Over liefde en haat.

Enige tijd terug ben ik, na afronding van mijn roman ‘Droomvlucht Afrika’ die nu de laatste correctieslag doormaakt, begonnen aan het creëren van een theaterprogramma. Het interessante is dat naarmate daar met meer mensen over gesproken is er ook meer mensen bij betrokken raken. Zoals mijn regisseur Claudia van Rooij (www.strasstheater.nl). Die hele vroege betrokkenheid leidt tot een interessante wisselwerking die zo ongeveer alle aspecten van wat ik van plan was te doen op scherp zet. Het ‘theaterprogramma’ is aan het verworden tot een toneelstuk in drie bedrijven. Het is een bijzonder stuk aan het worden en het ontwikkeld zich in een ongemeen hoog tempo.

Natuurlijk ga ik hier niet een spoiler van formaat maken door het verhaal op te schrijven maar ik kan wel wat vertellen over de verschillende componenten waaruit het stuk opgebouwd gaat worden. Ze zijn boeiend, niet zozeer op zichzelf maar juist door de combinatie die we aan het maken zijn. Het resultaat wordt oorspronkelijk theater met een thema en een boodschap. Een toneelvoorstelling die als het goed is het publiek gaat aanzetten tot reflectie over de eigen denkbeelden en die van de maatschappij ten opzichte van uiterlijk, gender, geld en criminaliteit. Over leven en dood zelfs. Maar bovenal over liefde en haat. Grote thema’s om beet te pakken.

De bouwblokken van het stuk (waarvan ik ook de werktitel nog even niet wil vrijgeven):

  • ‘De androgyne mythe’ van Aristophanes (zoals Plato die omschreef).
  • Apuleius ‘Amor en Psyche’ uit zijn bundel ‘Metamorfosen’.
  • De modewereld.
  • De financiële crisis.
  • Eerwraak, afgunst, liefde, gender en geld als bronnen van het kwaad.
  • Een hate crime.

Het is mooi werk om gebruikmakend van de klassieken weer een nieuw toneelstuk te schrijven. Ondanks dat ik eerder vaak gezegd heb nooit meer script te willen schrijven is het er dus weer van gekomen. Na ‘Een familiezaak’ in 2007 vloeit er dus dit jaar een nieuw script voor een toneelstuk uit mijn pen. En het werk aan de korte roman ‘Droomvlucht Afrika’, de gedichtenbundel ‘Passiezeren’ en mijn piece de résistance ‘Terug naar Budapest’ gaat ondertussen gewoon door, zei het langzamer dan voorheen.

Het leven is in ieder geval in artistiek opzicht heel erg mooi nu.

Alice Verheij © 2010

Advertenties

Sometimes I close my eyes and drift away…

‘Sometimes I close my eyes and drift away..’

De laatste dagen doe ik dat regelmatig. Vooral als ik in mijn hoofd aan het schrijven ben op mijn perkamenten hersenweefsel. ‘I chose the life that took me away from you’… Het zijn zinnetjes die gaan over de tocht die ik maakte en het programma waaraan ik werk. Onder invloed van mijn regisseuse is dat programma aan het verschuiven van cabaretesk en fragmentarisch naar theatraal, consistent en dicht bij me zelf. Autobiografisch in zekere zin. Niet dat iedereen in mijn omgeving dat als prettig zal ervaren of daar achter zal staan want het risico van het raken van mezelf is bijna honderd procent.

Zonder al teveel weg te geven van wat ik nu precies uitspook en schrijf wil ik hier wel kwijt dat ik teksten maak over een toekomstig leven, een alledaagse werkelijkheid, een verwrongen verleden en een gedroomd verleden dat tegelijkertijd een stukje heden is. Over vrouwen en mannen, over vrouwelijkheid en mannelijkheid, over verleiden en verliezen, show en realiteit. Het mooie van het werken aan dit stuk is dat ik er op een theatrale manier mijn eigen werkelijkheid in kwijt kan. Iets wat ik al heel lang wil zonder dat ik daar een geschikte vorm voor ter beschikking had. Uit ervaring (ik schreef al eens een toneelstuk) weet ik hoeveel tekst er nodig is voor een volwaardig stuk. Het programma neigt naar een eenakter maar in mijn hoofd, op dat perkament, staan ook cabaret, mime, zang en dans als bouwblokken. Geen eenakter in de zin van een traditioneel toneelstuk dus. Eerder een theatrale expeditie door heden en verleden en over de grenzen van gender en zelfs seksualiteit.

Het is spannend en er is afbreukrisico. Maar voor het eerst heb ik de belangrijkste zaken beschikbaar om daadwerkelijk tot een productie te komen. Goede begeleiders, een sterke, strenge en goede regisseuse. Repetitieruimte. Mensen die denken over podiumvormgeving en geluid. Zo langzamerhand komen de bronnen beschikbaar en bij elkaar. Het is me ook duidelijk dat er een nu of nooit situatie aan het ontstaan is. Alsof ik een vliegtuig ben dat alleen maar in één specifiek tijdslot mag opstijgen. Mis ik het momentum dan is het over en de kans om dan opnieuw te starten is heel klein, eigenlijk afwezig.

Sometimes I close my eyes and drift away… en dan realiseer ik me dat alles wat ik nu doe een samenkomst is van wat de laatste jaren ontsloten is en misschien mijn hele leven al ergens verborgen zat. Schrijven, spelen, presenteren… allemaal expressie. Expressie als bron van wat ik doe en nog ga doen. De band met mijn verleden verdwijnt steeds verder uit zicht, emotioneel maar zeker ook professioneel. Het is fijn dat ik mijn oude vak had want dat heeft me wel een paar dingen gebracht waar ik nu wat aan heb maar dat is dan ook alles. Het is nog fijner te ervaren dat ik weer aan het leren ben én dat me dat, hoe beperkt ook, redelijk af gaat. Naarmate ik verder kom met wat ik doe leer ik mijn grenzen te overschrijden en mijn blokkades te slechten en belangrijker nog: te ontdekken wie ik ben, wat ik kan en wat ik wil.

Van flowen naar driften, veel verschil maakt het niet. ‘Sometimes I wish a was a sailor…’ Heerlijk.

Alice Verheij © 2010