49

Ik zal er geen doekjes om winden. Vandaag ben ik negenenveertig geworden. Over drie maanden ongeveer was mijn conceptie vijftig jaar terug. Al jaren vind ik dat een mens beter de conceptie kan vieren dan de geboortedag. Het moment van het ontstaan van nieuw leven is immers veel mooier en met liefde omkleed dan het moment van de schokkende dag van de geboorte, tenminste in mijn geval. De pijn van de moeder bij het baren en de onhandigheid van de vader zijn een combinatie die je als kind maar liever niet voor ogen hebt. Mijn moeder vertelde me altijd dat ik een dwarsliggertje was, bij de geboorte al. Eigenlijk zou ik dus indachtig het bovenstaande mijn verjaardag moeten vieren op een dag ergens in juli. Hartje zomer. Maar de zomer in 1961 was koud en dus zullen mijn ouders de warmte bij elkaar gezocht en gevonden hebben, wellicht is de reden van mijn bestaan zo eenvoudig te vinden. Overigens, het weer op mijn geboortedag was nu ook niet bepaald warm. Slechts vier en een halve graad. Ik krijg het er al koud van als ik er aan denk.

Dit jaar is het eerste jaar dat ik geen van mijn beide ouders meer kan vragen hoe het was op die dag in april ’62 of nog beter, op die dag in juli 1961. Dat mijn vader me niet meer belt op mijn verjaardag ben ik aan gewend geraakt, het is al zo lang geleden dat hij uit mijn leven wegviel. Maar mijn moeder zal me vandaag ook niet meer bellen. Haar telefoontoestel staat nu bij mij thuis, net als een aantal andere bezittingen. Vandaag draag ik een paar sieraden van haar zodat ze toch nog een beetje bij me zal zijn. Sentimenteel wellicht maar dat moet dan maar. Ondanks onze verschillen van inzicht en onze zo andere kijk op het leven weet ik dat ze trots op me zou zijn. Trots omdat ik toch mijn eigen weg ga en me niet veel gelegen laat liggen aan hoe de wereld over mij of over die weg denkt. Trots ook omdat ze zou zien dat ik een vechter ben. Ze was zelf immers ook een pittige tante.

Grapjes maak ik er over dat ik nog geen vijftig ben. Als er iets is dat mij onbekend is geworden in de laatste tien jaar dan is het een gevoel van ouderdom. Eigenlijk voel ik me jonger dan vroeger, misschien omdat ik de angst voorbij ben of omdat ik een vol en mooi leven leid waarbij ik me volledig kan storten op wat ik het liefste doe. Ik ben niet roekeloos geworden van het overwinnen van tegenslagen maar ik ben ook niet bang om risico’s te nemen. Soms grote risico’s die soms slecht uitpakken en soms goed uitpakken. Eigenlijk ben ik pas de laatste jaren echt gaan leven.

Al jaren heb ik er weerstand tegen om mijn verjaardag te vieren. De belangrijkste reden is dat verjaardagen me herinneren aan het bij elkaar zijn van het gezin en de familie. Iets wat in mijn leven inmiddels allesbehalve vanzelfsprekend is geworden. Er zijn jaren geweest waar in die verjaardagen ongemerkt voorbij gingen. Maar dit jaar is anders. Dit jaar wil ik die verjaardag juist wel vieren. Vieren met mijn echte familie: mijn kinderen, mijn vriendinnen, vrienden en vriendandersen. Gewoon op een plek waar ik me thuis voel. Met een glas wijn in de hand of een biertje en goede muziek in wat nu nog de stad is waar ik woon. Het kan nog net want over anderhalve week gaat mijn vliegtuig. Enkele reis Kathmandu.

Alice Verheij © 2011

One thought on “49

Reacties zijn gesloten.