Juridische geslachtsverandering en het gebrek aan aandacht in politiek Nederland.

Al jaren wordt er een stil gevecht gevoerd door transgenders voor een eenvoudige en menswaardige mogelijkheid tot juridische geslachtsverandering. Politiek onvermogen, politieke laksheid en gebrek aan een sterke maatschappelijke basis van transgenders hebben tot op heden tot resultaat gehad dat er geen positief resultaat geboekt is. Als het goed is komt daaraan nog dit jaar een einde. Althans er lijkt telkens weer aanleiding dat te mogen hopen. Een hoop die even zo vaak ook weer de grond in geboord wordt.

Transgenders moeten, willen zij hun geslacht juridisch aanpassen, op basis van een archaïsche wet aantonen dat zij onvruchtbaar zijn. Het is daarmee de enige groep waarvan de Staat eist dat zij zich vrijwillig laten steriliseren. Los van het feit dat die sterilisatie een onontkoombaar gevolg is van de medische behandeling van transseksuelen is dat een eis die de wetgever niet mag stellen op grond van internationale verdragen als het Internationale verdrag van de Rechten van de Mens. Daarnaast verlangt ook de Europese Gemeenschap dat de lidstaten dergelijke weten buiten werking stellen. De Nederlandse overheid en de politiek die haar aanstuurt is als het om het buitenwerking stellen van die wet gaat echter uitermate laks geweest. Voor de niet transseksuele transgenders die hun juridische geslacht gewijzigd willen zien houdt de huidige situatie een keuze in tussen acceptatie van een in hun ogen verkeerde geslachtsaanduiding of het volgen van de medische route tot geslachtsverandering en het zich daarbij onderwerpen aan een wet die eist dat je je fysieke integriteit laat aantasten met als gevolg het ontnemen van de mogelijkheid om kinderen te krijgen. Een situatie die uit ethische overwegingen in Nederland zelfs aan de zwaarste zedendelinquenten niet wordt opgelegd. In het kader van gelijke behandeling van burgers dunkt me een misstand van enorm formaat.

Ten tijde van het aantreden van het laatste kabinet Balkenende in 2005 werd er door verschillende ministers toegezegd aan deze situatie binnen die kabinetsperiode een eind te maken. Ministers als Plassterk (projectminister Emancipatiezaken) en Klink (Volksgezondheid) zegden toe dat deze ongewenste situatie tot een einde zou komen. Daarnaast werd op grond van de ‘homonota’ van dat kabinet Transgender Netwerk Nederland (TNN)  opgericht met als doel meer inzicht en bekendheid te geven aan de problemen van transgenders in Nederland. Daarmee werd deze kersverse maar minimaal uitgeruste organisatie de gesprekspartner van ambtenaren en Tweede Kamer commissies die over dit onderwerp gaan. Een aanpassing van de wet kwam in de pen.

Maar ondanks vele toezeggingen is de wetswijziging niet tot stand gekomen. Zelfs een reprimande van Hammelberg (Europees commissaris voor de Mensenrechten) in 2009 mocht niet baten. De ambtenarij verviel in opperste traagheid en de politieke partijen hadden zonder uitzondering onvoldoende aandacht om de zo gewenste en noodzakelijke verandering tot stand te brengen. Inmiddels is dat kabinet gevallen en is er na lange tijd een ander kabinet aangetreden die het onderwerp wederom in de schoot geworpen krijgt. En dus is er weer een commissievergadering, deze keer van Justitie en Veiligheid, waarin een brief behandeld wordt van TNN waarin aangedrongen wordt op behandeling van de gewenste wetswijziging voor het zomerreces dit jaar. De aanleiding is de toezegging van staatssecretaris Teeven in februari dat aan de huidige situatie een einde moet komen. Mocht het zo zijn dat die wetswijziging daadwerkelijk voor de zomer behandeld wordt dan hebben we het dus over een uitgestelde behandeling van dit onderwerp twee jaar na dato. Immers in het voorjaar van 2009 zou dat wetsvoorstel al in de kamer moeten komen maar juist in die periode viel het kabinet Balkenende.

Dat er niet meer druk op het proces van wetswijziging is gekomen komt doordat de transgenders in Nederland niet in staat zijn een maatschappelijke vuist te maken. De redenen daarvoor zijn veelvuldig en vaak van (groeps)psychologische aard. Een fors deel van de betreffende groep wil immers niet met de eigen identiteit zichtbaar zijn omwille van het risico van ridiculisering en discriminatie (in die zin heeft een deel van de media jarenlang een zeer bedenkelijke rol gespeeld), een ander deel van de groep zit in de positie dat ze al blij zijn als er enige zorg geleverd wordt en wil dat niet in gevaar brengen door al te nadrukkelijk naar voren te treden en nog een ander deel van de groep vertrouwd op de lobbyisten uit eigen kring en de belangenorganisaties als TNN en COC. Ten slotte is er nog een deel die het probleem simpelweg zelf niet belangrijk genoeg vindt. Al met al moet vastgesteld worden dat transgenders in Nederland als het gaat om het opkomen voor eigen rechten en volwaardige zorg ongeëmancipeerd zijn. Het blijkt nauwelijks mogelijk om de eigen groep te mobiliseren voor zelfs een strijd voor de eigen fundamentele burgerrechten die voor deze groep helaas nog aan de orde is.

Het is om dit complex aan redenen dat tot op de dag van vandaag transgenders in Nederland in een achterstandspositie leven, zowel juridisch als voor wat betreft de zorg. Inmiddels is het zelfs zo dat voormalig voorloper land Nederland in internationaal verband in de achterhoede is terecht gekomen. Landen als het Verenigd Koninkrijk, Spanje, Portugal en zelfs een land als Nepal hebben inmiddels aanmerkelijk vrijere wetgeving als het om de juridische status van transgenders gaat. Het aantal westerse landen dat nog steeds wetgeving in stand houdt waarin de mensenrechten rechtstreeks geschonden worden neemt nadrukkelijk af. Nederland echter blinkt uit door traagheid en politieke desinteresse.

Vanmiddag kwam die Tweede Kamer commissie bijeen en op de agenda stond de TNN brief. De brief werd niet met name genoemd en verdween in de berg brieven waar men geen opmerkingen over had. Of het moest de laatstegenoemde en laatsgenummerde brief 45 zijn waarvan men ‘akte nam’. Tsja, misschien zou zo langzamerhand een andere tactiek gevolgd moeten worden om mensenrechtenschending in Nederland aan de kaak te stellen. Toch maar buitenparlementair actie voeren dan?

Alice Verheij © 2011

Over de auteur: Alice Verheij is een transseksuele schrijfster, documentaire maakster en activiste die er voor gekozen heeft haar juridische geslachtsaanduiding niet te laten wijzigen zolang de bestaande wet van kracht blijft. Daarmee een statement makend tegen de mensenrechtenschendende praktijk van de Nederlandse wetgever.

5 thoughts on “Juridische geslachtsverandering en het gebrek aan aandacht in politiek Nederland.

  1. Tsja. Ook de Femnet/Groen Links discussie van afgelopen zaterdag leverde eigenlijk niets op. Of het moest godbetert de opmerking zijn van een stel ‘gestudeerden’ dat het maar onderzocht moest worden. Rot op! Onderzoeken? Wat dan? Alles weten we toch allang? Er wat aan doen, dat moet gebeuren.
    En dat panellid dat meerdere malen uitsprak dat toch geen probleem is kan wat mij betreft linea recta retour rode flikkers waar die vandaan kwam. Weer zo’n homoman die over ons lult en de boventoon voert maar zelf de pijn en ellende niet kent. Gadverdamme!
    Dus ook Groen Links: doe iets en lul niet zoveel!

  2. Jochem,
    ik heb mij een aantal keren aangeboden als lijdend voorwerp in een proefproces. Nooit op ingegaan. Als ik de financiële middelen had zou ik ook zeker een proefproces gaan volgen want ik voelde aan alle criteria die van toepassing zouden kunnen zijn. Maar ja, geld is iets wat er niet is en dat is dus de belemmering.
    groet,
    Alice

  3. Een oplossing zou kunnen zijn dat er een transgender op staat en een proces tegen de staat der Nederlanden gaat voeren. Zodat er iets vergelijkbaars gebeurt als vorig jaar rondom Justus Eisfeld en zijn bul.
    We hebben dit soort voortrekkers hard nodig, maar slechts weinigen zien zo’n rol zitten. En dat kan ik me goed voorstellen, want het kost veel tijd, geld en energie. Weinig transgenders en transseksuelen hebben dat in overvloed, als ze in hun transitie zitten.

  4. Hoi Sophie,

    nee. Het zal niet gaan als bij de naamswijziging omdat er sprake is van een oplossing waarbij de gang naar de rechtbank volledig vervalt maar je gewoon naar de Burgerlijke Stand kunt gaan.
    Verder weet Gent dondersgoed wat de procedure in Nederland is, de reactie is gespeeld.
    Verder zie ik niet de verbinding met naamswijziging, het punt is nu juist dat die zaken uit elkaar getrokken worden. Overigens is in de naamswijzigingprcedure er geen sprake van dat er aanvullende bewijstukken nodig zijn als de initiële brief goed opgesteld is.

    groetjes,
    Alice

  5. Wederom een trieste constatering van de ambtenarij in regeltjesland Nederland.
    Begint echter de hele ellende al niet bij de naamswijziging? Ook hier overdreven ambtenarij en continu aanvullende verzoeken van de rechtbank om toelichting en bewijsmateriaal. Met bijbehorende evenredig oplopende kosten. Dat zal, ook wanneer het wetsvoorstel ooit mocht worden goedgekeurd, voor geslachtswijziging niet anders zijn. Denk ik dan maar even pessimistisch.
    Gisteren sprak ik het hoofd van het genderteam in Gent. Die was not amused dat ik mijn naam nog niet officieel had laten wijzigen. Dat is in Belgie gebruikelijk, en wordt gezien als een essentieel punt in de rolomkering. En ik had de hiervoor benodigde verklaring tenslotte gekregen. Daar blijkt dat een formaliteit, hier helaas allerminst. Waarom eigenlijk?

Reacties zijn gesloten.