. Dat daarmee meer dan regelmatig de plank misgeslagen wordt lijkt niet belangrijk te zijn. De kijker is dat immers bij de volgende interruptie al weer vergeten.

Ik zal wel een ouwe zeur zijn maar in alle eerlijkheid, het lukt me niet om DWDD of PenW geheel uit te kijken. De eerste omdat ik zo geïrriteerd raak door Matthijs Ratelband dat ik hem het liefste door het flatscreen zou trekken om hem een  prop in de mond te douwen en een paar draaien om de oren te geven en de tweede omdat ik Jeroen Pauw het liefste een keiharde trap in zijn krius zou willen geven want een seksistischer presentator als ‘womanizer’ Jeroen ken ik niet. De griezel schept er een onverholen genoegen in om vrouwelijke gasten te kleineren en ridiculiseren. Dat hem dat nog niet op een in zijn gezicht gesmeten glas water is komen te staan verbaasd me nog altijd.

Ach Sonja, waar ben je nou toch? Waarom heb je ons niet iemand nagelaten die op een normale manier een gesprek kan voeren op tv zonder dat ik als kijker er doodziek van wordt?

Alice © 2010