De lange gang naar erkenning.

In de afgelopen jaren heb ik meerdere malen op deze plaats geschreven over de wetgeving rond aanpassing van het juridische geslacht en de geslachtsaanduiding, bij de burgerlijke stand. Dat heb ik gedaan vanuit de stellingname dat ik mij niet ondergeschikt wens te maken aan een wet waarvan allang gekend is dat die indruist tegen de universele rechten van de mens, verdragen waar de Nederlandse staat zich aan heeft verbonden, humane en ethische criteria en simpelweg boerenverstand van fatsoenlijke mensen.

Ik heb zelf er nadrukkelijk voor gekozen om na mijn fysieke geslachtsaanpassing in 2007 niet een procedure tot juridische wijziging van mijn geslacht bij de burgerlijke stand af te dwingen. Dat was en is een activistisch standpunt.

Lijdensweg

Mensen die mij kennen weten hoezeer ik lijd onder de structurele foutieve aanduiding in de post die ik van allerlei instanties krijg, aan de telefoon zodra er weer iets officieels aan de orde is of aan het loket als de ambtenaar in kwestie meer op zijn of haar computerscherm dan op mij als mens is gericht. Jarenlang structureel aangeduid worden als ‘meneer’ na alles wat ik al doorgemaakt heb is bepaald geen pretje. Sterker nog, het doet iets met je. Je voelt je buiten de realiteit geplaatst en in zekere zin buiten de maatschappij en er ontstaat, hoe goed je je daar ook tegen wapend, een zekere mate van verbittering. Ik noem dat schade. Het is de collateral damage die een transseksueel mens ondervindt als gevolg van de transitie in combinatie met het overeind houden van eigen waardigheid en principes. Ik had de wijziging kunnen laten doorvoeren onder de huidige wet maar dan wel ten koste van mijn principes rond mensenrechten.

transgenderlogoZelfs mijn beste vrienden, vriendinnen en vriendandersen hebben er in de afgelopen jaren bij me op aangedrongen om toch maar die gang naar de rechtbank te maken. Er is me zelfs aangeboden dat voor me te betalen als ik geen rechtshulp zou krijgen. Toch heb ik de stap nog steeds niet genomen. Want het valt me zwaar om me te schikken naar een wet die iets van mij eist dat gewoon niet in de haak is.

Op dit moment ben ik blij dat ik die stap niet gemaakt heb want het begint er op te lijken dat het over een tijdje niet meer nodig is. Na jaren pleiten, ageren, vechten, discussiëren en bedonderd worden door politici van ALLE politieke denominaties, lijkt het er op dat binnen afzienbare tijd ten lange leste die discriminerende en mensenrechten schendende wet van tafel is.

Hoe zat het ook alwaar met mijn bezwaren?

Allereerst eist de wetgever een artsenverklaring dat ik onvruchtbaar ben. Dat is een archaïsch en inhumaan criterium want het impliceert overheidsdwang tot sterilisatie voor mensen die in het maatschappelijk verkeer slechts aangeduid willen worden als zijnde van het geslacht dat in overeenstemming is met hun psyche. Los van de lichamelijkheid. Dit criterium heeft simpelweg mensenlevens gekost doordat sommigen niet overeind zijn kunnen blijven onder de druk van het moeten ondergaan van een geslachtsaanpassende operatie in combinatie met de transitie effecten in het dagelijks leven. Het suïcide percentage on transgenders is – gedocumenteerd – erg hoog en ik kan er helaas over meepraten. Dat wil zeggen, ik kan er nog over praten omdat ik geluk heb gehad. De overheid mag vanuit menselijk perspectief een dergelijke eis nooit stellen en zelf heb ik me door die eis altijd behandeld gevoeld als een freak die erger is dan de ergste zedencrimineel. Een overheid die mij oplegt om me gedwongen te laten steriliseren / castreren terwijl bij de grootste monsters dat nog niet wordt opgelegd als straf is een overheid die mijn vijand is. Voor de goede orde, het feit dat ik zelf er voor gekozen heb om me te laten opereren met als gevolg dat ik onvruchtbaar ben doet niet ter zake als het gaat om de vraag of de overheid rechtmatig handelt als ze een sterilisatie eis stelt. Vandaar mijn principiële standpunt waarin ik de overheid dat recht ontzeg gebaseerd op het universele en onvervreembare recht van een mens op integriteit van lichaam en geest. Vandaar dat in de jaren na mijn operatie ik die overheid ben gaan zien en ervaren als mijn vijand. Voor vijanden buig ik niet.

Daarnaast vind ik het problematisch dat er een rechtsgang nodig is voor juridische geslachtswijziging. Onnodig complex, onnodig duur en erger nog, er zit een beroepsmogelijk voor derden in die bezwaar tegen die verandering kunnen indienen. Daarmee wordt je in pricipe blootgesteld aan maatschappelijke chantage.

Wetsvoorstel

Op dit moment ligt na lange jaren wachten en discussiëren met onkundige politici en ambtenaren er eindelijk een wetsvoorstel bij de kamer. Staatssecretaris Teeven heeft in tegenstelling tot al zijn voorgangers woord gehouden. Later dan toegezegd door hem, maar het ligt er nu wel. Dat is op zich al een mijlpaal. Het voorstel houdt grof genomen in dat je simpelweg naar de Burgerlijke Stand in je gemeente gaat, een verklaring van een deskundige op de balie legt, de verschuldigde leges betaald en dan klaar bent. Je geslachtsaanduiding wordt dan in de Gemeentelijke Basis Administratie (en in het geboorteregister) aangepast. Geen rechtbank en geen sterilisatie eis. Alle honderden andere gekoppelde databases volgen automatisch. Het is afgelopen met de structureel foutieve benadering in de post en aan het loket en de telefoon.

En zo hoort het ook te zijn. Als dit door de kamer bekrachtigd wordt (het is een aanpassing op een bestaande wet en hoeft dan geen ellenlange politieke loop meer te hebben) dan is mijn maatschappelijk lijdensweg op dit gebied ten einde. Ik zal dan heel snel bij het loket staan om ervoor te zorgen dat ik dan eindelijk ook administratief en juridisch mezelf ben. Zonder inmenging van wie dan ook, behoudens die deskundige die de verklaring opstelde.

Is het nu dan goed?

Ja en nee. Ja omdat de wetgever zich eindelijk humaan naar mensen als mij gaat opstellen en uit mijn slipje blijft.

Nee omdat er nog steeds een deskundige nodig is en er additionele eisen aan die deskundigheid worden gesteld die de normale vakkennis van een huisarts of psycholoog overstijgen. Er wordt verlangt dat men specifieke ervaring heeft met ‘genderdysforie’. Dit wordt gepresenteerd als de invulling van wat we ‘informed consent‘ noemen. Een moderne wijze van omgang met mensen die een ingrijpende gebeurtenis moeten ondergaan zoals een zware operatie of in dit geval een grote maatschappelijk relevante aanpassing in juridische positie. Informed consent, het geïnformeerd zijn omtrent de mogelijke gevolgen van een ingreep is op zich een goede zaak. Het probleem echter dat ik ermee heb is dat men die specifieke deskundigheid op het gebied van genderdysforie onderstreept in wetgeving. Dat is de verkeerde weg.

Wat eigenlijk zou moeten gebeuren is het inbedden van basiskennis op het gebied van gendervariatie in de opleiding van (huis)artsen, psychologen en maatschappelijk werkers. Kennis over het simpele feit dat de wereld diverser is dan de traditionele man – vrouw verdeling zou gemeengoed moeten worden. Iedere huisarts en psycholoog moet in staat zijn om vast te stellen of er sprake is van een duurzame en gefundeerde noodzaak tot aanpassing van het geslacht. Als het om de juridische component gaat. Ontpathologiseren zou het devies moeten zijn van de wetgever. Waarbij voor diegenen die net als ik zijn en ook hun lichaam willen laten aanpassen, voor het medische traject dat daaraan verbonden is natuurlijk wel een gedegen behandeling en begeleiding moeten krijgen. Dat laatste is echter een zorgwet zaak en niet een zaak voor het familie- en burgerschapsrecht.

Tot slot

Het huidige voorstel is nog niet perfect. Het kan altijd beter, maar het is een majeure doorbraak als dit wordt aangenomen. Majeur omdat in één klap een hele groep mensen in de bevolking erkend worden als de mens die ze zijn. Zonder absurde eisen, zonder śtraf in de vorm van gedwongen sterilisatie, zonder dat derden zich daar tegenaan kunnen bemoeien en zonder dat zij en de maatschappij onnodig op kosten worden gejaagd door een dure en onnodige rechtsgang.

Ik hoop dat de kamer zich opstelt als een modern parlement dat streeft naar moderne wetgeving en Nederland uit de achterstandspositie op dit gebied haalt en de Nederlandse wet aanpast naar wat inmiddels in steeds meer landen de norm is voor humane wetgeving op het gebied van genderregistratie.

Ik hoop dat het niet lang meer duurt voordat ik mijn leven terug krijg. Ik ben tenslotte een vrouw en wens ook als zodanig erkend te worden door de overheid die op zijn beurt van mij van alles en nog wat eist. Ik wil mijn burgerrechten. Voor mijn lieve vrienden die me altijd gesteund hebben, heb nog even geduld met mij op dit punt, want het lijkt er op dat het nu uiteindelijk dus toch goed komt en ik ben, ondanks alles, niet gebroken.

(c) 2013 Alice Anna Verheij

3 thoughts on “De lange gang naar erkenning.

  1. Schat ik lees je meestal, niet altijd uit, want een beetje veel woorden, misschien vind je het vervelend dat ik dat schrijf. Ik vind je heerlijk inspirerend strijdbaar. Een lange gang, een lekker bijtertje😉 Mijn vraag: waar wil je uitkomen? Wat maakt je vrolijk en wat vind je wel leuk? Kus van Marit      

    ________________________________

  2. Heldere beschrijving, Alice. Dank voor het inzicht wat de nieuwe wet gaat (kan) betekenen.

Reacties zijn gesloten.