It’s our choices that show who we really are.

Bovenstaand zinnetje is een verkorting van de zin

It’s not our abilities that show what we really are, it’s our choices.

Professor Albus Dumbledore, bedacht door die andere schrijfster, sprak het uit. Het is de eerste zin die in mijn roman ‘Headwind, Laxmi’s Story’ te lezen is. De zin is een opdracht aan de lezer. Een opdracht om keuzes te maken en nauwkeuriger een opdracht om niet langs de zijlijn te gaan of te blijven staan. Want van de zijlijn is het gemakkelijk oordelen.

De komende week wordt er gekozen in Nederland. En ondanks alle ontwikkelingen en veranderingen in de Nederlandse politiek van de laatste decennia lijkt het eens te meer een keuze tussen ‘links’ en ‘rechts’ te worden. Waarbij links niet meer staat voor progressief en pacifistisch en waarbij rechts niet meer staat voor liberaal. De zogenoemde linkse partijen draaien inmiddels hun hand niet om voor de inzet van militairen in risicogebieden als de Afghaanse zandbak en de rechtse partijen walsen met ongehoord gemak over de privacy en zelfbeschikking van de burger. Links en rechts zijn slechts metaforen die gemakshalve gebruikt worden om de politieke stromingen, die niet aan de uitersten maar juist tegen het politieke midden aanschurken, te duiden.

Maar het zijn onze eigen keuzen die bepalen wie we werkelijk zijn. Wordt het een keuze voor beveiliging van het eigen domein? Stem dan op de Partij Voor de Vrijheid, ondanks dat die partij zelf niet bepaald vrijheid voorstaat. Sterker nog, het is de partij die het meest en nadrukkelijkst spreekt en schrijft over beperkingen van de vrijheid. De vrijheid van anderen wel te verstaan. De tijd dat ze nog serieus genomen worden lijkt langzaam aan achter ons te geraken dus als u wilt stemmen voor het zuur van het recente verleden dan is daar de bestemming.

Socialistische Partij dan maar? Toegegeven, ze hebben een paar mooie mechnismen in hun partij. Wordt je daar bestuurder in het door verkiezingen bemenste publieke domein dan zul je een flink deel van je inkomen in de partijkas moeten afstorten. Egalitair socialisme. Echter, enig politbureau gedrag kan de top van die partij niet ontzegd worden. Het economisch denken van de SP is toch nog wel erg beïnvloed door de geleide plan economie waarbij de focus op het eigen land ligt en daarmee zijn ze economisch gezien wel erg gelijkend op die eerder genoemde PVV.

De PvdA dan? Sociaal Democraten met een partijprogramma dat zo uit het CDA verleden lijkt te zijn geplukt. Rode regenten ook, een partij die pluchegericht is. Dat daarbij het begrip kiezersbedrog onlosmakelijk verbonden lijkt te zijn met regeringen waar de PvdA deel van uitmaakt, én me de voormannen die in de wereld van het grootkapitaal zich klaarblijkelijk het meest senang voelen, nemen we dan maar voor lief. Salonsocialisten voor toch wel heel dure salons.

Christen Democraten zijn inmiddels dermate dun in getale aan het worden dat ze net zoveel in de koeiemelk te brokkelen hebben als de Democraten die nog steeds aan 1966 lijken te hangen en inmiddels steeds verder buiten de werkelijkheid van deze tijd zijn komen te staan. Aan christelijke zijde heeft zich het alternatief al tijden aangediend in de vorm van de Christen Unie en die blijkt steeds sterker te worden ten opzichte van hun grote broeders en zusters. Alleen zijn christelijke partijen in deze seculiere maatschappij steeds minder serieus te nemen, en de fundamentalistische anti emancipatoire broeders (geen zusters daar) van de SGP helpen niet bepaald mee om de christelijke politiek nog een menselijk beeld te laten hebben.

Wat blijft er over? Groen Links? Mijn eigen partij. Ooit samengesteld uit de Evangelische Volkspartij, de Politieke Partij Radicalen en de Pacifistisch Socialistische Partij. De ideologiën van die drie zijn inmiddels met een kaarsje in het donker te zoeken bij Groen Links. De partij heeft in korte tijd in het publieke debat de eigen uitgangspunten met een tempo verkwanseld dat bijkans ongelooflijk is. Een economisch beleid dat nog steeds niet uit te leggen is, een buitenlands beleid dat in strijd is met waar de partij voor zei te staan en publiek geruzie tussen de partijtoppers die geen toppers blijken te zijn maar collectieve verliezers. ‘Bam!’ is toch niet bepaald iets wat steviger scoort dan het publiekelijk stekkertjes uit stopcontactjes trekken. Geen partij lijkt nadrukkelijker de weg kwijt te zijn dan mijn eigen partij.

Dus wat zal ik kiezen? Zal ik eigenlijk wel gaan kiezen? Ik stem in ieder geval nooit op splinterpartijen die geen invloed op het beleid krijgen want dat vind ik zonde van de moeite van het wandelen naar het stemlokaal. Rechts, christelijk en het grauwe midden vallen ook af. Ik ben nu eenmaal ouderwets links en nadrukkelijk pacifistisch. Volg ik mijn eigen normen dan is er geen enkele partij die er toe doet waar ik op kan stemmen.

En zo zou het dus zomaar kunnen zijn dat ik in mijn leven voor het eerst niet ga stemmen. Want het is de keuze die bepaald wie ik werkelijk ben. Ik ben iemand die het niet zo op heeft met deze maatschappij zoals die zich ontwikkeld en al helemaal niet met de politiek zoals die zich in dit landje misvormt heeft. Mocht Groen Links nog een serieuze progressieve en pacifistische partij worden dan kan ik daar nog voor kiezen. Maar nu dus niet.

Dit jaar weet ik echt niet waar ik op moet stemmen. En aangezien de lijsttrekkers om het hardst roepen dat strategisch stemmen geen goed idee is, blijft er maar één enkel optie over:

De door het niet gaan stemmen vrijgekomen tijd besteden aan wat ik wel belangrijk vind. Ik schrijf wel een stukje.

© 2012 Alice Anna Verheij