Rust. Of toch niet?

Het is alweer een tijdje terug dat ik iets schreef op deze plek. Voor de meesten zal het er op lijken dat ik mijn schrijfactiviteiten aan het verminderen ben. Niets is echter minder waar. De werkelijkheid is dat er wellicht een soort kantelpunt in mijn werk aan de orde is. Ik merk dat ik zelf minder behoefte heb om hier werk te delen èn ik merk dat ik het juist veel drukker heb gekregen met schrijven. Zelf denk ik dat het te maken heeft met een andere fase in mijn leven. Zoiets behoeft analyse.

anna-pencil3

Vorig jaar werd ik vijftig en dat heeft nogal wat aangericht bij me. Emotioneel wel te verstaan. Waar ik mij de afgelopen tien jaar staande heb weten te houden door te blijven werken aan nieuwe projecten en het dagelijks schrijven van korte teksten, gedichten en columns is er n een andere dynamiek gekomen. In een andere wereld zou zoiets professionalisering genoemd worden of de groei naar volwassenheid.

In 2004 stortte mijn toenmalige wereld definitief in. De scheuren in het bouwwerk waren decennialang groter en groter geworden en mijn kracht om ondanks die scheuren de façade in stand te houden evenredig afgenomen. November 2004, een maand die mij altijd bij zal blijven. Het halfjaar voorafgaand aan de grote crash was in toenemende mate zwaar voor me en na de wanhoop van september en oktober 2004 was er slechts een diep donker gat gebleven. Geen idee waarom ik trouwens nu hierover schrijf.

Vanaf 24 november 2004 zou mijn wereld gaan veranderen. Het werd, en dat kon ik onmogelijk voorzien, een rollercoaster waar ik niet meer aan kon ontsnappen. Jaren gesprekken met psychologen zouden volgen en een ‘transitie’ zoals dat schijnbaar mooi wordt omschreven kwam op gang. Alles gericht op het fysieke. Goed drie jaar later was de eerste grote storm voorbij en lagen er al wat schepen op de kade geslagen. Het einde van een huwelijk, het einde van een gezinsleven, het einde van de eigen bedrijven, het einde van een leven dat op een manier ingericht was dat ik er aan onderdoor was gegaan. Weer drie jaar later was de put dieper geworden. Van betrekkelijke welstand kwam er de armoedeval. Nooit gedacht dat die zo diep kon zijn. Er kwamen relaties die niet stand hielden. Wellicht omdat ik daar niet aan toe was, misschien simpelweg omdat ik mezelf weer opnieuw moest leren kennen, en vrijwel zeker een  combinatie van beide. Van bedrijven kwijt en een lijf dat niet deed wat er van verwacht werd, naar een nieuw en ander leven.

Ik heb het moeilijk gehad en ondanks de mensen om me heen die soms wisselden heb ik me eigenlijk al die tijd alleen en verlaten gevoeld. Ik vluchtte naar mijn geboortestad, naar mijn moeder. Mijn moeder stierf. Ik vluchtte naar de andere kant van de wereld om iets te doen dat ik niet eerder had gedaan en om naar nieuwe bronnen in mijzelf te zoeken. Ik kwam, werd vijftig en ziek. Niet alleen die bijna tien jaar onafgebroken ingrijpende veranderingen in mijn leven maar ook de inmiddels ontstane armoede hebben een tol geeist. Galstenen en een plekje op de maagwand dat er niet moet zijn, een gebit dat achteruit gaat zonder dat er mogelijkheden zijn om het goed aan te pakken of te doorstaan. Dus zo slijt een mens.

Ik dacht het vorige week nog: dus zo slijt een mens.

Afgelopen december was zwaar. Wat heb ik me vergeten gevoeld en wat een onzinnige gedachte is dat eigenlijk met zoveel bijzondere mensen om me heen. Maar er is iets veranderd in me. Het lijkt wel of er een soort dwang aan het wegvallen is. Waar de afgelopen ruim zeven jaren tijdens die lange storm ik wanhopig verlangde naar gezelschap is dat veranderd in de behoefte om alleen te zijn. Veel alleen te zijn. Hoezeer gezelschap juist fijn is, de momenten dat ik weg wil kruipen achter een schrijftafel of typemachine om gewoon te doen wat ik hoor te doen zijn aan het toenemen.

Dat drukt zich uit in verminderde activiteit op deze plek. Er komt gewoon minder in aanmerking hier gepubliceerd te worden. Naarmate ik meer schrijf ben ik onzekerder en ontevredener over wat ik schrijf. Naarmate ik meer werk aan het manuscript dat op mijn schrijftafel ligt merk ik dat er meer en meer van mijzelf in dat manuscript verdwijnt. Er blijft simpelweg minder over om hier te plaatsen.

Het is niet zo dat ik minder doe dan voorheen. Integendeel. Waar in het verleden de projecten die ik deed vooral solistisch van karakter waren zijn mijn huidige projecten op dat manuscript na vooral projecten waarin ik met anderen samenwerk. Documentaires, een toneelscript en wellicht nog eentje, een reisgids in het Engels en een kleinkunstprogramma voor op het kleine podium, ik maak ze niet alleen maar samen met begaafde kunstenaars. Gezelschap is voor mij vooral samen maken geworden. De spiegel daarvan is het grote soloproject van die trilogie waar het eerste deel in manuscript vorm langzaam vordert.

Maar er is meer. De behoefte het leven te delen met een ander is groter geworden. Verdiept vooral. Niet in de vorm van een behoefte in permanente lijfelijke aanwezigheid maar juist in de behoefte aan het delen van de diepere emoties die mijn schrijf, foto en filmwerk met zich meebrengen. En er is de keuze om zonder enig voorbehoud me uitsluitend nog te willen bezig houden met mijn kunst. Zonder voorbehoud wat zoveel wil zeggen dat ik mijn leven er op ingericht heb om dat te doen. Terug getrokken op een klein gebied in betrekkelijke afzondering. Dat terwijl afzondering nu juist zo bedreigen voor me is. De beweging van de drukte weg naar een verdieping toe ervaar ik als onomkeerbaar en vormend. Maar ook als angstig omdat mijn eigen emoties daarbij mij soms bang maken. Het gevoel iets te schrijven dat niet zonder gevolgen voor mezelf kan blijven is als de rand van een klif die hoe gevaarlijk ook, blijft aantrekken want die diepte wil ik zien.

En juist nu, juist nu merk ik de slijtage aan mijn lijf. De inmiddels bijna dagelijkse fysieke pijn die je leert te aanvaarden en de angst dat het uiteindelijk te vroeg fout gaat. Het is een irrationele angst maar ratio is niet wat me stuurt. Er ligt nog zoveel werk te wachten en er zijn nog zoveel zinnen te schrijven. Over een paar maanden komt er een film van me op televisie gemaakt met een collega filmmaakster. Aan het eind van het jaar hoop ik het eerste manuscript van de trilogie klaar te hebben en wellicht nog een tweetal korte documentaires, dat toneelstuk en die twee novelles. Tel ik de film- en schrijfdagen bij elkaar op dan blijft er weinig ruimte om hier nog te schrijven.

Er zal dus hier een tijdlang minder nieuw werk verschijnen. Mijn publicaties verschuiven tegen de stroom van de tijd in van het internet naar het papier en het beeld. Voor de lezers en kijkers hier zal dat betekenen dat als er prijs gesteld wordt op mijn teksten en beelden, er meer op uit getrokken zal moeten worden. Het zou fijn zijn als dat ook gebeurt. Ondertussen zal ik hier toch nog wel met enige regelmaat publiceren maar de frequentie is al gedaald en zal dat zeker nog verder doen. Deze plek zal meer en meer een plaats worden voor aankodigingen en verwijzingen naar werk dat ik elders publiceer, exposeer, vertoon of opvoer.

© 2013 Alice Anna