Mijn eindeloos verlangen naar geel.

Sangamcwok, Damak, Jhapa in the East terai in Nepal (photo © 2012 Alice Verheij)

Bladerend door de beelden die ik niet los kan laten vecht mijn hoofd met mijn hart een titanengevecht. Een hoofd dat me dwingt om los te laten, als is het maar voor een tijdje, dat in mijn hart gevangen is als de tatoeage in mijn huid. En hoe hart ik het ook probeer, mijn hoods verliest het telkens weer van mijn eindeloos verlangen naar kleuren die hier onvindbaar zijn.

Mijn-eindeloos-verlangen-naar-geel-2.mp3

Mijn eindeloos verlangen naar geel.

Nog immer is het geel gebrand op mijn netvlies
die glans van de uitbundig bloeiende mosterd.
Geen geel ken ik dat in intensiteit zozeer gelijk is
aan het rood van de tika die bij mij gezet werd.

De geur van het veld vast genesteld in mijn neus
mijn vingers voelen ongedacht nog steeds het blad.
Geen zintuig kan nog mijn gevoel ontsnappen
of het eindeloos versmelten met mijn hart.

De dag heeft voor mij allang geen inhoud meer
is onvergelijkbaar met mijn dromen in de nacht.
Mijn ogen spreken niet meer mijn moedertaal
ik verbeid de tijd en leng ongewild mijn wacht.

Ik weiger de gedachte die mij ’t ondenkbare zegt
de angst dat ik verbonden blijf aan deze grond
dwingt mij dat ik mij sterk en dat ik vecht
negeer dat schoonheid mij ernstig heeft verwond.

Geen maand, geen etmaal, geen uur, geen minuut
ja geen seconde laat mijn hart mijn hoofd vrij
het doet mij het juist voelen onder het borstbeen
hamerend, jagend, kloppend, dwingend in mij.

Het geel, dat verzengende geel, zit in mijn hoofd
en zal mij bij leven onmooglijk kunnen verlaten
het maakt mij gek van een onpeilbaar verlangen
naar zand in plaats van stenen op de straten.

Het wachten is te oneerlijk aan het worden
bedrukt me, beneemd me bijna zefls de adem.
Geen vezel in mijn lijf wil hier nog langer zijn
geen cel er van gunt mij nu nog genade.

Mijn hoofd verliest ’n gevecht dat ’t nooit kon winnen
want de donkerte van mijn gedachten sterft versneld
onder de uitbundigheid van de kleur van mijn zinnen
terwijl mijn lijf ’t eindloos verlangen aan mij verteld.

Nog immer is het geel gebrand op mijn netvlies
die glans van de uitbundig bloeiende mosterd
Geen geel bestaat dat in intensiteit gelijk is
aan het rood van de tika door jou bij mij gezet.

Alice © 2012

2 thoughts on “Mijn eindeloos verlangen naar geel.

Reacties zijn gesloten.