Haagse Kunstkring

16366_505683712803918_601327334_n

Sinds vandaag mag ik me werkend lid noemen van de Haagse Kunstkring, afdeling letteren, theater & film. De Haagse Kunstkring is een vereniging van kunstenaars en kunstliefhebbers / kunstkenners met als doel ontmoetingsplek te zijn. De afdeling letteren, theater & film richt zich vooral op schrijvers, dichters, acteurs, regisseurs, mimespelers, choreografen, dansers, cineasten en scenaristen. Met mijn werk val ik in een aantal van deze groepen maar vooral ben ik actief als schrijver, cineast en scenarist.

De Haagse Kunstkring is een vereniging die op eigen middelen drijft en daarmee onder andere een pand op de Denneweg in stand houdt. Ik ben blij dat ik me bij het illustere gezelschap van de leden van de kunstkring kan voegen en hoop dat deze vereniging voor mij een podium kan zijn om mijn kunst te delen met een groter publiek en hoop over niet al te lange tijd te kunnen exposeren of een boekpresentatie te houden met recent werk.

Meer informatie over de Haagse Kunstkring is te vinden op www.haagsekunstkring.nl.

Alice Anna Verheij

Advertenties

Alfred Jodocus Kwak

Het volgende theaterseizoen is er weer een geheel nieuwe door Herman van Veen geschreven Alfred Jodocus Kwak show. Voor volwassenen vanaf 5 jaar. Mijn goede vriend Max is weer Alfred. De poster is er deze keer eentje met een vrolijk springende Alfred die immers vader wordt. De foto is door mij gemaakt.

De speellijst is hier te vinden.

Alice Anna.

Ich liebe jeden, der mich gefällt.

There are woman from long ago that I admire. A few years a go a dear friend gave me a framed photograph of one who has become some sort of muse for me: Zarah Leander. The strong hearted and beautiful Swedish actress and singer who made such brilliant performances in German films in the early 20th century. Her real name was Sara Stina Herdberg. During the second world war she decided to stay in Berlin as she worked for Hitler’s regime albeit without publicly taking sides. Early in her career and even during the war she did however publicly denounced the Nazi’s by singing strong anti Nazi songs in a cabaret. But she was contracted by UfA, Hitler’s propaganda film company, a contract she took for the money. In 1943 however she returned to Sweden and was possibly unjustly controversial for the rest of her life because of her decision to stay in Germany during the war in the city she loved so much. First and foremost she was an actress, secondly Swedish and thirdly a Berlin woman who could not drag herself away from Germany that had been so good for her in the 1920’s and 1930’s. A choice that did not turn out well for her but in which she was not unique.

In spite of her disputable choice to stay in Berlin it is very obvious that she was a great actress and singer and her performances were no less that Marlene Dietrich’s who was in many aspects comparable except for the wartime choice they made. Zarah Leander lived until the end of the seventies and her career never really took off after the war, she was tainted in the eyes of many.

Zarah Leander, 1936

Still, I see and hear an actress with a great voice and a woman who was in her own right strong. Some of the songs she sang in films are amazing. Particularly this one where a woman takes position and denounces dependency on the love of only one (man). She tells the audience that she decides to choose her lover in spite of the heartbreak the previous one caused. She is the one who decides and she does not become dependent on that single person because ‘there are so many in this world and I love the one I like’. It is this attitude that the song reflects that is close to my heart and the very reason I will always permit myself to fall in love. And honestly, I love the songs of Zarah Leander. This one by the way comes from the film ‘Es war ein rauschende ballnacht’ made in 1939, the lyrics are by Theo Mackeben. I’ll guess I’ll translate it into Dutch some day soon.

Alice © 2012

Es ist ja ganz gleich, wen wir lieben
Und wer uns das Herz einmal bricht
Wir werden vom Schicksal getrieben
Und das Ende ist immer Verzicht

Wir glauben und hoffen und denken,daß
einmal ein Wunder geschieht.
Doch wenn wir uns dann verschenken
Ist es das alte Lied

Nur nicht aus Liebe weinen
Es gibt auf Erden nicht nur den Einen
Es gibt so viele auf dieser Welt
Ich liebe jeden der mir gefällt
Und darum sollst du heut mir gehören
ich will dir Treue und Liebe schwören
Wenn ich auch fühle, es muss ja Lüge sein
Ich lüge auch und bin Dein !

Wir kamen von Süden und Norden
Mit Herzen so fremd und so stumm
So bin ich die deine geworden
Und ich kann dir nicht sagen warum
Denn als ich mich an dich verloren
Hab ich eines Andern gedacht
So ward die Lüge geboren
Schon in der ersten Nacht

Nur nicht aus Liebe weinen
Es gibt auf Erden nicht nur den Einen
Es gibt so viele auf dieser Welt
Ich liebe jeden der mir gefällt
Und darum will ich heut dir gehören
Du sollst mir Treue und Liebe schwören
Wenn ich auch fühle, es muss ja Lüge sein
Ich lüge auch und bin Dein !

50 en in de ontkennende fase.

Ok, lieve vrienden / vriendinnen / vriendandersen / lezers / lezeressen / lezerandersen en zo meer, ik ben vandaag 50. En in ontkenning. Natuurlijk. Maar goed, verjaardagen zijn alleen relevant voor mensen die echt hechten aan het decimale stelsel en in mijn wereldje is dat decimale me vaak te absoluut. Daarnaast het ik het geluk om tijdens leven geincarneerd te zijn waardoor ik twee levens in één prop. Er vanuit gaande dat de kat in mij er niet nog een zevental achter de hand heeft. En dus vandaar deze 1300e bijdrage.

Edoch, als iemand vijftig wordt gaat die door een crisis en die is dus ook lekker losgebarsten. Remedie: veel vrienden bij elkaar jagen en dronken worden. Er is geen bar hier dus mijn waardigheid kan ik niet verliezen door het dansen op een toog. Wel zal er gezongen, gedicht en verteld worden en hopelijk heel veel gelachen. Natuurlijk kon ik het niet laten om een liedtekste te maken op de melodie van een bekend Nederlandstalig lied en dus heb ik – hoe kan het ook anders – ‘Het Testament’ van Lennaert Nijgh onder handen genomen.

Het testament

Na grofweg 50 jaren in dit leven,
maak ik het testament op van mijn jeugd.
Ik heb nog wel wat goed om weg te geven,
maar zakelijk heb ik niet echt gedeugd.

Toch zijn er ook nog wat fraaie idealen,
mooi bedacht, hoewel ze uit de mode zijn.
Ik wil ze met je delen in mijn verhalen,
want heel misschien, vindt je dat wel fijn.

Aan mijn kinderen die zo graag nog wat leren,
laat ik met wat pijn de last na die ik droeg.
Om te proberen ze te behoeden voor ‘t verkeerde
en de klappen die ik kreeg en niet verdroeg.

En dan zijn er nog een stuk of wat vriendinnen,
die o zo lief en heel verstandig zijn,
en waarmee dus geen garen valt te spinnen,
maar die toch wel mijn allerliefsten zijn.

Voor mijn zoontje zijn mijn allermooiste dromen
wel wat ondeugend maar ach ze zijn zo mooi.
Ik behoor hem toch immers klaar te stomen
voor een leven buiten een gouden kooi.

Aan mijn vrienden laat ik graag ook mijn vermogen
verliefd te worden op een meid of knul.
Zelf ben ik helaas echt veel te vaak belogen
maar ga ‘t gerust toch maar proberen die flauwekul.

M’n lieve schat, ik laat jou alle nachten
dat ik tranen om jouw angsten heb gestort.
Maar bedenk het wel ik blijf niet langer wachten
en zal lachen want ‘t leven is mij te kort.

En die mensen die mij blijven bedreigen
“Dame, U bent nog lang niet van ons af!”
Kunnen de pot op en zullen niet veel krijgen,
Dat wil zeggen, ik heb het met hun gehad.

(instrumentaal)

Voor mijn ouders in mijn album met de plaatjes,
die zo lijkt het getuigen van een blije jeugd.
Is ‘t besef dat al hun mooie opvoedpraatjes
die zij vertelden niet echt hebben gedeugd.

Maar verder krijgen ze ook echt alle dingen
terug die ze mij ingeprent hebben die tijd.
Ze hebben me tenslotte niet gedwongen
groot te worden zonder felle pijn en spijt.

En dan zijn er ook nog enk’le goede vrienden
die van me houden, die ben ik lang niet zat.
Dus die gun ik al ‘t goede dat ze verdienen
nog vele jaren, opgesloten in m’n hart.

Verder niks, er zijn alleen nog een paar dingen
die zijn van mij omdat ‘n ander er niks aan heeft.
Dat zijn mijn nieuwste prachtherinneringen
die neem ik mee naar waar ik verder leef.

tekst: Alice Verheij © 2012

Movies That Matter.

If you haven’t been there, go there!

Movies That Matter is on in The Hague until next Wednesday when the party hit’s the theatre. And you better don’t miss it if you care for great filming, documentaries and human rights. All in an amazing mix. And next year there will be another Dutch film there as far as I am concerned.

That is also where my only criticism is to this wonderful cinematographic event. Too few Dutch films and too many films focussing on the Arabian Spring, the Middle East, North Africa and Iran / Iraq. As if there isn’t really happening much concerning human rights elsewhere on this beautifully godforsaken planet. Sure, there are films from other areas like China and elsewhere but it seems that the programming this year is a little too much influenced by the usual suspects. It is how it works, when there’s a hot spot on the globe you only have to wait for a year or so and all the film festivals get filled with documentaries about these regions. It would have been nice to see just a little more diversity.

Still, it’s a great little festival. One cinema and one theatre, being next door neighbours, showing great films from great film makers on topics that are important. In this time of Voice of Whateverland, X-Factor and all that crap it’s good, no essential, that festivals like these are there. Quite simply to keep the minds of the people in focus concerning the state of the world. Now that even my country, formerly a decent and social country, has become xenophobic and selfish (who the heel do they think they are that they have the right to even talk about cutting development aid funding) it is so clear to me that we need to grab the attention on what really matters in life. And that is not ecnomical crisis but that’s life itself. And where that is made impossible I can assure you people will loose dignity and decency. And when that happens it not religion but the arts that are the last straw for human values and human rights. Actually, looking at many films in the programma it is ever so clear that it is most of the time religion that is the cause of the problems.

So, do yourself a favor and go there. Watch some movies, talk to people. Get involved and when you’re at the flyer stand near the entry of the Filmhuis cinema, get yourself a Headwind flyer! If not this year, I hope to see you next year. In a seat watching my film.

Alice © 2012

27 februari 2012: Vluchten kan nog wel!

Lieve vriendinnen, vriendandersen, vrienden en lezers,

ik heb tien (10) kaarten te verdelen voor de volgende (eenmalige) voorstelling van de gelegenheids kleinkunstformatie MAXimaal op Maandag 27 februari aanstaande in het intieme Literair Theater Branoul in Den Haag.

LET OP! Gewijzigde datum en tijd: ‘Vluchten kan nog wel!’ wordt uit gevoerd op maandag 27 februari om 20.30u, zaal open om 20u.

De verdeling gaat natuurlijk op de welbekende wie-het-eerst-komt-die-het-eerst-maalt basis.
De toegang is 100 Nepali roepies maar met 1 euro nemen we ook genoegen. Wie echt 100 Nepali roepies meeneemt krijgt een zoen van alle speelsters en spelers.

Wil je komen? Meldt je dan bij mij via alice.schrijft@xs4all.nl.

Dancing girls.

Janakpur, although in Nepal a provincial town that is in all aspects Indian by nature. A holy city in Hinduïsm. Holy because Sita, the wife of Rama came from Janakpur and she married Rama in her hometown. Nowadays Janakpur is the center of the region in northern India and south Nepal that once was the Mithila kingdom. An ancient kingdom with its own language (Maithili) that is still spoken in the region, its own art like painting, fresco’s, sculptures and theater.

It was a at the time not so hot day, meaning something like a comfortable 25 Celsius and we got the opportunity to meet a theater group. The made traditional theater, a mixture of almost Bollywood style dancing, singing and music of a harmonium and madal drums. The rehearsal took all afternoon and we thoroughly enjoyed watching them acting and dancing. And how these girls danced. Fast rhythm , fast feet. The moves familiar for Hindu dances and an enthusiasm that was electrifying. And although the men were no less than the girls in their dance it’s the girls what took my breath away. Because of their natural grace, the way they were dancing as if they were one and certainly because of their energetic fun.

It’s this photo that I love especially as the composition of the two first girls behind each other almost form a Shiva, my favorite Hindu God. Taken with my Olympus E420 on manual control to get the right movement effect.

Alice © 2011

Theatraal Nepal.

Janakpur in Zuid Nepal. De grensstad met India is meer Indiaas dan Nepalees. Het is eigenlijk het centrum van de Maithili cultuur. De oude naam van Janakpur was Mithila, de hoofdstad van het koninkrijk Videha uit de oude Indiase tijd (eerste millennium voor Christus). De restanten van de oude cultuur bestaan nog steeds in de huidige kunsten in die regio. Schilderkunst, bouwkunst en zelfs toneel en dans hebben nog steeds banden met die oude grotendeels vergane cultuur.

Ons bezoek aan Janakpur, als zijsprong tijdens het researchbezoek voor de documentaire die we over vluchtelingen uit Bhutan maken, stond vooral in het teken van de resten van die oude cultuur. We hadden een contact met een groep theatermakers in Janakpur die nog steeds toneel maken gebaseerd op invloeden uit de Maithilitijd. Ook het Women Development Center vlak buiten de stad en een klein oorspronkelijk boerendorpje in dezelfde regio hebben ons veel laten zien van deze prachtige cultuur. Het bezoek aan het centrum waar vrouwen (meest weduwen en voormalig slachtoffers van trafficking) schilderen, stoffen bedrukken, naaien en boetseren was voor mij een hoogtepunt. De vrouwen zochten de nabijheid met ons en zelfs zoiets als het vergelijken van onze tattoeages werd met nieuwsgierigheid en plezier gedaan.

Het kleine dorpje in de omgeving laat dezelfde kunst in nog oorspronkelijker vorm zien. De door ongehuwde vrouwen beschilderde huizen laten traditionele voorstellingen zien en het heiligdom in het dorpje bevat prachtige primitieve beelden van de plaatselijke koningen (koning Rama uit de Ramayana of koning Mathava Videga).

Een ander hoogtepunt was natuurlijk de ontmoeting met de toneelgroep. We hebben een repetitie bijgewoond en er is zelfs door Claudia een acteerworkshop gegeven die voor de nodige hilariteit zorgde. Het was prachtig om te zien hoe het spel van de groep met zang, dans en theater een bundeling bracht van waarbij het plezier er van af spetterde. Vooral de dans maakte op mij veel indruk, zowel van de mannen als van de vrouwen. De foto’s en de video’s die we gemaakt hebben laten denk ik duidelijk zien waarom.

Alice Verheij © 2011

Je hebt van die mannen…

Je hebt van die mannen…

Max Douw, een voorrecht om te kennen.
Heerlijk om samen mee te zingen.
Prachtig om te zien.
Ontroerend om naar te luisteren.

Ik ken zo’n man… van wie je ziet dat het hem raakt.

Geniet met mee van de trailer van zijn solovoorstelling in het van Ostadetheater in Amsterdam afgelopen 13 januari.

Alice

Verloren uurtje.

Vanmorgen heb ik me verslapen. Eigen schuld. Nooit vertrouwen op een iPhone om je te wekken. Hoewel, het was de derde en volgens ome Steve moest het wel werken vandaag. Die software wekker. Het zal wel.
Ik heb veel liever een opwindwekker op een schoteltje met muntjes. Zo eentje met twee bellen bovenop en een klepel die op de ingestelde tijd die bellen laat rinkelen op een zodanige agressieve wijze dat het hele wekkertje staat te dansen op het schoteltje met muntjes (liefs van echt zilver want dat klinkt mooier) die vrolijk zich laten horen.
Zodat ik die wekker met gesloten ogen kan vinden en me niet met subtiliteiten als het vingeren van een touchscreen hoef bezig te houden maar het ding gewoon kan oppakken om hem door de kamer te slingeren. Terwijl die dan niet een gebroken display heeft maar de volgende morgen hoogstens met een extra deukje weer mishandeld kan worden.

Ik heb me dus verslapen.

Daardoor kon ik mijn psych met de mooie ogen niet ademloos aankijken en verdrinken in die kijkers van haar. In een half uurtje van de Mient naar Voorburg ga ik niet redden immers. Zelfs niet met de heli die ik pas van Adam Curry gejat heb. Het tanken van dat kreng duurt al langer. Dus zat er niets anders op dan heel rustig ontbijten met mijn lieven kleine knul aan tafel. Ouderwets. Boterhammetjes, sapje, melk, kopje koffie. Keuvelen.
De ochtend (die eigenlijk de vroege middag was) verstreek in een aangenaam sloom tempo terwijl ik me vermaakte met het gerommel aan de website van vrienden van me. Updates draaien, teksten aanpassen, nieuwe menukaarten plaatsen. Dat werk. Junior speelde ondertussen vol overgave Angry Birds op de iPhone die ik dus als wekker afgekeurd heb.

Daarna naar Den Engel. Beetje kletsen en onderweg de flyers voor mijn boek ophalen bij de drukker. 100 stuks, meer dan het aantal boeken dat ik bij een andere drukker besteld heb. Na den Engel de stad in want het wordt de nieuwe Narnia vanavond. Mijn zijn tweetjes, heel genoeglijk. Pizza’s eten tegenover de bios en daarna een kop koffie in de bios. De enige bios in Den Haag die van mij filmtheater genoemd mag worden. Pathé Buitenhof, vroeger Tuchinsky geheten. De enige bioscoop met grandeur. Marmer op de vloer van de hal, gietijzeren trapleuningen en verlichting binnen die het een theater maakt. De rest van de bioscopen in mijn zo 21e eeuwse kille stad blinken uit door chroom, beton en tl licht. Ik haat dat.

In het verloren uurtje voor Narnia surf ik over de site van het Filmatelier in Den Haag. Shaffy komt voorbij en ik wordt vanzelf blij. Er worden nog mooie dingen gedaan in mijn stad. En ik schrijf dit stukje. Een overweging bij de dag aan het begin van de avond, hopend op de nacht die volgt. Straks in de stilte van mijn slaapkamer vloeien de woorden weer mijn nieuwe roman in, ik voel ze tegen de binnenzijde van mijn hersenpan drukken en dringen. Ze zijn met zoveel. De aardigheid is dat ik tevoren weet dat ik weer mijn iPhone instel op negen uur in de morgen en ik nu al zeker ben dat ik het ding weer niet hoor. Want ik wil me verslapen. Pas morgenmiddag hoef ik in de stad van mijn hart te zijn. In mijn stamkroeg om te flyeren én om te praten over de film die ik zelf maak dit jaar. En misschien, heel misschien lukt het me deze keer wel om iemand enthousiast te krijgen voor het idee en de vorm die ik voor ogen heb.

Maar eerst maar weer verslapen straks, nà de film.

Alice © 2011

Haagse ontmoeting met een ‘Berlin touch’.

Vanmiddag ontmoette ik op mijn vaste plek in het winkelcentrum tussen de boodschappen van de Appie en de Aldi Robert Kreis. Aan de Mondriaan-bar achter een omeletje terwijl ik genoot van een cortado met Coebergh.
Ik kan U zeggen, es war mir wirklich ein vergnügen. Er zijn van die momenten dat ik me eerder te jong dan te oud voel. De man heeft Marlene Dietrich nog gezien en gesproken. En Edith Piaf en al die groten die voor mij staan voor een tijd waarin cabaret nog cabaret was en geen scherprechtende beschadigende podiumkunst.

Meneer Kreis, hij is wat ouder dan ik, is zo innemend en zoveel artiest dat tijd en woorden tekort schieten. Met alle intensiteit die te bedenken is ontspon zich een gesprek over Dietrich en Willem Nijholt die ik zo bewonder. Over theater Pepijn en over hoe een grammofoonplatenwisselaar werkt. Over hoe hij schreef voor tante Lien en al die anderen. Over het Berlijn waar ik niet heen durf te gaan omdat ik het graf van Dietrich niet met droge ogen zou kunnen bekijken. Het plezier gonsde zo sterk rond ons dat alles voor even om me heen verdween in een uurtje van bevestiging van liefde voor een kunstvorm die nu zo schaars nog te beleven is. Over het art-deco theater in Berlijn waar hij optreedt. Of ik langs wil komen. Nou reken maar. We spraken over mooie mensen, vrouwen met mooie ogen, artiesten die de harten in gekropen zijn en soms zo tragisch hun eigen leven leden.

Ik kreeg een foto mee die me nu al dierbaar is. Rechtstreeks gekaapt uit dat bijna verdwenen verleden van het Berlijnse cabaret dat ook een tijdje in Nederland zich heeft laten zien. Een man met een hoed, tegenwoordig zouden we het uiterlijk als queer betitelen. Er zijn te weinig mannen die weten wat een Borsalino is en cabaretiers van het grote gebaar kennen we nog nauwelijks. De kans is groot dat ik over een tijdje met Robert Kreis een glas hef, ergens in zijn huis in mijn stad Den Haag. En ik kan U verzekeren, dat zal dan een groot genoegen zijn. En heel misschien komt er dat moment dat het me gegeven wordt om met deze cabaretier die in een uurtje in Mondriaan mijn hart stal een roos te leggen bij het graf van de grote Marlene Dietrich om daarna het glas te heffen. Er is weinig dat zo mooi kan zijn als dat kleine grote gebaar in het besef dat zelfs in deze tijd er altijd nog een paar mensen zijn die begrijpen wat het is om het leven te vieren.

Kijk hier eens: http://www.robert-kreis.com

Alice © 2010

Ode aan Toon Hermans – de video

Het is 11 juni en de zenuwen gieren me door de keel. Max geeft me een peptalk en ik ga achter de coulissen staan. Het is donker en om beurten gaan we op. De zaal is gedeeltelijk gevuld maar ons maakt het niet uit of maar één of tien of misschien wel 50 mensen zijn komen kijken. Het is ons moment.

Op heilige grond…

Ergens inde stad op de vroege zaterdagmorgen, onze poster.

Het eerste Haags Kleinkunst Festival is nu vier dagen onderweg. Begonnen op de maandag met een heerlijke avond waarop ik het podium deelde met de andere cursisten uit de cabaretklas van Elisabeth Boor. Het is een Koorenhuis feestje in Pepijn, de hele week. En nu sta ik, na een opwelling, op de vrijdag nog een keer op het podium van Pepijn. Met een weliswaar gerepeteerd maar nog wel heel erg verse conference. Mijn ode aan Toon Hermans. Het is immers tien jaar geleden dat hij ons hier achter liet met onze herinneringen aan hem en met zijn teksten, zijn liedjes, zijn gedichtjes. En zijn stem, die warme vriendelijke stem.

Max Douw kondigt me aan. Ik stap naar voren, tussen het doek door de vloer op. Het is tijd voor mijn ode aan Toon.

En naarmate mijn optreden vordert voel ik me meer verbonden met het publiek in dat mooie kleine en o zo Haagse theater Pepijn. En met Toon.

Alice Verheij © 2010

Wat een week!

De afgelopen week was een rollercoaster van opeenvolgende gebeurtenissen en ervaringen die me aan het einde ervan het hoofd doen tollen. En zoals met alles in dit waanzinnige leven had het lot weer een onnavolgbaar web gesponnen van lach en traan, kracht en zwakte, moeite en gemak. Maar vooral een web doordesemd met liefde, geluk en inspiratie.

Het was de week waarin mijn moeder opnieuw opgenomen moest worden in het ziekenhuis en ik weer moest ervaren hoe kwetsbaar het leven kan worden als je oud bent. Een hartverscheurende ervaring, een ander woord heb ik niet beschikbaar.

Het was de week waarin we moesten gaan ontdekken hoe we in de nabije toekomst voor een betere zorg voor mijn lieve Eva tot stand kunnen brengen. Zonder er over uit te wijden: het doet pijn je eigen kind met zo’n worsteling en zoveel verdriet te zien en jezelf machteloos te voelen.

Het was de week waarin mijn laptop de geest gaf waarmee ik voor de welhaast onmogelijke opgaaf sta om zonder geld te zorgen dat ik nieuwe draagbaar schrijfgereedschap vindt zodat ik mijn nieuwe eenvrouwszaak een gezonde start kan geven. Maar wees gerust: alles is oplosbaar.

Het was de week van mijn debuut op een echt theaterpodium in het liefste theater van Den Haag. Mijn eerste theateroptreden in Pepijn dat fantastisch was om te mogen doen en meemaken én waar ik op de vrijdagavond nog een keer de heilige grond van het podium op mocht met mijn hommage aan Toon Hermans.

Het was de week van leven in de nachten. De maandag schrijfnacht en de Friday Night After de open bak in Pepijn waar een kleine groep prachtige mensen met elkaar, zang, plezier en wijn, gesprek, lach en traan samen het weer licht zagen worden.

Het was de week van de ontmoeting van een gelijkgestemde ziel. Max, ik zie uit naar onze samenwerking!

Het was de week waarin er weer een literaire salon was en waarvan ik nu kan zeggen dat het de beste tot op heden was. Heb je het gemist? Tsja, dan heb je een uiterst genoeglijke en intieme literaire salon gemist. Volgende maand komt er weer een kans.

Het was de week van de onbegrensde creatieve explosie. De creatie van de hommage aan Toon in de nacht van maandag op dinsdag met een resultaat waar ik trots op ben. Van hertalingen van zes liedjes, een herschrijving van de plot van het toneelstuk waar ik aan werk. Van de zangles waar ik de drempel van een poging tot zang naar mooie zang over ging. Met dank aan Sheila en aan Bløf voor hun heerlijk ‘Liefs uit Londen’.

Het was de week van de verkiezingen waar ik het niet kon laten hier de nodige analyses neer te pennen. Het was de week van fietsen en trammen. De week van brommen en lachen, de week van regen en zon.

Wàt een week was dat!
En binnenkort in dit theater: de video opname van het optreden in de open bak van afgelopen vrijdag!

welterusten lieve lezers en op naar de volgende week,
Alice

Reprise in een open bak.

De lp waardoor ik kennis maakte met het cabaret van Toon Hermans.

Het is jullie hopelijk niet ontgaan want dat zou betekenen dat ik niet gelezen wordt.

Het is deze week het Haags Kleinkunst Festival. Een week lang een kleinkunst feest in het mooie Haagse Theater Pepijn. Het theatertje dat gerust als heilige grond in cabaretland mag worden gezien. Opgericht door Paul van Vliet, Liselore Gerritsen, Rob van Kreeveld en Fred Hugas. Geopend op 18 december 1964, de dag nadat het Gebouw voor Kunsten en Wetenschappen was afgebrand, in de ogen van veel Hagenaars nog steeds een traumatisch verlies. Burgemeester Kolfschoten opende het kleine wat Haags anarchistische theatertje met de woorden ‘La Reine est morte, vive le petit Prince!’.

De kleine prins is allang geen prins meer. Het is een kleine koning, misschien wel een keizer in de wereld van het Nederlandse cabaret. Alle groten hebben er gestaan. En heel veel kleinen. Kleinen en beginners als ik. Bloednerveus achter het zware gordijn, het zweet in de handen. Met meestal een slechte generale achter de kiezen. En af toe op hun bek gaand als de spots en de zaal ze overvallen. Maar zelfs dat mag, want Pepijn is Pepijn en vergevingsgezind.

Maandag stond ik er dus. Het ging vrij goed en de adrenaline stoot na afloop van het optreden was gigantisch. Een lijntje coke is er niks bij. Denk ik. Het is een kick die je onmiddellijk naar meer doet verlangen en dus heb ik me vanmiddag toch maar opgegeven voor de open bak op vrijdagavond. Om half negen gaat de bak open met korte optredens van iedereen die iets op het podium wil gooien. Natuurlijk moest ik vandaag wel bedenken wat voor materiaal ik ga gebruiken. Niet dat dat echt moeilijk was.

De week van het Haags Kleinkunst Festival zou zaterdag eindigen met een open podium opgedragen aan Toon Hermans en ik ben opgegroeid in de zestiger en zeventiger jaren toen Toon op zijn best was. En dus, dus kan ik niet anders dan mijn ode aan Toon op het podium brengen. Zaterdag gaat niet door en dus kies ik er voor om vrijdagavond Toon toch aan bod te laten komen. Op mijn manier. Wil je weten hoe dat er uit gaat zien? Dan zul je moeten komen kijken en luisteren. Jullie zijn van harte uitgenodigd om te komen en te genieten van al die waaghalzen die het aandurven het podium op te kruipen en misschien amuseer je je zelfs bij mijn ode aan de grote kleine man. In alle bescheidenheid met een stille buiging voor de grote meester.

Lieve mensen, geniet even van Toon:

KOM KIJKEN EN RESERVEER VIA THEATER PEPIJN!

dankuwel, alstublieft…

Alice Verheij © 2010

Het Haags Kleinkunst Festival wordt georganiseerd door het Koorenhuis onder de inspirerende leiding van Elisabeth Boor. Meer informatie vindt je hier.

De geur van een piepkleine kleedkamer

De bronzen man voor Theater Pepijn

Met zijn rug staat hij in zijn bevroren bronzen houding vastberaden met de rug naar de Weduwe van Indië, enigszins wijdbeens. Hij kijkt vastberaden of bozig van onder zijn hoedje. Het mannetje voor Pepijn. Omdat zijn gezicht afgekeerd is van de gevel en hij net te ver van de ingang staat zullen zijn ogen niet zin wat er binnen gebeurt en zijn oren niet horen wie er zingt of een conference op het podium zet. Mij heeft hij dus ook niet gezien en niet gehoord. Niet dat het erg is want met bronzen ogen en oren in een bronzen hoofd weet ik wel zeker dat er de hersenen niet in zitten om te begrijpen wat er gisterenavond te beleven was in theater Pepijn. Het Haagse cabarettempeltje in het buurtschap 2005 met zijn panden van voor 1900. Gisterenavond het toneel van de eerste avond van het Haags Cabaret Festival.

Gisterenavond was het zover. Na een half jaar les en oefenen, schrijven, herschrijven, weggooien, de plank mis slaan, aanpassen en leren mochten Erik, Barry, Joao, Sander en ik eindelijk het podium op. Met een generale repetitie die generalesk geleid werd door de onnavolgbare Elisabeth en waarbij iedereen het gevoel had dat het helemaal niet goed ging begon het grote zweten om half acht achter de zware gordijnen bij de bezemkastgrote kleedkamertjes tussen de snoeren, kabels, apparaten en onder de oude posters uit gouden tijden in de Haagse cabaretgeschiedenis. En achter die gordijnen voelde ik me almaar kleiner worden, en nerveuzer. Reken maar dat ik nu weet wat podiumangst is.

De zaal vult zich en de spots gaan aan. Geroezemoes. Er zijn op één na geen vrienden of vriendinnen van me, allemaal te druk met hun eigen leven. Er is geen familie omdat ‘omstandigheden’ het tegenhouden dat ze er zijn. Eén vriendin is er wel, later zie ik haar vooraan zitten. Stilletjes vindt ik het heel erg jammer dat er geen bekenden zijn gekomen, Den Haag is voor veel mensen blijkbaar erg ver of misschien is de band niet zo sterk als die soms lijkt te zijn. Niet dat het iets uitmaakt overigens.

De eerste ons zo bekende pianoklanken beginnen toch nog onverwacht en snel gaat Erik tussen de gordijnen het toneel op. En het gaat goed. Het eerste couplet rolt er probleemloos uit en in duo’s stappen we tussen de gordijnen het podium op. De spots schijnen recht in ons gezicht en pas aan de rand van het podium kunnen we iets van het publiek zien. ‘Ik heb gelijk’ rolt er spetterend uit en we groeien als we bezig zijn. Een tiental minuten later doe ik mijn conference en laat het volgen door een lied van Spigt. Even lijk ik over een zin in het lied te struikelen maar ik zing er gewoon over heen. Alleen de kenners zullen het gemerkt hebben. En die ene zin in het lied die ik aangepast heb en laat verwijzen naar mijn nu zo zieke moeder is alleen bij mij bekend.

Na een uur optreden waarvan het bronzen mannetje niets heeft meegekregen is er dat waar we het allemaal om deden: het applaus. Het is goed gegaan, niemand zakte door het ijs en in de finale kregen we de zaal soepeltjes mee. Vijf amateurs die na veel werk het probeerden in Pepijn. Vijf omdat de zesde er jammer genoeg niet bij kon zijn door haar werk wat haar in Australië bracht. Vijf die verder willen met leren, met nieuwe teksten, met nog beter worden. Die ene vriendin die me manisch noemde toen ik haar Twitterde over mijn belevenis gisterenavond zal nooit beseffen hoever ze van de werkelijkheid af is. Theaterliefde is niet manisch, maar het is haar vergeven.

Voor even in de spotlights in het oude kleine theater achter het bronzen mannetje in de liefste wijk van Den Haag. Op heilige grond waar alle groten gestaan hebben. Stilletjes heb ik in een verloren momentje nog eens goed naar dat podium gekeken. Zo klein, een beetje rommelig maar zo ontzettend theater romantisch. Heel even heb ik mijn er op gelegd want heilige grond moet je aanraken. En de geur van de bezemkastformaat kleedkamer, je moet hem eenmaal geroken hebben om te begrijpen wat dat betekend.

Alice © 2010

En daarom hou ik van Jan Rot

Hier wordt ik nu helemaal vrolijk van. Jan Rot die op zijn manier laat zien dat we in een land leven waar iedereen welkom hoort te zijn. Omdat er altijd plaats is voor meer. Protest tegen randstedelijke angst en zo positief als het hoort te zijn. In de handen van de grote taalmeester Jan Rot is een hertaald lied een nieuwe schepping. ‘This land is your land’ maar dan op zijn Hollands en eigenlijk veel mooier.

Met de ervaring van mijn eerste optreden in een echt theater nog door mijn aderen bruisend levert Jan me nog meer inspiratie om vooral verder te gaan, meer te schrijven, meer te zingen. Er zijn nog zoveel mooie liedjes die omgezet kunnen worden van het Amerikaans in onze mooie Nederlandse taal!

Jan, een diepe buiging!

Alice

Ongemerkt het podium op sluipen


Na een aantal vrijages met podiumoptredens in 2009 waar ik samen met Jet Valk als ‘de Quetterende Dames’ aan het dichten sloeg, onverwacht solo op de Roze Kertsmarkt in de kou in de Reguliersdwars een half uur vulde en de kleinere optredens in mijn eigen literaire salons wordt het tijd om dit jaar serieus het podium op te sluipen.

Sinds december werk ik aan een eigen cabaretprogramma van drie kwartier. Tenminste, Anna Reiziger, mijn alter ego, doet dat. Ondertussen volg ik cabaret, zang, mime en stemvormingslessen om te zorgen dat het allemaal ook een beetje door de artistieke beugel kan. De cabaret- en mimelessen worden in juni afgerond en dat betekent dat ik begin juni in Pepijn mag optreden. Een kwartiertje of zo, niet langer. Maar hé Pepijn… wie had dat gedacht? Voetafdrukken van mij op het podium dat door Paul van Vliet en Liselore Gerritsen is opgezet. Om verlegen van te worden.

Het legendarische kleinkunsttheater ‘Pepijn’ aan de Nieuwe Schoolstraat in Den Haag

Maar er komen meer optredens aan. Zo ga ik het entertainment verzorgen van de Ladies Nights die vanaf juni en Den Engel, mijn nieuwe thuisbasis, worden georganiseerd. Verder ben ik alsnog gevraagd om op 22 mei op te treden op het Transfusion Festival in Casa400 in Amsterdam en op 7 juni dus in Pepijn ter afronding van de cabaretcursus. Dan is er ook nog het theaterdiner in het Koorenhuis op 5 juni waar ik met de andere leden van de cabaret- en mimegroepen het Koorenhuis podium op ga. Die keer niet solo dus maar met fantastisch leuke mede studenten. Niet te vergeten is er mijn eigen Literaire Salon waarvan op 15 mei de eerstvolgende gepland staat en daarna die van 12 juni, beiden in Den Haag.

Casa 400 in Amsterdam

Voor Pepijn is al duidelijk dat er een conference komt waarin de moeite die mensen hebben om met elkaar te spreken of elkaar te willen verstaan gevolgd wordt door mijn uitvoering van het lied ‘Spreek’ van de niet te evenaren Frederique Spigt. Natuurlijk geen imitatie van Fré, ik zou niet durven. Wel een geheel eigen interpretatie ondersteund door piano en basgitaar en met een eigen arrangement. Hoe het precies zal gaan klinken is nog een verrassing, daarvoor moeten jullie maar tegen die tijd naar Pepijn komen. De komende weken ga ik hard repeteren natuurlijk.

Het Koorenhuis – hét kunsten centrum van Den Haag

Ik heb er zin in. Al is het maar omdat ik zo graag wil en inmiddels niet meer bang ben om mezelf op het podium te laten horen. Zingen nota bene, iets waarvan ik dacht dat ik het niet kon. Maar ook eigen cabaretteksten maken en die op het podium smijten. Het publiek proberen te pakken, te ontroeren, te laten nadenken, te raken. Het is allemaal nog wel nieuw voor me maar het is zo geweldig om te kunnen doen.

Hopelijk komen er vrienden en bekenden in juni kijken en luisteren naar mijn gedoetjes in Pepijn en het Koorenhuis.
Nog even de data dan:

  • zaterdag 15 mei – 17.00u: Literaire Salon in Den Engel, Willem de Zwijgerlaan 50 in Den Haag
  • zaterdag 22 mei – tijd nog niet bekend: Transfusion Festival in Casa 400 in Amsterdam
  • zaterdag 5 juni – 17.30u: theaterdiner in het Koorenhuis in Den Haag
  • maandag 7 juni – 20.00u: aansluitend aan de cabaret dagen in theater Pepijn in Den Haag

Alice © 2010

Wahoe! Script Frenzy gehaald…

Ja, ik geef toe het is hier wat stilletjes geweest de afgelopen week. Daar waren goede redenen voor want ik had het gewoon hartstikke druk én ik heb me een aantal dagen bepaald niet senang gevoeld. Dat laatste door die stomme antidepressiva die ik dus nog aan het afbouwen ben en het eerste omdat ik nogal wat werk aan de Literaire salons, mijn theaterlessen en het schrijven van het script voor Handtassen Mafia heb. Vooral dat script schrijven heeft me de afgelopen weken in de schrijvershel gebracht. Door met Script Frenzy mee te doen heb ik mezelf aardig onder druk gezet en dat levert een flinke hoeveelheid tekst op maar niet van de kwaliteit die ik wil.

Het script van Handtassen Mafia is verre van klaar. Ongeveer tweederde van het aantal begrote scenes is nu geschreven en ik zit al dik over de honderd pagina’s script. Daarmee heb ik dus wel Script Frenzy volbracht maar dat is ondanks de tevredenheid daarover nog lang niet genoeg. De komende anderhalve en misschien wel twee maanden heb ik nog veel werk te verzetten om de laatste scènes te schrijven, het hele handeltje door te lopen en te corrigeren om het vervolgens in overleg met mijn regisseur te herschrijven. Dramaturgisch ben ik matig tevreden. De verhaallijn en de scène indeling is in orde. De dialogen zijn gaandeweg sprankelender geworden maar het geheel is dus nog niet af. Ik heb mezelf nog tot eind mei gegeven om het script zover af te hebben dat ik het aandurf om mijn regisseur lastig te vallen met het harde werk om te gaan schrappen, krassen, slijpen, schuren en verven.

Voor vandaag ga ik maar blij zijn dat ik op pagina 104 terecht ben gekomen in 29 dagen en daarmee na NaNoWriMo in 2009 nu ook Script Frenzy in 2010 volbracht heb. De komende tijd zal ik dus weer wat trouwen worden in het schrijven op deze plek.

Alice Verheij

Script Frenzy 2010

Na NaNoWriMo 2009 met als gevolg de nu – eindelijk – bijna geredigeerde versie van de roman ‘Droomvlucht Afrika’ is het in april tijd voor Script Frenzy 2010. Wat? Ja, precies. Eén maand van 30 dagen om een script te schrijven van 100 pagina’s. Toeval (?) wil dat ik deze dagen bezig ben met de opzet van een toneelstuk dus dat komt goed uit.

Eerlijkheid gebied te zeggen dat ik een beetje vals speel door al een verhaallijn en personages te hebben en doordat ik al schrijfoefeningen doe in het schrijven van scènes maar ik beloof het echte script pas op 1 april te beginnen te schrijven. Hand op mijn hart, echt waar. Geen woord dat in het definitieve script gaat komen dat van voor 1 april aanstaande is. En het is geen 1 april grap. Vorderingen zijn te volgen op www.scriptfrenzy.org.

Even wat over het stuk.

De werktitel is Handtassen Mafia en het is een moderne samensmelting van twee Griekse mythen met een twist. Zowel de Amor en Psyche van de Berber Apuleius als de De Androgyne Mythe uit de bundel ‘De Gouden Ezel’ van de Griekse blijspelschrijver Aristophanes die in Plato’s ‘Symposium’ wordt naverteld, worden door mij gebruikt en in een modern jasje gestoken. Het verhaal wordt getransponeerd naar de modewereld van tegenwoordig. De Londense modescene om precies te zijn. Het wordt een verhaal van een bekend modeimperium met goddelijke status dat zich bedreigt voelt door een nieuw hot modehuis van een jonge ontwerpster. Op de achtergrond speelt de financiële crisis waardoor het voor iedereen moeilijker is geworden om in de markt te blijven. Er is liefde in het spel en gender verwarring. Het resultaat is een lovestory en een (Griekse) tragedie van enorme proporties. De uitdaging is om recht te doen aan de Griekse klassieken en toch de moderne plaatsing te realiseren inclusief een filosofisch gevecht met Plato over gender.

Het stuk zal in het seizoen 2011 – 2012 op de planken moeten komen als een drieakter, onder regie van Claudia van Rooij en productie via de stichting Strass Theater in Amsterdam.

Ben ik gek dat ik er weer voor ga? Ik denk het.

Alice