Gevlucht, gered?

Het zal 2013 geweest zijn. Mijn vader was in dienst van de overheid. Hij zat in het leger zoals veel van de mannen uit onze stad in het leger werkten. Harderwijk was immers een stad geworden en aan de rand lagen legerplaatsen. Landmacht. Vierentwintig was ik, mijn studie was nog niet afgerond. Politicologie aan de UvA in Amsterdam deed ik en ik had het er naar mijn zin, hoewel de laatste jaren de stad zoveel truttiger was geworden.

Het was begonnen met een verbod op het dragen van hoofddoekjes omdat sommigen dat een religieus kledingstuk noemden. En dat mocht niet meer. Gevolg van de politiek van de vazallen van de koning. De nieuwe koning want de oude koningin was teruggetreden. Het verschil tussen de oude koningin en de nieuwe koning was al snel duidelijk. Nederland werd vooral Holland en alles wat niet Holland was telde automatisch minder mee. Friesland, Groningen, Drente, Overijssel, Gelderland, Brabant en Limburg, het waren allemaal achtergestelde gebieden terwijl toch juist daar het meeste voedsel geproduceerd werd. De provincies waren rijker geworden en hadden vastgehouden aan hun cultuur en taal. Het was zelfs weer in de mode geraakt om traditionele kleding te dragen die honderd jaar eerder gewoon was daar. De Hollanders vonden het maar niets.

De randstad werd afgeschaft door de koning en Noord Holland en Zuid Holland  werden samen met Flevoland, Utrecht en Zeeland samengevoegd tot ‘Holland’. Dat het historisch niet allemaal klopte maakte niet zoveel uit. Het ging er om dat er Holland was en de rest van het land. Holland en Niet-Holland. Niet lang daarna werden de ‘dialecten’ zoals onze eigen taalvarianten genoemd werden afgeschaft. Op de scholen werd alleen nog maar Hollands gesproken. Nog weer later mochten we ook de traditionele kleding niet meer dragen, te beginnen met het hoofddoekje dat sinds een aantal jaren weer in de mode was gekomen. De stadse kleding uit Holland werd verplicht gesteld. Er kwamen schooluniformen op de scholen en er werd op gelet dat we ons niet anders kleedden. Bij overtredingen kregen we eerst waarschuwingen en toen boetes. En toen dat niet hielp werden we soms opgepakt. Het werd gevaarlijk om naar Amsterdam en Den Haag en Rotterdam te gaan en traditionele kleding te dragen. Achterhoeks, Fries of Limburgs praten konden we beter ook maar niet doen.

Sommigen van ons pikten het niet dat we zo achtergesteld werden en zochten hun heil over de grens in Duitsland en zelfs België dat de kant van Frankrijk had gekozen en ingelijfd was bij het machtige land. Vlaanderen was Frans geworden en veel Vlamingen waren naar Holland gegaan. Ik denk dat de koning en zijn vazallen geschrokken waren van wat er in het zuiden was gebeurt. Misschien ook dat dat de reden was achter de onderdrukking van alles wat ons in het oosten en zuiden eigen was. In de jaren na 2011 was het allemaal erger geworden. De wet werd gewijzigd en gemengde huwelijken werden niet meer toegestaan. Trouwde je met een niet Hollandse dan werd haar en je latere kinderen het paspoort afgenomen. Ze waren geen Hollanders meer.

In 2012 werd de naam Nederland afgeschat ten gunste van de naam Holland, ondanks hevige protesten in het oosten en zuiden. En toen begon het pas echt. De kledingopstanden werden onderdrukt en sommigen vluchtten weg. Toen enkelen velen werden pakte de regering onder leiding van de koning dat aan als reden om het leger de steden en dorpen in het noorden en oosten in te sturen op zoek naar mensen van ons die getrouwd waren met niet Hollanders. Langzaam maar zeker verdwenen steeds meer vrienden en familie naar het oosten. De grens over. Er kwamen verhalen dat het leger en de politie soms mensen documenten liet tekenen dat ze afstand deden van hun staatsburgerschap en het land vrijwillig zouden verlaten. Naar Duitsland. In oktober 2012 ontstond zo het eerst vluchtelingenkamp, net over de Rijn bij Keulen. ’s Nachts waren een paar honderd mensen door het leger de grens over gezet en richting Keulen gejaagd.

Vanaf dat najaar in 2012 tot eind 2013 vluchtten er steeds meer mensen de grenzen met Duitsland en Belgisch Frankrijk  over. Frankrijk had door de economische crisis geen geld om de stroom mensen op te kunnen vangen en dus werd iedereen die naar het zuiden ging opgejaagd richting Duitsland. Na twee jaar leefden we met wel vier miljoen mensen in grote vluchtelingenkampen langs de grote rivieren in Duitsland en op de hoogvlakte van de Ardennen, zuid oostelijk van Keulen.

En in 2013 was ons gezin aan de beurt. We hadden het zien aankomen. Mijn ouders bleven in het land want die waren te oud om een bedreiging te zijn voor de Hollanders. Maar ik en mijn broers en zussen, we waren met vijf, waren jong genoeg om te vertrekken. Zelf moest ik vluchten achtervolgd door de politie want ik had pamfletten uitgedeeld op de UvA en later op de VU. Ze waren het te weten gekomen en al snel hadden ze achterhaald dat ik er achter zat samen met nog twee studenten. In de nacht zijn we de grens over getrokken en naar kamp Vogelensang gegaan in de Eiffel. Het was een lastige tocht want overal in wat vroeger Nederland was werd gecontroleerd en omdat alle auto’s voorzien waren van apparatuur om die te volgen moesten we op de fiets gaan. De hele nacht zijn we door gefietst om uiteindelijk voormalig België in te trekken. Twee dagen later waren we opgepakt en naar Vogelensang gebracht. We waren er in ieder geval veilig en buiten bereik van de Hollanders.

Het is nu twaalf jaar later, de koning regeert nog steeds met harde hand en een flink deel van het oosten en zuiden is ontvolkt. Er was ‘ruimte’ nodig en de Hollandse cultuur mocht niet ten onder gaan. ‘Eén land, één volk’ werd het beleid genoemd. Iedereen moest Hollander zijn en taal en gewoonten uit de grote steden aannemen. Degenen die het niet deden werden onderdrukt, gevangen genomen, mishandeld, verkracht en soms vermoord. De totale bevolking was afgenomen tot veertien miljoen. De rest was niet Hollands naar de mening van de koning en de regering en het land uit gedreven. En de koning en de regering konden ongestoord hun gang gaan. Andere landen hadden soms wel kritiek maar er werd niet ingegrepen. Sinds aardolie minder gebruikt werd en er veel meer aardgas in het land was aangetroffen was er belang bij om Holland te vriend te houden. Energie was immers van groot economisch belang.

Duitsland was verarmd en dus werd geprobeerd om ons weer naar Holland terug te krijgen maar de Hollanders weigerden die ‘Duitser’ en ‘Fransen’ zoals we genoemd werden terug te nemen. We werden terroristen en criminelen genoemd. Bij de laatste volkstelling werd ook iedere niet Hollandse vrouw en de kinderen van die vrouw niet meegeteld als burger. Sterker nog, ze kregen de notitie ‘illegaal’. En zo leven we nu dus alweer twaalf jaar in de kampen. Zonder toekomst, zonder paspoort op een plek waar geen werk is en met net voldoende eten om te leven. Simpele houten huisjes in lange rijen op plekken waar ontbost is en de grond soms in modderstromen de heuvels af schuift of langs de rivieren die tegenwoordig sneller overstromen. Het leven is keihard in de kampen.

Vorig jaar is na tien jaar bedelen door de Verenigde Naties China als machtigste land ter wereld er toe over gegaan om mensen uit de kampen naar China te laten komen. In totaal nemen ze driekwart van onze mensen op en geven die een Chinees paspoort. Ik en mijn twee broers die in dit kamp leven zijn binnenkort aan de beurt om naar het noorden van China te reizen. Via Peking richting de grens met Mongolië waar we in de steden en dorpen een nieuwe toekomst krijgen. De eerste introductietrainingen hebben we al gehad en vooral de jongste kinderen die kunnen beseffen wat er gebeurt vinden het spannend. Er leven een flink aan kinderen in de kampen die hier geboren zijn. Maar we gaan niet allemaal naar China. Om redenen die ik niet zo goed begrijp moet mijn oudste zus naar Indonesië en mag mijn jongste broer helemaal niet weg.

Maar ik mag over twee maanden weg. Met een vliegtuig van Frankfurt naar Peking en dan met bussen naar het noorden. Ik ben blij dat ik kan gaan hoewel ik liever in Nederland wat nu Holland wordt genoemd zou zijn. Ik ben er immers geboren. Maar we mogen het land niet meer in en Duitsland heeft ook niets gedaan gekregen bij het buurland. Wel achttien keer hebben ze overleg gehad over de situatie en de Duitsers zijn boos geworden op de Hollanders die blijven weigeren ons terug te laten keren. Dus ga ik naar China. En ik ben er blij om maar ik ben ook bang. Bang dat ik de taal nooit leer. Bang dat ook daar weer buren zijn die ons niet willen. Bang dat ik geen werk vinden kan of alleen heel slecht betaald en zwaar werk. Bang dat zelfs mijn kind weinig mogelijkheden zal krijgen op een goed bestaan. Toch blijf ik hopen dat het goed gaat.

Mijn ouders heb ik al jaren niet meer gezien, ik spreek ze weleens over de telefoon als ze een keer naar engeland zijn gereisd en van daaruit met me kunnen bellen. Maar alleen de stem en het gezicht krijg ik te zien, aanraken kan ik ze niet. Elke keer dat ik ze op het computerscherm zie zijn ze weer ouder en versletener geworden. Mama is ziek sinds een tijdje en het breekt mijn hart dat ik niet naar haar toe mag om haar te verzorgen. Mijn vaders ogen staan nog altijd strijdbaar maar ook somber als ik hem zie op het scherm.

Alice © 2011

Naschrift: het bovenstaande verhaal verwoord vrij exact de gebeurtenissen in Zuid Bhutan in de periode vanaf 1985. Kantelen we de landkaart 90 graden en verplaatsen we ons naar de zuidelijk Himalaya dan is dit wat er gebeurt is. In alle absurditeit is dit ook wat de internationale gemeenschap laat gebeuren. De vluchtelingen zijn de slachtoffers er van. Een ieder die denkt dat een hoofddoekjesverbod terecht, begrijpelijk en niet ernstig is, zou zich beter eens verdiepen in de geschiedenis van Bhutan. Want het is onder andere zoiets banaals als kleding waarmee onderdrukking zich uit. Grofweg een derde van de bevolking van Bhutan kan daar, helaas,  over meepraten.

4 thoughts on “Gevlucht, gered?

  1. aaa hhhhaaaaa, de naam, het is niet geheim meer!!! the cat’s out of the bag. goede naam. Het komt goed overeen met jou andere ondernemingen en de thema ( en realiteit! ). sterkte

  2. @WoodenStick dit is zoals de wereld is. Nederland investeert in Bhutan in projecten op grond waarvan 20 jaar geleden mensen verjaagd werden. De wereld kijkt liever de andere kant op en dat is de reden dat ik HEADWIND film.

  3. kunnen we NATO vragen een Libia van te maken? of liefer de UN en dan een Ivorkust, erbij, de ene dag beschermen en de ander dag bombarderen en dan pleisters verkopen !? sorry, soms vat ik het allemaal niet meer. moi verwoord.

Reacties zijn gesloten.