De onbetaalbaarheid van de zorg in Nederland

Vrij recent heeft de demissionaire minister Klink van Volksgezondheid een aantal bezuinigingen aangekondigd die de hoge kosten van de zorg in de hand moeten houden. De maatregelen bestaan uit het afschaffen van de vergoeding voor AWBZ hulpmiddelen als krukken en rollators, afschaffing van de vergoeding voor de anticonceptiepil en ga zo nog maar even door. Al met gaat het om vermagering van de zorg waarbij je je mag afvragen of deze minister eigenlijk wel de belangen van een goede gezondheidszorg bevordert of dat hij nu juist die zorg de nek om draait. Los van het feit dat de kamer de minister laat wegkomen met deze controversiële maatregelen (wat een politieke schande is) slaat deze minister met zijn aanpak de plank ook nog eens ernstig mis. Zijn bezuinigingen leiden immers tot ernstige kostenverhogingen elders.

Wat Klink niet doet is het basissysteem van de zorg, het vergoedingenstelsel, zelf aanpakken. Hij zoekt de bezuinigingen uitsluitend aan de vergoedingenkant van dat stelsel door middel van het inperken van die vergoedingen. Een aanpak die op de lange termijn niet vol te houden is zonder ernstige schade aan te richten aan de volksgezondheid omdat noodzakelijke zorg niet vergoed wordt en wellicht ook niet meer afgenomen wordt. Bijvoorbeeld verregaande inperking van vergoeding voor tandheelkundige zorg bij jongeren leidt gegarandeerd tot een algemene verslechtering van de gebitten van onze kinderen op de wat langere duur. Het aantal tandartsbezoeken door die groep zal verder afnemen als direct gevolg van die maatregel, daarvoor hoef je geen wetenschapper te zijn om dat te begrijpen. De hogere kosten op latere leeftijd spreken voor zich.

Het niet vergoeden van krukken en rollators is een slag in het gezicht van de ouderenzorg. Het gaat immers om zeer breed ingezette middelen die ouderen nog enige mobiliteit geven en gezien de algemene inkomenspositie van de ouderen in dit land is het ontnemen van die vergoedingen niet slechts een financiële ingreep maar staat die in veel gevallen gelijk aan het ontnemen van de mobiliteit van die ouderen. Financiële beenamputatie dus.

Zo wil Klink ook de pil uit het pakket. Nu is het zo dat die pil in het pakket voor twee zaken aan de orde is. Er is een (groeiende) groep vrouwen die op medische indicatie de pil slikken. Hormonale onbalans heeft grote gevolgen voor het welzijn van vrouwen en de pil blijkt een adequaat middel te zijn om die onbalans te bestrijden. Hierdoor zijn veel vrouwen door het slikken van de pil geholpen. Maar ook voor die groep wil Klink de pil uit het pakket hebben wat een bizarre actie is omdat je dan net zo goed andere hormoonpreparaten uit het pakket kunt halen. Voor alle duidelijkheid: het menselijk hormoonsysteem is een uiterst complex en gemakkelijk te verstoren systeem waarbij onbalans zich op allerlei vlak uitdrukt. Van PMS tot obesitas als gevolg van schilklierproblemen om maar eens paar voorbeelden te noemen. De pil uit het pakket betekent voor al deze groepen het afschaffen van de vergoeding voor noodzakelijke medicijnen.

Maar de pil zit ook om andere redenen in het pakket. De pil zorgde er voor dat vrouwen de controle kregen over de conceptie. Die controle is een uitvloeisel van de emancipatie van de vrouw en puur op biologische grond een terechte controle want het is de vrouw die de vrucht draagt en de zwangerschap en bevalling ondergaat. Het is de vrouw wiens lichaam bij ongewenste conceptie een aanslag te verduren krijgt waar ze zich niet tegen kan verzetten. De pil uit het pakket betekent een verhoging van het aantal ongewenste zwangerschappen (en dan heb ik het niet eens over de gevolgen van verkrachtingen) met als gevolg een stijging van het aantal abortussen. Die effecten brengen grote medische kosten met zich mee en dus zal vanaf grofweg een maand of vijf na afschaffing van de vergoeding voor de pil het zorgsysteem geconfronteerd gaan worden met een kostenstijging om de gevolgen van ongewenste zwangerschappen te beperken of weg te nemen. Het zorgstelsel is immers op dit punt een communicerend vat. Vergoeding weg op het ene punt betekent vrijwel automatisch steiging van kosten op een ander punt.

Wat Klink eigenlijk had moeten doen is het zorgstelsel aanpassen naar een economisch volwassener en goedkoper stelsel. De werkelijke kostenstijgingen (en dus het bezuinigingen potentieel) zitten immers niet zozeer in de AWBZ kosten en de kosten voor medicijnen zoals vaak wordt beweerd maar zijn eerder te vinden in de werking van het systeem zelf. Het systeem zelf is extreem duur in uitvoering. De kosten voor handelingen die niet medisch van aard zijn maar die wel drukken op de begroting zoals overmatige administratie en vercommercialisering van de zorg worden niet aangepakt door Klink (een simpel briefje van een huisarts wordt doorberekend als een duur half consult bijvoorbeeld). Er wordt niets gedaan om de administratieve loden last voor medici te beperken. Er wordt niets gedaan in het terugdringen van de commercie die naar zijn aard een winstoogmerk geïntroduceerd heeft in de zorg. De constructie waarin ziekenhuizen als bedrijfsverzamelgebouwen een woud aan bedrijfjes huisvest, van artsenmaatschappen tot catering en schoonmaak met als gevolg prijsonderhandelingen, contractadministratie, verrekensystemen en ga zo maar door, is een uiterst kostbare (gebleken). Als dat allemaal weggedacht zou worden en artsen, keuken, schoonmakers, loonadministratie en ga zo maar door weer gewoon op de payroll van het ziekenhuis zouden staan zouden de totale bedrijfskosten van ziekenhuizen ernstig afnemen. En daarmee de financiële druk op het zorgsysteem. Dat geldt niet alleen voor ziekenhuizen maar ook voor allerlei andere zorginstellingen.

Natuurlijk is Klink er de minister niet naar om op die manier tegen het zorgstelsel in Nederland aan te kijken. Immers, commercie en de private economie zijn goed volgens de inzichten waarmee Klink is opgevoed en met hem velen in de politiek. Dat inmiddels duidelijk aan het worden is dat in vele sectoren van de maatschappij dat dogma, want dat is het, blijkt onjuist te zijn is nog niet doorgedrongen tot Klink, de demissionaire regering en de partijen die van die regering deel uitmaken. De misstanden in de financiële sector, de telecom- en energiesector en de ICT hebben hun spiegel gevonden in die in de zorg. De politiek antwoord met inperking van de diensten, overheveling van de bedrijfsvoeringsproblemen naar de burger die de financiële en praktische gevolgen moet dragen en verschraling van het aanbod. In die zin is de zorg in Nederland een sector die voorop loopt helaas.

Maar Klink en zijn ambtenaren leven in een oud economisch model en kunnen alleen van daaruit denken en regeren. Het besef dat het systeem op de lange duur zichzelf op zal blazen is er niet. De gevolgen worden zichtbaar na Klink en volgende ministers en kabinetten mogen de rotzooi opruimen, tegen hoge kosten ongetwijfeld. Vooralsnog echter is het de burger die getroffen wordt door de onzinnige en schadelijke maatregelen zoals die in het bezuinigingspakket van Klink aan de orde zijn.

Alice Verheij © 2010