Onderschrift.

foto: Alice Verheij, © 2010

Ze liep het strand op. Vanaf de hoogte van de duinen de trap af. De twee platformen passerend voor ze beneden was. Links Rotterdam, rechts Scheveningen. Voor haar de woestijn van het aangewassen zand en de eindeloze vlekkeloze en o zo gladde zee. De wind deed niet mee vandaag. Haar hondje trok aan de lijn. Terwijl de meeste van haar vriendinnen ongetwijfeld een spurt naar de zee getrokken zouden hebben had zij daar geen behoefte aan. Rustig liep ze met de jonge springerige hond naar de vloedlijn. Loslaten mocht niet en in dit jaargetijde werd er extra op gelet door de strandwachten.

Na eerst tussen de badgasten doorgelopen te zijn weifelde ze even. Misschien had ze beter zwemkleren mee kunnen nemen bedacht ze zich. Jonas trok aan zijn riem. Jonge honden hebben geen geduld. Jonas wilde zwemmen of in ieder geval kijken wat die grote rommelende plas water voor leuks in petto had. Nog een paar weken maar, dan zou de vakantie er weer op zitten en een volgend jaar beginnen. Ze liet zich door de hond mee de branding in trekken zoals hij dat iedere dag had gedaan in de afgelopen weken. Ze was nu wel gewend aan de eerste huivering als ze het water in liep. Zo aan het eind van het seizoen was het water wel fris maar niet koud meer.

In een ooghoek zag een vrouw staan van middelbare leeftijd die met plezier het schouwspel bekeek, de camera losjes over de schouder. Ze moesten allebei lachen om de hond die zo graag het water in wou om er dan ook zo snel mogelijk weer uit te willen.
‘Het zijn net mensen he?’ zei de vrouw.
‘Hoezo mevrouw?’
‘Ach ze springen maar een eind weg en ze weten niet wat ze willen.’
Ze lachte instemmend.
‘Mag ik een foto van jullie nemen? Ik maak graag foto’s van mensen. Gewoon omdat ik dat leuk vindt.’
Even keek ze de vrouw aan, weifelde een kwart seconde en zei toen dat ze dat wel goed vond.
De vrouw zocht even een geschikte hoek voor de foto, drukte af en lachte haar toe.
‘Bedankt he. Het is een schatje hoor.’
De hond kreeg even wat aandacht en een aai over de kop.
‘Nou een fijne dag nog hoor, veel plezier.’
‘Dag mevrouw.’
Ze draaide zich om en liep met de huppelende hond verder langs de kust naar het noorden, de vrouw glimlachend achter latend.

Alice Verheij © 2010

One thought on “Onderschrift.

Reacties zijn gesloten.