Dove

Op de website van Rop Gonggrijp, misschien wel de belangrijkste voorvechter van het goede gebruik van internet, waar ik terecht kwam door een facebook bericht, staat een postje over een reclame campagne van Dove (van de smeerseltjes, shampoos en doucheschuim). Het filmpje confronteert en net al bij eerdere campagnes doet het dat op het gebied van beeldvorming van vrouwen. In dit geval gaat het dan om het zelfbeeld van vrouwen. Dit is het filmpje.

Ik besef dat ook ik een issue heb met mijn zelfbeeld, een flink probleem.

Ik heb veel foto’s van mijzelf. Bijna allemaal gemaakt in de afgelopen acht jaar. Foto’s van voor 2005 zijn er amper meer, ze zijn gewist, verknipt, vermalen, verbrand, weggegooid, vernietigd. Omdat die foto’s mij wanneer ik ze zie herinneren aan een verleden waar bij zo goed als iedere foto ik mij herinner wat de pijn is die verbonden met me was op het moment van die foto. Zo af en toe op een onbewaakt moment wordt ik ongewild geconfronteerd met die oude foto’s. Er komen foto’s of negatieven boven of oude cd’s met foto’s. Soms een mapje of een brief met een bijgesloten foto. Die confrontaties zijn uiterst pijnlijk en nooit fijn.

Is dat normaal? Nee, dat is niet normaal.

De pijn van het moeten kijken naar een ongewenst verleden in die zin dat ik dan iemand zie die ik niet wens te zijn geweest is niet goed uit te leggen. Na 2005 veranderd alles in mijn leven en ook de foto’s veranderden. Waar op foto’s uit het verleden mijn lach in de loop van de jaren verdween en vervangen werd door een masker is op de foto’s na 2005 te zien dat er een nieuwe lach voor in de plaats is gekomen. Eigenlijk worden er zelden meer foto’s van me gemaakt waar ik niet op lach, zelfs al is die lach soms een minimale glimlach. Maar ben ik dan blij met die foto’s van tegenwoordig? Ja en nee.

Als fotografe is het beeld een essentieel deel van mijn bestaan, van mijn werk. En in de komende jaren zal het dat ook zeker blijven waarbij ikzelf dan ook nota bene onderwerp of lijdend voorwerp zal zijn in die beelden. Wat betekent dat ik mij comfortabel moet voelen bij afbeeldingen van mijzelf. Maar ik voel me lang niet altijd comfortabel met die afbeelding. Net als de vrouwen in het filmpje kan ik mijzelf niet als mooi zien. Dat is me nooit gelukt in het verleden en dat lukt me nog steeds niet. Ik kan mijzelf niet als aantrekkelijk zien. Dat komt door mijn verleden en door de codering die de samenleving in zich heeft en oplegt aan mensen, vrouwen in het bijzonder.

Over het geheel genomen ben ik niet echt heel erg ontevreden over mijn lijf, maar ik ben me maar al tezeer bewust van de beperkingen die structuur en operaties op het begrip schoonheid hebben gelegd. Als het om mijn gezicht gaat zie ik vooral de ‘foutjes’. De rimpeltjes die sneller zichtbaar worden dan ik wil, de plekjes die daar net als op andere plaatsen op mijn lijf te zien zijn, de wallen onder de ogen en hangende oogleden, de asymmetrie van mijn mond, mijn slechter wordende gebit en de leeftijdsonderkin veroorzaakt door overtollig vel. Ik zie een vrouw die snel ouder wordt, haar ‘prime’ voorbij is (wetende dat die er nooit geweest is), en die een toekomst voor zich heeft waar dat beeld niet aantrekkelijker wordt. Lelijk vind ik mezelf niet, maar aantrekkelijk beslist ook niet.

Ook ik ben gevoelig voor wat de wereld vind van het uiterlijk van vrouwen. Uiterlijk is belangrijk voor mij. Kleding, make up, het is voor mij essentieel om mijzelf goed te voelen. Zonder make up over straat gaan is iets dat ik niet wil en de kleding moet mij goed staan en zeker niet ouwelijk zijn. Terwijl ik nota bene mijzelf nu regelmatig in een kledingstijl hul van meer dan honderd jaar geleden. Mijn gevoeligheid op dit punt, mijn verleden ook, maken dat mijn zelfvertrouwen over mijn uiterlijk niet groot is. Het is zelfs zo sterk dat het soms minderwaardigheid oproept. Mijn angst om omwille van mijn uiterlijk, om de bouw van mijn lijf waar een schaduw van een ongewenst leven in te zien is, om mijn ouder wordend gezicht, afgewezen te worden in zoiets essentieels als de liefde is groot. Het is me een paar keer overkomen.

Ik besef dat ik voor wat betreft lijf, uiterlijk en mijn eigen beleving daarvan, een beschadigd mens ben.

Om die reden ben ik heel erg blij met de reclamecampagnes van Dove. Zeker met deze. Want het laat zien dat ons zelfbeeld bijna zonder uitzondering negatiever is dan het beeld dat anderen van ons hebben. En toch, ondanks het prachtige filmpje blijft er dat gevoel fysiek niet aantrekkelijk te kunnen zijn voor een ander. Zoals een vrouw in het filmpje zegt: I have work to do with myself. Ze heeft gelijk.

© Alice Anna Verheij

Het is maar een film…

Vannacht keek ik naar de film ‘Exit’. Een Telefilm uitgezonden door de NCRV. De film gaat over Amadou uit Guinee die als jongetje vluchtte voor het geweld in zijn land, zijn broer vermoord zag worden, de huizen afgebrand worden. Amadou heeft in de verhoren tegenstrijdige verklaringen afgelegd. De moord op zijn broer was op een zaterdag, of een zondag. Het kind Amadou wist het niet precies meer.

Later blijkt zijn verhoorambtenaar van Es dat gegeven van onduidelijkheid gebruikt te hebben om zijn asielverzoek af te wijzen. Jaren later. Amadou was bijna gediplomeerd verzorgende inmiddels. De jonge man Amadou is één van een groep van vijf mannen die ‘uitgeprocedeerd’ zijn. Ze worden uitgezet naar Guinee. Op basis van Europese laissez passez’s en zonder de noodzakelijke Guineese documenten. Hij weet, zij weten alle vijf, dat ze in Guinee direct in de gevangenis gegooid zullen worden en waarschijnlijk vermoord.

De film laat het verzet zien van de vijf mannen in een bus op het vliegveld van Rotterdam. Bijna lukt het ze om de uitzetting te voorkomen. Maar van Es, een soort NSB-er apres la lettre, liegt ze uiteindelijk de bus uit waar ze zich in verschanst hadden. De mannen worden met veel geweld overmeesterd en alsnog in het vliegtuig uitgezet. Later zal blijken dat ze in Guinee inderdaad direct de gevangenis in gegaan zijn waarna er niets meer van ze vernomen is.

Amadou en zijn vier kameraden zijn door de staat uitgezet en indirect mogelijk vermoord. Het hele proces rond de uitzetting is een schokkende aaneenschakeling van mensenrechtenschendingen uit naam van de Nederlandse staat. Het meest schokkende is nog wel dat de film gebaseerd is op waarheid. Op feiten. Op situaties die daadwerkelijk voorgekomen zijn en nog steeds voorkomen. Het is een felle aanklacht tegen de onmenselijkheid van het vreemdelingenbeleid en de mentale en fysieke gewelddadigheid van uitzettingen.

Een normaal mens kan niet zonder walging naar de film kijken.

En toch, ‘het is maar een film’ zullen sommigen zeggen. Daarmee het gegeven van deze film en de grauwe werkelijkheid van staatsterreur tegen individuen die vermalen worden door de IND regels en procedures, marechaussee en politiegeweld, leugens en bedrog en de handen van ambtelijke slachters als de IND-er van Es uit de film.

Een normaal Nederlander kan niet zonder diepe schaamte naar de film kijken.

Toch zullen er mensen zijn die blijven volhouden dat de regels gehandhaaft moeten worden, hoe oneerlijk ook en hoe mismaakt de uitvoering van die regels ook geworden is. Ze zullen zwijgend toekijken net als de politiemensen die in de film worden uitgebeeld en die de vuile handen zijn van een overheid die zich vershuild achter wetten en regels waarbij alle menselijkheid opzij is gezet.

Een normaal mens kan niet zonder tranen in de ogen naar de film kijken.

Maar er zullen er altijd zijn die beweren dat het land vol is, dat er geen plek is voor de vreemdeling, de asielzoeker, de uitgeprocedeerde. Mensen die het ongeluk hadden geboren te zijn en geleefd te hebben in een land vol geweld en gevaar en die dus hebben moeten vluchten. Die het overleefd hebben maar alles verloren, inclusief hun rechten. Want die mensenrechten lijken mooi op papier maar ze worden met te groot gemak geschonden  door de uitvoerders van wetten en regels.

Het is maar een film…

Inderdaad. Het is maar een film. Maar wel eentje die mensen zou moeten aanzetten tot nadenken, tot meer menselijkheid en meer begrip voor de situatie waarin zovelen verkeren. Een film die als een grote ‘J’accuse’ tegen de praktijk van uitzettingen mag worden, moet worden gezien. Een film die wat mij betreft door iedereen moet worden gezien. Al is het alleen maar omdat het duidelijk maakt hoe gewelddadig onze ‘rechtsstaat’ werkelijk is. En hoe ver recht verwijderd is van de werkelijkheid.

Maar het is een film.

Die me doet schamen Nederlander te zijn.

Die me boos maakt.

Die me doet walgen.

Die me alle respect voor de Nederlandse rechtsstaat doet verliezen.

Die me met bewondering voor de regie, productie en cast vervult.

En dat bij een ieder zal doen die met open ogen blijft kijken.

‘Exit’ is gemaakt door:

Cast: Emmanuel Ohene Boafo, Romijn Conen, Werner Kolf, Goua Robert Grovogui, Adam Kissequel, Tony Bola-Audu, Hubert Fermin, Juda Goslinga, Sara De Bosschere. Regie & scenario: Boris Paval Conen, producent: KeyFilm, omroep: NCRV

EXIT1

© 2013 Alice Anna Verheij

Ik ben zo moe van jou, o Nederland.

Noot: driekwart jaar geleden herschreef / hertaalde ik ‘Going to a town‘ van Rufus Wainwright. Een lied dat hij, eerlijk is eerlijk, uit verveling en baldadigheid schreef in de lobby van een hotel tussen concerten in. Zonder diepere bedoeling, zonder er een protestleid van te willen maken. Maar dat werd het wel. Het werd een lied dat bij deze tijd past.

Het is nu driekwart jaar later. Veel is veranderd. De pier op de foto is failliet en zal misschien afgebroken worden. Zoals er veel afgebroken wordt. Vandaag las ik dat het College Van Zorgverzekeraaars (CVZ) voorstelt om de psychische ondersteuning van mensen met psychische problemen alleen nog maar te vergoeden bij een medische noodzaak. Daarmee onderstrepend dat je voor hulp psychisch ziek moet zijn (volgens het daarvoor geldende normenboek DSM IV) en dat psychische problemen buiten die veroorzaakt door ziekte maar gewoon door jezelf en je huisarts (die daar niet voor geschoold is) opgevangen moeten worden. Wil je hulp, heb je hulp nodig, dan moet je dat maar zelf betalen. Kan je dat niet, zoals een toenemend aantal mensen, dan kun je voor wat betreft die verzekeraars doodvallen. Letterlijk.

Gaan die plannen door dan zuller er ook doden vallen want het aantal suïcides zal toenemen bij het wegvallen van de zorg voor mensen met post traumatisch stress syndroom, slachtoffers van misbruik, mishandeling, verkrachting, burn outs, onverwerkte traumas uit jeugd of anderszins. Zij zijn geen medische gevallen dus moeten het maar zelf zien te rooien. Daarmee is de verzekering van de Nederlandse gezondheidszorg indirect verantwoordelijk voor de doden die zullen vallen en het instandhouden of het versterken van het lijden van duizenden zoniet tienduizenden mensen. Hun aantal groeit als gevolg van de verharding van de maatschappij.

Nederland maakt hiermee zichzelf ziek, doodziek. En, als het aan deze mensen ligt die dit bedenken, uiteindelijk dood. Weg beschaving. Van Zorgverzekering naar een verzekerd zijn van verwaarlozing. Verwaarlozingsverzekering.

Ik ben nog steeds moe van Nederland en verlang naar de dag dat ik dit land definitief de rug kan toekeren. Of mij dat lukt weet ik niet, of ik dan in Europa of elders zal leven weet ik ook niet. Hoe dan ook, deze hertaling draag ik op aan de mannen en vrouwen van het CVZ die de plannen smeden om de geestelijke gezondheidszorg in Nederland te decimeren en daar willens en wetens slachtoffers mee gaan maken. Ik gun ze een jarenlange persoonlijke ernstige depressie. Ik mag dat als overlevende van diverse suïcide pogingen. Het hierna volgende schreef ik in april 2012, mijn mening is helaas niet veranderd sindsdien. Mijn leven overigens wel. Ten goede, dankzij de onbezoldigde zorg van een paar vrienden en een project van hte Rode Kruis. Een organisatie die goddank losstaat van de Nederlandse staat en haar beperkte blik op de rechten van haar burgers.

In een uitwisseling op Facebook legde mijn goede vriendin Floortje me nog eens dit prachtnummer van Rufus Wainwright voor. Ik heb er al zo vaak naar geluisterd en het heeft me altijd geraakt omdat ik er iets voelde dat ik niet kon omschrijven. Tot Floortje een hint gaf dat iemand maar eens een Nederlandse versie moest maken.

Er zullen mensen zijn die – terecht – vinden dat ik negatief schrijf over mijn eigen land. Er zullen mensen zijn die het met me oneens zijn of het me zelfs kwalijk nemen. En anderen die het niet begrijpen of me een zeur vinden. Maar er zijn er vast ook die zich herkennen in de pijn die ik heb proberen te verwoorden over hoe mijn eigen land verworden is tot iets dat ik verafschuw. Verwoord aan de hand van Rufus Wainwright die, wonend in New York, in een opwelling zijn originele tekst liet stromen en waarin hij onverholen kritisch is op de verwording van het Amerika van George Bush.

Mijn tekst laat mijn walging proeven over de staat van dit land. Een land zonder kleur maar met angst voor de vreemdeling, voor de andersdenkende, voor de ander die niet is zoals de gemiddelde burgerlijke grijze muis. Een land van egoïsme waar hypotheekrenteaftrekm pensioen en immigratie voor gaan op barmhartigheid en liefde voor hen die het moeilijk hebben. Een land dat maatschappelijk en politiek geen enkel ankerpunt meer voor mij vormt en dat mij gevoelsmatig wegjaagt. En hoezeer men het met mij oneens zal kunnen zijn, zijn de woorden gewogen en spreken ze mijn diepste gevoel uit. Mijn ontembaar verlangen to vluchten naar desnoods een stad die niet meer bestaat. Weg van het grijs, weg van de verzuring en de beschimping. Weg van de krantenkoppen vol mensenhaat, weg van het gebrek aan compassie, weg van de tweets van Wilders en de lamlendigheid van een tandeloze oppostitie. En vooral weg van het land dat mij mijn gevoel ontneemt en me omlaag drukt tot er niets meer van me over is. Met een vage hoop dat er ooit een andere tijd zal komen. Ik kan momenteel niet anders dan hiermee mijn diepste gedachten laten vallen op deze plek. Want ik ben moe. Heel erg moe van dit land. Heel erg moe van jou, o Nederland.

Hier is mijn versie:

“Ik ben zo moe van jou, o Nederland”

Ik ben onderweg naar een stad die niet meer bestaat
En loop weg van de plaats die ik altijd heb gehaat
Ik zoek naar mensen die hun hart niet hebben verbrand
ik ben zo moe van Nederland

Ik maak het goed voor de leugens van de Telegraaf
Ik maak het goed voor die liedjes o zo braaf
Het lijkt wel of hun waarheid niet meer bestaat
Ik ben zo moe van jou, o Nederland

Ik zoek er mijn eigen pijn, zal er niet eenzaam zijn
Ik heb mijn leven lief, o Nederland
Ik heb mijn leven lief

Zeg me, denk je echt over de hel omdat je teveel liefde gaf?
Zeg me, denk je echt dat alles wat je deed zo goed was
Ik moet het weten, na het bloed van die jongen die daar ligt in een plas
Ik ben zo moe van Nederland

Ik moet het weten
Misschien zal ik je nooit meer zien, of misschien ook wel
Jij had je voordeel van een wereld en ook van je spel
Ik ben onderweg naar een stad die niet meer bestaat
Ik ben zo moe van jou, o Nederland

Ik zoek er mijn eigen pijn, zal er niet eenzaam zijn
Ik heb mijn leven lief, o Nederland
Ik heb mijn leven lief
Heb nu teveel verdriet
Maar tòch ’n droom in ‘t verschiet
En dat is al, meer niet

Ik zoek er mijn eigen pijn, zal er niet eenzaam zijn
Ik ben onderweg
naar een stad die niet meer bestaat

Muziek, tekst: © Rufus Wainwright
Hertaling: Alice Verheij © 2012

Give me a reason.

Some time ago, this song helped me. I don’t know why because a few years later I feel even more worn out. Actually, I guess I am. What’s left of me is my ability to write the book I’ve been compelled to write for such a long time. So I can close it, no matter what. I am sorry, It will not be a nice story.

Give me reason
to go on and on
a reason to fight
a straw to hold

Give me a reason
to keep trying
against the odds
and in the cold

Give me a reason
to live a dream
a cause to chase
a path to walk

Give me a reason
to not give up
and try again
and to grow old

Give me a reason
to love this life
for what it is
a life too bold

I guess I am like Kerouac’s fabulous yellow roman candle. Mad to talk, mad to llive, mad to be saved. Burning candles will some day extinguish.

© 2012 Alice Anna Verheij

Keep calm and …

Every now and then someone drops a ‘Keep calm and …’ poster on facebook, the backside of their phone, a tee they ware or a bag they drag along with them. I wonder why. I wonder why they want others to stay calm and I wonder why they think staying calm is a positive thing. In fact, when I see one I can rarely stay calm and have a strong tendancy to respond with a big and well meant …

Being a generally kind person I withhold myself from doing so. But not always. Because in my humble opinion a statement like ‘keep calm and be/do/think/say whatever’ statement is patronizing. And I am not the only one. Researchers seem to have found that posters and other crappy goods inspired by the WW2 government poster ‘Keep Calm and Carry On’  are not at all creating an atmosphere of upbeat stoicism. A professor Henry Brubaker (I have really no idea who he is) of the Institute for Studies (which probably doesn’t exist) said:

The poster is actually more likely to inspire exasperation, boredom and a sense of living in a hopelessly empty world where nothing means anything any more and all human experience has been reduced to the purchase of trivial nostalgic shite from shops playing Groove Armada CDs.

And I agree with this probably non existing fraud of a professor. The original poster was designed by the British government during World War Two to empower its people while dodging the bombs thrown at them by the Germ(an)s. Which makes me wonder what the effect of staying calm in such a situation would result in. In that type of situation I would certainly not want to stay calm but get the fuck out of there a.s.a.p. before one of these suckers would land on my head and blow me to oblivion. Wherever that may be.

Barter Books from the UK was responsible for rejuvenating the ‘keep calm and carry on’ thing. This little film explains. Looking at it I can only say that apart from this terrible poster thing I do love that bookshop and would certainly love to pay it a visit if I ever get in the vicinity. Probably because of the miniature trains running on tracks above the racks packed with books. I don’t think they play Groove Armada there.

Anywhatsoeverway, nowadays all kinds of people including my dear son are running around with variants of that silly poster on their stuff. Which is equally silly I think.

So my dear keep calm and whatever friends, please indeed keep calm. And fuck off.

Have a nice weekend though. And drink, drive and fuck safely if you have to.

© 2012 Alice Anna Verheij

De weg naar de hel.

Vanmorgen kwam op Facebook een oude kraker van Chris Rea langs. Ik hou van zijn muziek die staat als een huizenblok van zwaar beton. Onverzettelijke beat en strakke teksten. Deze had dan ook nog eens een tekst die – thanks Floortje – nog een diepere laag in zich heeft die misschien niet eens zo bedoeld was. Maar wel zo uit te leggen.

The Road to Hell knalde niet veel later uit de speakers en ik kon mezelf niet tegenhouden een vertaling van dit donkere lied te maken. Chris Rea heeft veel donkere maar ook romantische songs. Zijn bijna Victoriaanse blik op het leven is misschien deels gevoed door de ziekte die hij moest overwinnen maar ik zie hem vooral als een onverbeterlijke romanticus. Daarom vind ik zijn muziek zo mooi want daarin herken ik hem. Het is bijna onmogelijk om niet mee te zingen met de prachtige teksten.

Dus hier is dan, de volledige, The Road to Hell met de geweldige intro die de toon zet voor het onverwachte rockende tweede deel. Zo hoort een song in elkaar gezet te worden wat mij betreft.

En dit is mijn vertaling:

Stond stil op de snelweg
Ik zag er een vrouw
Langs de kant van de weg
Een gezicht als dat van mij
Reflecties, in mijn voorruit
En ze liep, naar mijn auto toe
En boog, heel erg traag
Een angstig gevoel, verlamde me, in mijn schaduw
Ze zei ‘kind, wat brengt jou nou toch hier
Mijn angst voor jou draaide me, in mijn graf’
Ik zei ‘mama ik kom naar het dal van de rijken
verkoop mijzelf’
Ze zei ‘kind, dit is de weg, naar de hel’

Op je reizen, door de wildernis
Van de woestijn tot aan de bron
Ben je terecht, gekomen op de snelweg, naar de hel

Tsja ik sta hier bij de rivier
Maar het water, dat stroom niet
Het kookt van al het gif, dat je bedenkt
En ik sta onder de lantaren
En dat licht, ken ik al te goed
Doodsbang weggedoken, diep in de schaduw
En de perverse angst voor geweld
Veegt de lach van elk gezicht
Gezond verstand rinkelt, elke bel
Dit is geen technisch mankement
Oh nee, dit is de weg, naar de hel

Alle wegen verstopt met krediet
En er is niks dat je kunt doen
allemaal vodjes papier en helemaal niet van jou
Oh pas op wereld, kijk nu goed uit
Waar het op neerkomt
Leer deze lessen snel en leer ze wel
Dit is geen opgaande mobiele snelweg
Oh nee, dit is de weg
Hey, dit is de weg
Dit is de weg, naar de hel

Tekst: Chris Rea
Vertaling: Alice Anna Verheij © 2012

This is what the trans ‘community’ needs in NL’s.

There’s a problem with trans emancipation in the Netherlands. The lack of a role model for transwomen and transmen. Well, not really, we do have one. Valentijn is doing a tremondous job being un unwanted but good rolemodel for transgender youth. But it’s not only youth who need role models, older trans people need role models too. And most of all society needs role models.

These two women, Janet Mock and Isis King talking about thier position as role model are doing great in the US. I do wish we had some like them in the Netherlands.

And yes, they are both gorgeous. Nothing wrong with that for as far as I’m concerned.

But we don’t, I’m afraid. Probably because socety around them is still acting pretty shitty about it all. Still, I do have hope that things will change. Eventually.

Best film since a long time: ‘Historias que so existem quando lembradas’.

I am as much a film enthousiast and watcher as I am a film maker. Same goes for photography and same goes for novelwriting and poetry. I truly love the art that I make and that I enjoy seeing and experiencing. And of course I have some criteria for what I find beautiful and of high quality. And very rarely I find something that is of such amazing outstanding quality that it makes me humble as an artist.

Even rarer is to watch something, like a movie for instance, that in all aspects is so vlose to my own work and to what I desire to make. Tonight I had such an experience and I feel that – together with what has been going on in the past few weeks – will influence my further work profoundly.

Tonight I got to watch the movie ‘Historias que so existem quando lembradas’ of the Brazilian director Julia Mura who also wrote the script. The film showed me what I wish to be able to make someday in my life. Script, photography, music, coloring, camera handling, editing and directing is absolute perfection. I do not recall to have seen a movie of this quality since ‘Una giornata particolare‘ which is my all time favorite movie.

The story is simple. In a fairy tale village somewhere in Brasil people get old but do not die. They just live their daily lives. One day a young girl comes to the village. She makes pinhole photographs and her being in the village all of a sudden leads to adjustments in the behaviour of the villagers who slowly but gradually accept her presence. She stays with an old lady who bakes the bread for the villagers. An old lady who just wants to die to be reunited with her husband who passed away a long time ago. But the old lady bakes the bread and cannot be missed, so she doesn’t die. The young girl connects with the old lady to in the end set her free and become part of the village herself.

The story is a metaphorical story, a fairy tale about love, about mourning the dead, about growing old and about learning to die, to accept the inevitable at the time that’s most suited. It is a story about the mortality of man.

The director made the best use of the locations and the colors that were at hand to create an atmosphere of tranquility and tenderness. The film is in all its aspects a statement of love. The way it was shot and edited made it into a film that is really moving. The music in the film underlines the story in an amazing way and the photography is very surprising, beautifully stylistic and of extreme quality. I have never ever seen anything like this.

If you have the opportunity to go see this movie, please do so. If you love cinema you just have to.

© 2012 Alice Anna Verheij

Robin Gibb

Photo © Robin Gibb & band

Today I read on the news of the death of Robin Gibb.

I grew up with the music of the Bee Gees, like I did with the music of Fleetwood Mac, Pink Floyd, Genesis, dire Straits and many, many others. Even Abba is part of my life’s soundtrack.

And so is Robin Gibb. There is no way to describe how I feel about his death after a fight he couldn’t win. I cherish the memory of this one song that says it all. Because of it’s intensity, because of the lyrics and because of that voice of Robin Gibb with that little crack in it that made it unforgettable.

This specific song reminds me of one of the darkest times in my life and of how this song made me clear what the world really was like. It comforted me then somehow and it still does.

Dear Robin, I loved you for your music.

Alice © 2012

This song should be listened to and the lyrics should be read to fully understand it’s value. Out of respect for Robin Gibb and his brothers Barry and Maurice (who passed away in 2003) I will translate this song later this week into a Dutch version. With love and good memories.

Songwriters: GIBB, MAURICE ERNEST / GIBB, ROBIN HUGH / GIBB, BARRY ALAN

I started a joke, which started the whole world crying,
but I didn’t see that the joke was on me, oh no.

I started to cry, which started the whole world laughing,
oh, if I’d only seen that the joke was on me.

I looked at the skies, running my hands over my eyes,
and I fell out of bed, hurting my head from things that I’d said.

Til I finally died, which started the whole world living,
oh, if I’d only seen that the joke was on me.

I looked at the skies, running my hands over my eyes,
and I fell out of bed, hurting my head from things that I’d said.

‘Til I finally died, which started the whole world living,
oh, if I’d only seen that the joke was one me.

The story of a longshot.

I am making my first documentary and am way into the post production stage of it. Editing the thing and grabbing footage from all over my library of over 50 hours of footage and glueing it into a story. I am not an experienced film maker and not a experienced camera operator so with the editing in Final Cut Pro X (thank you Apple for this amazing piece of software) on my Macbook Pro and a second 21″ screen I just have to find ways and tricks to cover up the imperfection that I see that is all around.
Of course the whole film is made with financial restrictions and therefore even the label ‘low budget’ would be insufficient. We’re working on a ‘no budget’ basis. Still, the film is going to be finished in a couple of weeks and it is going to be awesome. As things are now it seems that I can keep the viewer away from knowing with how litle means this film is made.

In my film are a couple of medium to long shots. Filmed with my Sony HVR-HD1000E (with some added support of a Canon 60D DLSR HD cam for some Dutch footage) mainly from my shoulder or in dogs view carrying the thing I’ve been trying to use a tripod as less as possible. Because for a documentary style film I simply prefer the images with the additional physical inbalance of the camgirl working with the camera. It kind of adds some quality to the work in stead of taking it away. Often I find tripod shots looking a bit ‘dead’.

As a camgirl I have my heroes. One of them is Peter Robertson, the steadycam operator that made the epic 5’30” longshot in the film ‘Atonement‘. A long shot that is so amazing in composition and choreography and made with such skill that it is incomprehensible for most people how it was made. Here’s that long shot. Please watch it closely and understand that no cutting was done and only he traditional digital editing has been done to make it like it is. To my opinion an Oscar winning performance of Peter. After you’ve watched it, please read his description of how he made it that I found on http://www.steadyshots.org, a website dedicated to the work of Steadycam operators. But first enjoy a drama in just over 5 minutes unfolding at the beach of Dunkirk. After that read what Peter Robertson says about how it was created.

In the meanwhile I’ll be back at my editing table.

Alice © 2012

Atonement
“Beach at Dunkirk”, By Peter Robertson

An incredible example of production coordination at its finest. Perhaps only bested by the 90 minute shot of Russian Ark – in terms of choreography and coordination anyway. There are elements of gunshots, animal cues, pyrotechnics, vehicles, special effects, and more that all had to both work perfectly and be timed perfectly. …not to mention the majority of the footing was sand.

Operator’s Commentary
(Taken from an email from Peter Robertson to Luis Puli.)

The one-take Steadicam Dunkirk shot in Atonement may well prove to be the emblematic scene that the film will be remembered for. However, this was only one of a series of carefully crafted sequences that we, as a camera department with myself as the main camera operator, were asked to create in response to Joe Wright’s powerful and uncompromising vision.

Nevertheless, this was certainly the toughest shot to achieve, physically and logistically, coming in the last week of a long shoot and at the end of a day when we rehearsed many times with and without camera. The concentration levels needed to remember every beat, twist and turn of the shot, where to follow the actors movements, when to remember a step or obstacle whilst holding the shot composition compounded the physical demands of carrying a heavy camera.

When Joe (Wright) and Seamus (McGarvey) first approached me with the idea of shooting the Dunkirk scene as a one-take Steadicam move I knew that it would take every ounce of my technical and physical Steadicam nouse from the past twenty years of operating to achieve. There would be no plan B to fall back on, with no wiping off and on the backs of background actors or objects to create edit points should a take prove imperfect.

Born partially out of financial necessity–I believe there was only enough money in the budget for 1,300 extras for one or two days–it was, nevertheless, a daring piece of filmmaking that challenged the gods. It was conceived to place the audience physically and emotionally inside the nightmarish vision of Dunkirk.

The scene tells the story of Robbie Turner played by James McAvoy attempting to return to his love Cecilia Tallis (Keira Knightley) from the doomed beaches of Dunkirk. He is dying and engulfed by the living hell of one of World War II’s most tragic episodes. It is essentially Robbie’s nightmare that the camera describes, restlessly moving around a scene, sometimes bizarre (soldiers skinny dipping), sometimes macabre (cavalry horses being shot) and sometimes painfully moving (a choir singing on a bandstand). The uninterrupted flow of images drift in front of our eyes like a hallucination from a Bosch painting or, in the case of the dying horses, like the contorted images from Picasso’s Guernica. The shot, unedited, has the power of a real nightmare with its bizarre associations. We sense that these events are all happening in the same physical space that we travel through as an engaged audience, not as a series of juxtaposed and montaged images that we view as outsiders. The camera not only shows the desperation and pain felt by the dying Robbie as he begins to realise that he may never see his love again but also the plight of a huge mass of stranded soldiers who desperately seek to return to their lives and loves. As such, the scene transcends the simple story of one individual’s tale of lost love and evokes the sentiments of a great anti-war statement.

Technicalities

We shot Atonement on the Panavision system in the 1.85:1 aspect ratio, using the Panaflex XL on the Steadicam with Primo lenses. However, the Dunkirk sequence itself posed many extra problems for us in the camera department. Whichever way the shot was timed on recces it always came to just under five minutes, ruling out the use of a conventional 400ft magazine. Our excellent 1st AC, Carlos de Carvahlo, pointed out that we could use a Panavision 500ft magazine, which had originally been produced for hand holding the earlier Panavision GII camera. Whilst heavier than a modern lightweight 400ft magazine, it was still preferable to a 1,000ft magazine, which was inconceivable on a shot like this. The extra 100ft gave us the time length we needed for the shot.

Framing and composition posed a few problems too. The shot demanded a wider framing for the architecture of the set at certain times and a closer framing on faces that would loom into the lens at others. Again, we ignored convention and opted for the Panavision 17.5-34mm short zoom, which by remoting its function gave Seamus the option to zoom in shot. This lens gave us the optical range to see the set in all its glory without distorting the faces too much at close quarters. Seamus and I choreographed these zooms at moments in the shot when the natural movement of the Steadicam disguised them to the viewer’s eye.

These decisions all had a bearing on the final configuration and weight of the Steadicam. By remoting all of the lens and camera functions it meant that I was carrying three motors (focus, iris and zoom) as well as the extra weight of the magazine. Add to this two video transmitters, one to the director’s monitor and one to Seamus who needed a picture to gauge his zoom and iris pulls and you have an overall payload that weighed more than a standard airline baggage allowance.

The next problem was how to fly this around the beach with weightless elegance, covering close to quarter of a mile in the process and achieving the precision framing that the director demanded. It was not possible without a swift course of steroids and a metal spine implant to attempt the whole shot on foot. It was obvious that at certain times I would have to ride on a vehicle to cover the ground at speed and keep up with the action. I chose to ride a “mule” provided by Bickers Action Vehicles. This is a small open-backed vehicle with a rear-facing platform, much like a golf cart. A low step was rigged so that I could slide off the back when I needed to continue the shot on foot. I used this for the first part of the shot when the three main characters are striding along the beach past the horses being shot. The step off the “mule’ comes at the rear of the beached Thames barge, where a pause was built into the action to help disguise the step-off.

The shot continued, on foot, up the beach, onto the promenade and around the bandstand. After the bandstand I stepped down via a ramp, cunningly disguised by the art department as a pile of bomb debris and sat back onto a rickshaw rig, expertly gripped by Gary Hutchings and Dean Morris. This was then steered backwards through the chaotic scenes of soldiers riding a merry-go-round and disabling heavy artillery to the beginning of the pier. Here, with the help of a line of carefully placed soldiers filing past camera to once again disguise my step-off, I travelled, on foot, for the final part of the shot up some steps and past a line of soldiers to look back on the mayhem of Dunkirk.

I hope this demonstrates how the whole shot was planned and executed like a military operation in itself and stands, as often these endeavours do, as a testament to the great teamwork it took to achieve. Forget Dunkirk, if I hadn’t had the support of such a brilliant crew the sequence would have been the movie’s Waterloo.

Myth and Legend

The final take used in the movie was Take 3. We attempted a fourth but my timing was off and I missed my footing on the steps leading up to the bandstand. In a shot such as this, once the camera stops dead the shot is pretty much unusable. I realised, having given my all in the rehearsals (two of which were completed fully loaded with the camera) and three previous takes that I didn’t have enough juice in the tank to complete a fifth. It felt like I had just performed a ten-hour gym session and, in hindsight, I consider myself lucky to have even completed three takes. Much has been publicised in print about how the Steadicam operator “collapsed” or even “fell over” which was claimed in some reports. All slightly melodramatic representations of what actually happened but I suppose that every movie needs its myth and legend.

The beach Steadicam team were:
Joe Wright Director
Josh Robertson 1st AD
Seamus McGarvey, BSC Director of Photography
Peter Robertson, GBCT Steadicam / A Camera Operator
Carlos de Carvalho, GBCT A Camera 1st Assistant Camera
Jennie Paddon A Camera 2nd Assistant Camera
Rawdon Hayne B Camera 1st Assistant Camera
Iain Mackay B Camera 2nd Assistant Camera
Gary Hutchings, GBCT Key Grip
Dean Morris Grip
Chris Macaleese Camera Trainee
Simon Thorpe Grip Trainee
Nick Kenealy Video Assist
Clive Bickers “Mule”

New flyer for Headwind available for immediate distribution.

In a last CALL FOR ACTION the Headwind production team is working together with the new eu1.tv pan European tv channel (available on cable and internet) by Ziggo and UPC. In the coming week both the new trailer as a new way of crowdfunding will be published on the eu1.tv website. To support that effort we will distribute flyers on the Movies That Matter film festival starting off in The Hague on March 22 at the Filmhuis.

Alice
director and producer of Headwind 

This is the flyer:

Short trailer of Headwind released today.

Today the short trailer of Headwind is released with a call for support and funding.
More information about the film can be found at http://www.headwindfilm.com.
The trailer will be published on http://www.eu1.tv too later today.

We still need substantial funding for the completion of this film.

Alice
director of Headwind

Ik mis mijn moeder.

Er is geen aanleding voor. Het is ook niet ‘die dag’. En ook niet haar verjaardag. Maar ik mis haar. Het is niet fijn om wees te zijn want hoe dan ook er mist een bodem onder mijn voeten. De foto is van 1 september 2009, twee en een half jaar terug en het lijkt alsof het slechts een paar maanden geleden was dat we voor het laatst appeltaart aten op de boulevard van Scheveningen.

Er is zoveel gebeurt in die twee en een half jaar. Zij is er niet meer, ik ben losgekomen van mijn oude bestaan in Nederland om me niet meer te kunnen hechten en ben gaan reizen en filmen. Mijn leven is enorm veranderd en het wegvallen van mijn lieve moeder was daar het startschot voor. Natuurlijk denk ik vaak over de vraag wat zij er van zou vinden hoe ik leef. Het antwoord komt nooit en dat hoeft ook niet. Ondanks alles wat er gebeurt is en ondanks alle veranderingen is ze nog vaak daar. Zoals vanmorgen ineens weer. Ik zou graag nog een keer een kopje koffie gaan drinken met haar.

Alice © 2012

 

The Party for Happiness / Partij voor Geluk

UPDATE: The ‘Partij voor Geluk‘ has removed their link to Bhutan as a guiding country for Gross National Happiness in response to the comments made by me. Which is a good thing and I welcome that! I wish this new party all the best in their endeavors. Obviously it is important that the myth of Bhutan as a hallmark for happiness is dismantled and the human rights violations by Bhutan are recognized and acknowledged.

A new political party is coming to the Dutch politcal arena. As a counter movement to the current development of Dutch (or even western) society. The Party for Happiness, in Dutch ‘Partij voor Geluk’ (www.partijvoorgeluk.nl). How nice.

A Party for Happiness, what a great initiative don’t you think? Because, to be honest, everything in this world is judged in financial economical terms like Gross National Product (GNP) meaning money, the filth of the earth. And there is another option like the one that this PvG suggest. Just look at Bhutan they say. Bhutan the buddhist Himalayan kingdom where Gross National Happiness is the measure for government success, Bhutan where the people are happy and Bhutan where according to it’s prime minister Mr. Thinley ‘even the dogs smile’…

But is that true? How are things concerning Gross National Happiness in Bhutan really? Is Bhutan really that happy conutry and does the United Nations indeed push them forward as an example, as a guiding nation for the world?

The answer my friend, is blowing in the Himalayan wind. And it simply says: no. Not at all. Bhutan is not an overly happy country and although the dogs might smile, many of it’s people certainly don’t. Bhutan is the only 100% Bhuddist ruled country in the world. A country that in the years 1990 – 1992 exiled some 120,000 of it’s citizens to India and in the end to refugee camps in Nepal where they have lived ever since. Almost 20% of the Bhutanese population now live outside the country in global diaspora since the United Nations started mass third country resettlement in 2007 shifting almost all of these refugees to countries like the US, Canada, Australia, New Zealand, Norway, Denmark, the UK and the Netherlands. Bhutan as a nation is responsible for the percentagewise largest ethnic and cultural cleansing since world war two. Hardly a nation to set an example to the world.

Gross National Happiness in Bhutan is according to the latest results certainly not all over. Things like health care and education are experienced as factors making the mostly rural population less than happy. According to Bhutan’s own annual GNH report that was recently published. Bhutan does not have freedom of speech, freedom of press, freedom of travel, freedom to speak Nepali, freedom to dress to your own desire, freedom to smoke a cigarette… Bhutan does however have over 400 political prisoners (according to sources like Human Rights Watch), it throws monks in jail for carrying 30 grams of tobacco on them and has been denying international requests to repatriate it’s own people to the south and east of the country. Bhutan sabotaged 19 years of talks with the Nepalese government for repatriation, lies structurally to the refugees, the international community and the press about their willingness to take their people back and Bhutan remains a country as closed to the outside world as North Korea. If you live in Bhutan and oppose the government you can be thrown into jail, be tortured (Bhutan has the doubtful reputation of a great inventor of torture methods), thrown into exile or even get killed.

Over the past decades the Human Rights Evaluations by the United Nations on Bhutan have repeatedly shown many comments from countries like the US, Canada, UK, Netherlands and others on the situation concerning the exiled population now living in the refugee camps in Nepal with already half of them resettled in the largest third country resettlement project of the UNHCR ever. Continuous reporting by organizations like Human Rights Watch and Global Human Rights Defence have made clear that Bhutan is not a country of Gross National Happiness but a country of Gross Human Rights Violations.

It’s sad to see that western society has a very biased and uninformed view of the Bhutanese reality. Bhutan has been able (and has been given ample space to do so) to build an effective reality distortion field around it’s atrocities. That reality distortion field has a name: Gross National Happiness. As a concept welcomed by Buddhists and politicians globally. It is because of that western urge to be inspired by something nice as ‘happiness’ that helps Bhutan in covering up the reality and trying to change history. Using that concept is very much like taking king Herod’s approach to an unwelcome reality: washing hands in innocence while allowing human rights violations to continue.

Not quite a good start for a political party I suppose.

If you want to know more about the reality of Bhutan and the situation of the Bhutanese exiles surf to http://www.headwindfilm.com, watch the trailer of the upcoming documentary and read my essay about the topic.

© 2012 Alice Verheij
writer, film maker, journalist
director of Headwind
Friend of Bhutan Media Society

The Headwind Poject: an overview.

In the past year the Headwind Project has broadened from making a documentary to much, much more. At this stage the project is in fact a more than full time job for the Headwind Production team. The following graph shows what is done and what is coming in the (near) future:

Alice © 2012

‘The Storm’ (2) or ‘Back Home?’

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Namaste my dear readers and friends. I wish you all a great New Year.

I Know, I know, I’m a bit late in doing that but as you know I’ve been away for a month to a region where modern technology is something that is not available constantly. And (I only dare to whisper that) I actually haven’t written much in that month. except for some love letters and the occasional FaceBook status update. But I’m back home. That is to say, my Dutch home for I have during my travel found a new home to live. A Nepalese heart where I feel loved and safe. I won’t reveal nor bother you with the details so let’s just say I’m hooked up with a wonderful nice woman who I love dearly. So I now have another ‘home away from home’ in the south of Nepal, the eastern Terai region to be exact.

The storm I wrote about last month has eased. The questions I had while leaving the Netherlands have been answered and many decision has been taken. The most important one being that I desire to lead a splint life. Half of it (or more) in Nepal, half (or less) of in in the Netherlands. The rest is just the execution of that desire. On the flight back the most vivid sign that such it a good decision is that we faced heave storms over de middle east making the flight slow and the flight time long. We faced ‘headwind’ while returning from the last shooting trip for my film ‘Headwind’. Actually, OUR film ‘Headwind’ as the positions in the production team have changed. Making ‘Headwind’ is no longer my personal task and responsibility, it has become a group thing now with a co0directing producer and a co-pruducing director.

Our trip to Sikkim to shoot mountain footage and travel through the earthquake struck area of the south central Himalayan state of Sikkim has been successful. We’ve also seen the teagardens of Darjeeling and the mists over Pokhara. We visited the now familiar places in Kathmandu, Patan, Pashupatinath and Boudha and travelled by bus, mini taxi, tourist taxi, airplanes, four wheel drives, local busses and riksha’s. We revisited the refugee camps near Damak, the now abaondoned and somewhat spooky Goldhap camp and we talked to and interviewed many. We visited the ex hunger strikers in Beldangi who have risked their lives for the unregistered people in the camps. We stayed at the farm of my love just outside Damak village in between the now still empty rice fields in between fields of amber colored mustard.

And we never had any disagreement or quarrel. Everything happened just like it should. We delivered financial aid to vulnerable non registered, brought media equipment to motivated and eager journalists in the exiled community and brought the photo’s from our exhibition (the one in the Netherlands) back to where they originated. And it all went well.

So here I am in my European home. Feeling happy with what we did living in anticipation of the next few months in which the film will finally become reality. Feeling sad about the love that I had to leave behind (but will see again soon). Making plans for the next journey, the publication of a number of books within three months and feeling dislocated as my heart is still out there.

In the coming months the following results will finally come from the project I started almost one and a half year ago:

  1. the English language novel ‘Headwind, Laxmi’s Story’
  2. a photobook about elderly people in the Himalaya‘s
  3. a photobook about the Bhutanese exiles living in diaspora
  4. the documentary ‘Headwind’
  5. a photo exhibition about resettling in the Dutch community
  6. a cd with music from the film
    and many, other things…

It’s going to be a busy time. After that time I will travel back to Nepal and God willing stay there for five months to live with my love and to promote and sell the results of our work. To show the film to the people who have become my inspiration and are part of it.

For now I’ll just focus on the work. Writing here will be less intense as it has been last month simply because of all the things I have to do for the project that not only produces these wonderful things and art but that has also changed my life and the life of some others working on it.

For the record: we’ve produced almost twelve thousand photos this journey, seven hours of footage and millions bits of memories. So much happens when filming and so memory memories build upon each other. In the end it feels like an epic journey and maybe that’s what it was.

So, namaste my dear western friends, I’m back. For a while. And for my eastern friends I can only say ‘pheri bethaula’.

Alice © 2012

Hillary Clinton on LGBT rights at the UN in Geneva.

Mrs. Hillary Clinton gave an already historical speech at the United Nations in Geneva in the week running up to International Human rights Day on December 10. This is the video and the transcript of the speech. Read it, spread the word, advocate for LGBT rights!

The following is a transcript of Secretary of State Hillary Clinton’s Human Rights Day speech, delivered today in Geneva. Text posted with permission from the White House Office of Communications:

Good evening, and let me express my deep honor and pleasure at being here. I want to thank Director General Tokayev and Ms. Wyden along with other ministers, ambassadors, excellencies, and UN partners. This weekend, we will celebrate Human Rights Day, the anniversary of one of the great accomplishments of the last century. 

Beginning in 1947, delegates from six continents devoted themselves to drafting a declaration that would enshrine the fundamental rights and freedoms of people everywhere. In the aftermath of World War II, many nations pressed for a statement of this kind to help ensure that we would prevent future atrocities and protect the inherent humanity and dignity of all people. And so the delegates went to work. They discussed, they wrote, they revisited, revised, rewrote, for thousands of hours. And they incorporated suggestions and revisions from governments, organizations, and individuals around the world. 

At three o’clock in the morning on December 10th, 1948, after nearly two years of drafting and one last long night of debate, the president of the UN General Assembly called for a vote on the final text. Forty-eight nations voted in favor; eight abstained; none dissented. And the Universal Declaration of Human Rights was adopted. It proclaims a simple, powerful idea: All human beings are born free and equal in dignity and rights. And with the declaration, it was made clear that rights are not conferred by government; they are the birthright of all people. It does not matter what country we live in, who our leaders are, or even who we are. Because we are human, we therefore have rights. And because we have rights, governments are bound to protect them. 

In the 63 years since the declaration was adopted, many nations have made great progress in making human rights a human reality. Step by step, barriers that once prevented people from enjoying the full measure of liberty, the full experience of dignity, and the full benefits of humanity have fallen away. In many places, racist laws have been repealed, legal and social practices that relegated women to second-class status have been abolished, the ability of religious minorities to practice their faith freely has been secured. 

In most cases, this progress was not easily won. People fought and organized and campaigned in public squares and private spaces to change not only laws, but hearts and minds. And thanks to that work of generations, for millions of individuals whose lives were once narrowed by injustice, they are now able to live more freely and to participate more fully in the political, economic, and social lives of their communities. 

Now, there is still, as you all know, much more to be done to secure that commitment, that reality, and progress for all people. Today, I want to talk about the work we have left to do to protect one group of people whose human rights are still denied in too many parts of the world today. In many ways, they are an invisible minority. They are arrested, beaten, terrorized, even executed. Many are treated with contempt and violence by their fellow citizens while authorities empowered to protect them look the other way or, too often, even join in the abuse. They are denied opportunities to work and learn, driven from their homes and countries, and forced to suppress or deny who they are to protect themselves from harm. 

I am talking about gay, lesbian, bisexual, and transgender people, human beings born free and given bestowed equality and dignity, who have a right to claim that, which is now one of the remaining human rights challenges of our time. I speak about this subject knowing that my own country’s record on human rights for gay people is far from perfect. Until 2003, it was still a crime in parts of our country. Many LGBT Americans have endured violence and harassment in their own lives, and for some, including many young people, bullying and exclusion are daily experiences. So we, like all nations, have more work to do to protect human rights at home. 

Now, raising this issue, I know, is sensitive for many people and that the obstacles standing in the way of protecting the human rights of LGBT people rest on deeply held personal, political, cultural, and religious beliefs. So I come here before you with respect, understanding, and humility. Even though progress on this front is not easy, we cannot delay acting. So in that spirit, I want to talk about the difficult and important issues we must address together to reach a global consensus that recognizes the human rights of LGBT citizens everywhere. 

The first issue goes to the heart of the matter. Some have suggested that gay rights and human rights are separate and distinct; but, in fact, they are one and the same. Now, of course, 60 years ago, the governments that drafted and passed the Universal Declaration of Human Rights were not thinking about how it applied to the LGBT community. They also weren’t thinking about how it applied to indigenous people or children or people with disabilities or other marginalized groups. Yet in the past 60 years, we have come to recognize that members of these groups are entitled to the full measure of dignity and rights, because, like all people, they share a common humanity.

This recognition did not occur all at once. It evolved over time. And as it did, we understood that we were honoring rights that people always had, rather than creating new or special rights for them. Like being a woman, like being a racial, religious, tribal, or ethnic minority, being LGBT does not make you less human. And that is why gay rights are human rights, and human rights are gay rights. 

It is violation of human rights when people are beaten or killed because of their sexual orientation, or because they do not conform to cultural norms about how men and women should look or behave. It is a violation of human rights when governments declare it illegal to be gay, or allow those who harm gay people to go unpunished. It is a violation of human rights when lesbian or transgendered women are subjected to so-called corrective rape, or forcibly subjected to hormone treatments, or when people are murdered after public calls for violence toward gays, or when they are forced to flee their nations and seek asylum in other lands to save their lives. And it is a violation of human rights when life-saving care is withheld from people because they are gay, or equal access to justice is denied to people because they are gay, or public spaces are out of bounds to people because they are gay. No matter what we look like, where we come from, or who we are, we are all equally entitled to our human rights and dignity.

The second issue is a question of whether homosexuality arises from a particular part of the world. Some seem to believe it is a Western phenomenon, and therefore people outside the West have grounds to reject it. Well, in reality, gay people are born into and belong to every society in the world. They are all ages, all races, all faiths; they are doctors and teachers, farmers and bankers, soldiers and athletes; and whether we know it, or whether we acknowledge it, they are our family, our friends, and our neighbors.

Being gay is not a Western invention; it is a human reality. And protecting the human rights of all people, gay or straight, is not something that only Western governments do. South Africa’s constitution, written in the aftermath of Apartheid, protects the equality of all citizens, including gay people. In Colombia and Argentina, the rights of gays are also legally protected. In Nepal, the supreme court has ruled that equal rights apply to LGBT citizens. The Government of Mongolia has committed to pursue new legislation that will tackle anti-gay discrimination.

Now, some worry that protecting the human rights of the LGBT community is a luxury that only wealthy nations can afford. But in fact, in all countries, there are costs to not protecting these rights, in both gay and straight lives lost to disease and violence, and the silencing of voices and views that would strengthen communities, in ideas never pursued by entrepreneurs who happen to be gay. Costs are incurred whenever any group is treated as lesser or the other, whether they are women, racial, or religious minorities, or the LGBT. Former President Mogae of Botswana pointed out recently that for as long as LGBT people are kept in the shadows, there cannot be an effective public health program to tackle HIV and AIDS. Well, that holds true for other challenges as well. 

The third, and perhaps most challenging, issue arises when people cite religious or cultural values as a reason to violate or not to protect the human rights of LGBT citizens. This is not unlike the justification offered for violent practices towards women like honor killings, widow burning, or female genital mutilation. Some people still defend those practices as part of a cultural tradition. But violence toward women isn’t cultural; it’s criminal. Likewise with slavery, what was once justified as sanctioned by God is now properly reviled as an unconscionable violation of human rights. 

In each of these cases, we came to learn that no practice or tradition trumps the human rights that belong to all of us. And this holds true for inflicting violence on LGBT people, criminalizing their status or behavior, expelling them from their families and communities, or tacitly or explicitly accepting their killing.

Of course, it bears noting that rarely are cultural and religious traditions and teachings actually in conflict with the protection of human rights. Indeed, our religion and our culture are sources of compassion and inspiration toward our fellow human beings. It was not only those who’ve justified slavery who leaned on religion, it was also those who sought to abolish it. And let us keep in mind that our commitments to protect the freedom of religion and to defend the dignity of LGBT people emanate from a common source. For many of us, religious belief and practice is a vital source of meaning and identity, and fundamental to who we are as people. And likewise, for most of us, the bonds of love and family that we forge are also vital sources of meaning and identity. And caring for others is an expression of what it means to be fully human. It is because the human experience is universal that human rights are universal and cut across all religions and cultures.

The fourth issue is what history teaches us about how we make progress towards rights for all. Progress starts with honest discussion. Now, there are some who say and believe that all gay people are pedophiles, that homosexuality is a disease that can be caught or cured, or that gays recruit others to become gay. Well, these notions are simply not true. They are also unlikely to disappear if those who promote or accept them are dismissed out of hand rather than invited to share their fears and concerns. No one has ever abandoned a belief because he was forced to do so.

Universal human rights include freedom of expression and freedom of belief, even if our words or beliefs denigrate the humanity of others. Yet, while we are each free to believe whatever we choose, we cannot do whatever we choose, not in a world where we protect the human rights of all. 

Reaching understanding of these issues takes more than speech. It does take a conversation. In fact, it takes a constellation of conversations in places big and small. And it takes a willingness to see stark differences in belief as a reason to begin the conversation, not to avoid it. 

But progress comes from changes in laws. In many places, including my own country, legal protections have preceded, not followed, broader recognition of rights. Laws have a teaching effect. Laws that discriminate validate other kinds of discrimination. Laws that require equal protections reinforce the moral imperative of equality. And practically speaking, it is often the case that laws must change before fears about change dissipate.

Many in my country thought that President Truman was making a grave error when he ordered the racial desegregation of our military. They argued that it would undermine unit cohesion. And it wasn’t until he went ahead and did it that we saw how it strengthened our social fabric in ways even the supporters of the policy could not foresee. Likewise, some worried in my country that the repeal of “Don’t Ask, Don’t Tell” would have a negative effect on our armed forces. Now, the Marine Corps Commandant, who was one of the strongest voices against the repeal, says that his concerns were unfounded and that the Marines have embraced the change.

Finally, progress comes from being willing to walk a mile in someone else’s shoes. We need to ask ourselves, “How would it feel if it were a crime to love the person I love? How would it feel to be discriminated against for something about myself that I cannot change?” This challenge applies to all of us as we reflect upon deeply held beliefs, as we work to embrace tolerance and respect for the dignity of all persons, and as we engage humbly with those with whom we disagree in the hope of creating greater understanding.

A fifth and final question is how we do our part to bring the world to embrace human rights for all people including LGBT people. Yes, LGBT people must help lead this effort, as so many of you are. Their knowledge and experiences are invaluable and their courage inspirational. We know the names of brave LGBT activists who have literally given their lives for this cause, and there are many more whose names we will never know. But often those who are denied rights are least empowered to bring about the changes they seek. Acting alone, minorities can never achieve the majorities necessary for political change. 

So when any part of humanity is sidelined, the rest of us cannot sit on the sidelines. Every time a barrier to progress has fallen, it has taken a cooperative effort from those on both sides of the barrier. In the fight for women’s rights, the support of men remains crucial. The fight for racial equality has relied on contributions from people of all races. Combating Islamaphobia or anti-Semitism is a task for people of all faiths. And the same is true with this struggle for equality.

Conversely, when we see denials and abuses of human rights and fail to act, that sends the message to those deniers and abusers that they won’t suffer any consequences for their actions, and so they carry on. But when we do act, we send a powerful moral message. Right here in Geneva, the international community acted this year to strengthen a global consensus around the human rights of LGBT people. At the Human Rights Council in March, 85 countries from all regions supported a statement calling for an end to criminalization and violence against people because of their sexual orientation and gender identity. 

At the following session of the Council in June, South Africa took the lead on a resolution about violence against LGBT people. The delegation from South Africa spoke eloquently about their own experience and struggle for human equality and its indivisibility. When the measure passed, it became the first-ever UN resolution recognizing the human rights of gay people worldwide. In the Organization of American States this year, the Inter-American Commission on Human Rights created a unit on the rights of LGBT people, a step toward what we hope will be the creation of a special rapporteur.

Now, we must go further and work here and in every region of the world to galvanize more support for the human rights of the LGBT community. To the leaders of those countries where people are jailed, beaten, or executed for being gay, I ask you to consider this: Leadership, by definition, means being out in front of your people when it is called for. It means standing up for the dignity of all your citizens and persuading your people to do the same. It also means ensuring that all citizens are treated as equals under your laws, because let me be clear – I am not saying that gay people can’t or don’t commit crimes. They can and they do, just like straight people. And when they do, they should be held accountable, but it should never be a crime to be gay. 

And to people of all nations, I say supporting human rights is your responsibility too. The lives of gay people are shaped not only by laws, but by the treatment they receive every day from their families, from their neighbors. Eleanor Roosevelt, who did so much to advance human rights worldwide, said that these rights begin in the small places close to home – the streets where people live, the schools they attend, the factories, farms, and offices where they work. These places are your domain. The actions you take, the ideals that you advocate, can determine whether human rights flourish where you are.

And finally, to LGBT men and women worldwide, let me say this: Wherever you live and whatever the circumstances of your life, whether you are connected to a network of support or feel isolated and vulnerable, please know that you are not alone. People around the globe are working hard to support you and to bring an end to the injustices and dangers you face. That is certainly true for my country. And you have an ally in the United States of America and you have millions of friends among the American people.

The Obama Administration defends the human rights of LGBT people as part of our comprehensive human rights policy and as a priority of our foreign policy. In our embassies, our diplomats are raising concerns about specific cases and laws, and working with a range of partners to strengthen human rights protections for all. In Washington, we have created a task force at the State Department to support and coordinate this work. And in the coming months, we will provide every embassy with a toolkit to help improve their efforts. And we have created a program that offers emergency support to defenders of human rights for LGBT people. 

This morning, back in Washington, President Obama put into place the first U.S. Government strategy dedicated to combating human rights abuses against LGBT persons abroad. Building on efforts already underway at the State Department and across the government, the President has directed all U.S. Government agencies engaged overseas to combat the criminalization of LGBT status and conduct, to enhance efforts to protect vulnerable LGBT refugees and asylum seekers, to ensure that our foreign assistance promotes the protection of LGBT rights, to enlist international organizations in the fight against discrimination, and to respond swiftly to abuses against LGBT persons.

I am also pleased to announce that we are launching a new Global Equality Fund that will support the work of civil society organizations working on these issues around the world. This fund will help them record facts so they can target their advocacy, learn how to use the law as a tool, manage their budgets, train their staffs, and forge partnerships with women’s organizations and other human rights groups. We have committed more than $3 million to start this fund, and we have hope that others will join us in supporting it. 

The women and men who advocate for human rights for the LGBT community in hostile places, some of whom are here today with us, are brave and dedicated, and deserve all the help we can give them. We know the road ahead will not be easy. A great deal of work lies before us. But many of us have seen firsthand how quickly change can come. In our lifetimes, attitudes toward gay people in many places have been transformed. Many people, including myself, have experienced a deepening of our own convictions on this topic over the years, as we have devoted more thought to it, engaged in dialogues and debates, and established personal and professional relationships with people who are gay. 

This evolution is evident in many places. To highlight one example, the Delhi High Court decriminalized homosexuality in India two years ago, writing, and I quote, “If there is one tenet that can be said to be an underlying theme of the Indian constitution, it is inclusiveness.” There is little doubt in my mind that support for LGBT human rights will continue to climb. Because for many young people, this is simple: All people deserve to be treated with dignity and have their human rights respected, no matter who they are or whom they love. 

There is a phrase that people in the United States invoke when urging others to support human rights: “Be on the right side of history.” The story of the United States is the story of a nation that has repeatedly grappled with intolerance and inequality. We fought a brutal civil war over slavery. People from coast to coast joined in campaigns to recognize the rights of women, indigenous peoples, racial minorities, children, people with disabilities, immigrants, workers, and on and on. And the march toward equality and justice has continued. Those who advocate for expanding the circle of human rights were and are on the right side of history, and history honors them. Those who tried to constrict human rights were wrong, and history reflects that as well.

I know that the thoughts I’ve shared today involve questions on which opinions are still evolving. As it has happened so many times before, opinion will converge once again with the truth, the immutable truth, that all persons are created free and equal in dignity and rights. We are called once more to make real the words of the Universal Declaration. Let us answer that call. Let us be on the right side of history, for our people, our nations, and future generations, whose lives will be shaped by the work we do today. I come before you with great hope and confidence that no matter how long the road ahead, we will travel it successfully together. Thank you very much.

(Toch niet zo) stomme homo’s… maar wel flauwe lesbo’s.

Naschrift:
Vera is op haar tenen getrapt. Ze is niet mutserig, geen minkukel en geen ignorent trutje. Volgens zichzelf. Ach. Henk Krol daarentegen begrijpt het wel en wijst me op zijn weblog en met name op zijn blogje van vóór de uitzending van PenW.

Kijk, het eerste is vooral grappig want er kan iemand even niet tegen een zuidwester stormpje. Jammer dan. En het tweede vind ik dus portief. Blijkt dus dat nu uitgerekend Henk Krol op zijn weblog nog voor de uitzending van PenW juist wèl de situatie van transgenders in één mooie adem noemde met zijn pleidooi voor een koerswijziging van de homobeweging. Dat in tegenstelling tot nu juist Vera Bergkamp die dat dus naliet op het moment dat ze dat nadrukkelijk niet had mogen nalaten. En daarmee van mij een redelijk harde veeg uit de potten kreeg.

Waarmee de kritiek van Vera in een interessant daglicht komt te staan. Ofwel: hoe een ‘voorvechtster’ dus eigenlijk onterecht kritiek heeft op een ander maar het er zelf lelijk bij laat zitten en er vervolgens niet tegen kan daarop verbaal aangepakt te worden. Maar eh Henk… chapeau!
En dan nu het vervolg Henk…, wordt het geen tijd voor de Gay Krant om het stokje over te nemen en een stevig artikel aan de positie van transgenders te besteden? Liefst met transmannen in de hoofdrol? Ik daag je – met een brede glimlach – toe uit!

Wat rest is dat ik Henk sportief vind en Vera niet. Ach, het kan verkeren. Wat ook rest is dat voor diegenen die vinden dat ik soms te ver ga in het verbaal onderuit schoffelen van ego’s het erg jammer is want de kans dat ik me daar ook maar iets van aantrek zo ongeveer nul comma nul is. Als schrijfster eigen ik me dat recht gewoon toe, net als andere schrijvers en polemisten in Nederland. En kan iemand er niet tegen? Dan lees je het toch gewoon niet. I simply don’t give a damn!

Ik ga er even een paar weken van tussen om te voorkomen dat ik na die idiote Katholiek in soepjurk die me al irriteerde over ga tot een massamoord op kerstmannen. En in januari ben ik weer terug. Mocht iemand iets stoms doen wees dan gewaarschuwd: ik vreet je verbaal op met huid en haar… en dat terwijl ik toch eigenlijk best heel lief ben. Aan alle homo- en transhaters: steek veel vuurwerk af, laat het te laat los en verlies een paar handen…

— en dan nu mijn oorspronkelijke artikeltje —

Ik zeg het niet snel en ik schrijf het zelden of nooit. Maar ze zijn er, stomme homo’s en mutserige lesbiënnes.

Als voorafje: ik ben zelf nogal lesbisch zal ik maar zeggen dus ik veeg hier in het eigen nest.

Goed dan, daar gaat ie. Eergisterenavond. Pauw en Witteman. Ik heb niet gekeken en vandaar dat ik nu pas mijn te berge gerezen haren verbaal platstrijk en dat niet een dagje eerder heb gedaan. Uitzending gemist kwam op mijn weg nadat een Facebook linkje van iemand in mijn vriendjes / vriendinnetjes / vriendandersjes lijstje bij mijn iPad naar boven popte. En dus heb ik wel gekeken, op zijn cyberspace’ dus. Henk Krol, je weet wel die grote vent van de Gay Krant die voor zijn mannen goede zaken gedaan heeft en Vera Bergkamp, charmant en krachtig als altijd als voorzitter van het COC aan tafel. In gesprek. Een gesprek waarin Pauw niet zoveel vraagt, die heeft niet zoveel ruimte bovenin voor homo’s met die 200 vrouwen van hem dus vooral Witteman die de voorzetjes geeft.

Henk heeft iets raars gezegd namelijk. En als je als homovoorman iets raars zegt kom je bij PenW op TV. Dàt hebben ze in ieder geval bereikt in vijftig jaar emancipatie. Henk vindt dat de homobeweging wel kan stoppen. De strijd is gestreden, de wetten zijn aangepast, de maatschappij weet het nu wel en verdomd Henk, je hebt helemaal gelijk. Voor homomannen dan wel te verstaan. Mooie Vera is het er natuurlijk niet mee eens. Want er is nog veel niet goed en daar rollen de mantras van de lesbische vrouwen die een kind willen en de verplichte voorlichting op scholen samen met de weigerambtenaren vlotjes over de buis.

En dan ontspoort het. Henk heeft gezegd dat het wel geregeld is met die wetten en tot mijn ontsteltenis bevestigd Vera dat met zoveel woorden. Het zijn inderdaad andere zaken dan wetgeving die nu aan de beurt zijn.

En ik ontplof. Met een doodsklap.

Wàt zegt Vera? Wàt beweerd die Krol? Het is wel geregeld met die wetgeving? COC Vera, die dondersgoed weet dat er een vreselijk slecht wetsvoorstel bij meneer Teeven op het bureau ligt om de juridische geslachtswijziging van transgenders te regelen?
Kijk dat Krol dat niet weet of wil weten of vergeet is één ding. De homomannen van de Gay krant heb ik niet kunnen betrappen op al teveel aandacht voor transgenders. Maar Vera, meis, toe nou. Het COC. Kom op zeg. Jullie roepen toch zo graag dat je LGBT belangen dient? Dus inclusief de T van transgender? Jullie doen toch allerlei dingen binnen de gemeenschap waarbij die T telkens genoemd (maar overigens zelden serieus ingevuld of van fondsen voorzien) wordt? Of is het zo dat alles uitbesteed is naar het Transgender Netwerk Nederland inclusief een stukkie budget en je dus maar gewoon helemaal niet aan die verdomde wetgeving voor transgenders denkt?

Sterker: je maakt het erger. Je wijst er op dat er een tweede emancipatiegolf aan de orde is. Voorbij de discriminerende wetgeving want die is er niet meer. Het gaat om de uitvoering van die wetten nu. Het gaat om de weigerambtenaren. Dat er in tegenstelling tot Henk’s en jouw stelling dat er geen problemen op wetgevingsgebied zijn een schandelijk slecht wetsvoorstel NOG STEEDS op het bureau ligt te verstoffen, dat het daar alweer ene tijdje ligt, dat het niet deugd, dat die wet nadrukkelijk in strijd is met de mensenrechten, dat dit al kabinetsperioden vertraagd en doorgeschoven wordt en dat er tienduizenden mensen zijn die daar elke dag last van hebben, dàt noem je niet. Je laat het moment passeren, je denkt niet eens aan die transgenders die wel door het COC genoemd worden in de eigen positionering want je kunt er zo fijn contributie bij heffen.

Je haakt niet in, je meldt niet dat er knullige onderzoeken gedaan worden door de overheid waarin naar de bekende weg gevraagd wordt voor de zoveelste keer want zolang er onderzocht wordt hoeft die overheid niets te doen. Je laat de boel liggen. Wat mij betreft laat je daarmee je transgender broers, zussen en tusseninnen in de hoek liggen. Je steelt zelfs de mogelijkheid van een prikje om die wet te verbeteren. En daardoor marginaliseer je vrolijk mee. En het aller allerergste Vera, is dat je je er niet eens van bewust was. Want als je je dat wel was dan zou je je nog veel harder moeten schamen.

Wat mij betreft Vera: het COC, weg ermee! en neem en passant die Gay krant ook maar mee!
Want mensen als ik, trangenders (hetero of niet), hebben niks aan jullie als je het er bij laat zitten. 

Kom ook alsjeblieft niet met een sorry of zo er is immers een geloofwaardigheidsprobleempje dat je beter maar eerst kunt oplossen. Een telefoontje naar Teeven heb ik liever. Of die al klaar is met broeden en of het ei inmiddels een beter ei is dan wat we hebben gelezen deze zomer. En doe maar liever niet meer alsof jij en het COC écht een lor geven om transgenders. Dat is nu té ongeloofwaardig en geloof me, eens loopt de druppel over. Ook bij ons.

Alice © 2011
Transgender activist

Save our orchestras!

The Dutch government is executing the largest cuts ever in the cultural sector. Many things that have been built and developed in our society on cultural level is being dismantled and destroyed. With the argument of the global financial crisis backing up their policy of cultural destruction.

Without any interest in what culture (music, theatre, visual and performing arts) mean for the good of the people and without regard for the place it has in society and with a focus on the economy, on money and growth, our culture is not slowly but rapidly destructed. In protests artists have shown that they do not accept being the outcasts of society because ‘their work does not contribute to a stronger economy’.

The Netherlands will because of the policy of this right wing anti cultural and stupid government lose some of its gems like the Metropole Orchestra and many other important groups in the performing arts. The Metropole Orchestra performs with know Dutch singers in protest. Their video is widely spread over the internet in support of the arts and against the policy of this government. Enjoy what music does and join in protest by spreading this video as a viral.

Alice © 2011