Slaap

Sinds ik terug ben uit Nepal en om verschillende redenen wat afstand heb moeten nemen van het leven daar heb ik last van een gebrek aan weerstand. Die afstand moest ik nemen om te voorkomen dat ik heel ongelukkig zou blijven want in mij (tijdelijk) weggeborgen zit een diep verlangen om Europa te verlaten en de ‘zekerheden’ hier los te laten om mij vervolgens te vestigen in Nepal zodat ik daar kan filmen en schrijven. Het is een verlangen dat ik heb moeten opzij zetten voor een tijd.

Omdat er niet de behoefte om hier een solide bestaan op te bouwen voor in de plaats is gekomen komt het er eigenlijk op neer dat ik hier mijn tijd aan het doorkomen ben. Natuurlijk, ik heb het werk aan de film en de boeken over Nepal / Bhutan maar dat is in verband met die benodigde afstand toch even stil gevallen. De komende weken wordt dat weer opgepakt met een enigszins ververste blik.

En ondertussen vecht ik vooral met mezelf. Eerst met de kou van de winter overigens maar in het verlengde daarvan met de emoties rond het overschrijden van de psychologische grens van het 50 jaar zijn, daarna met een zware griep en eigenlijk constant met een sluimerende depressie. De laatste weken is er een begin gemaakt om de administratieve en financiële ellende waar ik in zit eerst in kaart te brengen om daarna stap voor stap de boel aan te pakken. Een soort schoonmaak actie in mijn leven die als resultaat zou moeten hebben dat ik meer ruimte krijg dan ik nu heb. Ondertussen redt ik het allemaal nog maar nauwelijks.

Maar het pittigst gevecht blijkt die te zijn tegen een gebrek aan energie. Waar ik tijden lang met weinig slaap toe kon, kan ik nu niet genoeg slaap krijgen. Nachten met insomnia worden afgewisseld met perioden waarin ik meer dan twaalf uur per etmaal slaap om vervolgens doodmoe wakker te worden. Van enig fatsoenlijk dagritme is geen sprake. Eigenlijk al jaren niet tenzij ik reis. Want als ik reis dan is dat ritme er als vanzelf wel maar eenmaal ‘thuis’ vervalt die cadans vrijwel onmiddelijk in een golfbeweging van meerdere dagen weinig nachtrust afgewisseld met meerdere dagen overmaat aan slaap.

Misschien zou ik er iets aan moeten proberen te doen maar los van het feit dat ik niet goed weet hoe en dit ‘systeem’ al jaren ken weet ik ook dat in dit soort periodes mijn creatieve kracht het grootst is. Het vreemde is immers dat juist in dit gekmakende gebrek aan vaste ritmiek ik meer en beter werk produceer dan in een naar sleur neigende dagritmiek. In de lange nachten van slapeloosheid ontstaan soms prachtige teksten en vordert het schrijven aan de nieuwe roman enorm. Lees ik de pagina’s nachtelijk geschreven tekst later door dan blijken ze vaak beter en intenser dan de pagina’s tekst die ik overdag produceer. De dagen worden deels gevuld met niet aflatend onderzoek wat nodig is om het fundament van het boek goed te kunnen bouwen aan de hand van feiten en een juist tijdsbeeld.

Het zou alleen zo fijn zijn dat wanneer de nacht lang is en met slaap gevuld ik ook verkwikt zou ontwaken. Maar dat gebeurt niet. In plaats daarvan voel ik me juist moe, alsof de energie uit me weg gezogen is.

Ik probeer het systeem te breken door niet meer na middernacht naar bed te gaan maar er voor. Dat lukt niet altijd maar wel vaker. Alleen lijkt dat onvoldoende te zijn. Ik dwing mezelf elke dag een tijdblok te reserveren voor onderzoek en schrijfwerk en een vast uur administratie gedoe.

Maar ik ervaar het pogen om een structuren in tijd te bouwen als beklemmend. Waarom dat zo is weet ik niet zo goed.

Ondertussen dringt er weer een stuk verhaal voor mijn roman aan me op.

Alice © 2012