Novemberstorm

Ik ben vannacht niet in mijn bed gebleven
maar zocht naar mijn moeder in de zee.
Ze riep me, schreeuwde me, geselde me,
tot ik haar schuimend daar zag staan.

Om dan de wind te voelen, zand, zout
de angst in mijn borstkas bij elke vlaag.
Langzaam vormde de draak zich in mij,
kroop onder mijn hart, stookte het vuur.

Ademtochten lang overgeleverd aan jou,
jouw adem, jouw zoute bloed, jouw kracht.
Een bulderend monster ben je op soms maar
enkele stappen van me af, lonkend, lokkend.

Zout spuug, jouw koude zwarte golven
op mijn gezicht als een slijmerige slak
vermengd met zand huidcellen schurend
de rimpels in mijn voorhoofd moeten weg.

Even ben ik met mijn voeten in je gegaan
bang als ik ben jou weer kwijt te raken.
Maar toen je aan me trok, mij eten wou
toen ik geen weerstand bood, ben ik gevlucht.

Om verkleumd en nat een lange hete douche
te nemen en de draak in mij in slaap te sussen.
Mama zee, jij wreed water met je kille wind
het is je ondanks alles toch niet gelukt.

Mijn monster rust nu terwijl jij buiten buldert.
Ze slaapt, getemd, gevoed, tevreden gesteld
in mijn bed, met mijn angst, mijn lief.
en van jou heb ik uiteindelijk weer gewonnen.

Alice © 2010

One thought on “Novemberstorm

Reacties zijn gesloten.