Coming out. Of niet.

Voor heel veel mensen is het begrip ‘coming out‘, het ‘uit de kast komen’, een zwaar beladen begrip. Voor diegenen die problemen hebben met andere dan mainstream identiteiten en geaardheden, voor hen die (nog) ‘in de kast’ zitten. Om verschillende redenen waarbij de tweede groep, die kwetsbaar is, mijn sympathie nadrukkelijk heeft.

Maar er is nog een derde groep en voor het gemak van argumentatie richt ik me in deze tekst op de LHBT (Lesbisch-Homo-Bisexueel-Transgender) gemeenschap. De gemeenschap in de sameleving die voornamenlijk bestaat uit hen die zelf wel uit de kast zijn gekomen.

Het probleem wat deze gemeenschap heeft is dat de algemene mening binnen de gemeenschap lijkt te zijn dat uit de kast komen een goede zaak is en dat iedereen die het betreft dat eigenlijk ook zou moeten doen. Om emancipatoire redenen. Want de communicatie van belangengroepen en organisaties lezend en kennend kan zonder meer vast gesteld worden dat ‘uit de kast’ komen een goede zaak is en het niet uitkomen voor sexuele geaardheid of genderidentiteit een slechte. Of in ieder geval een ongewenste. Zij die niet uit de kast komen zijn niet geëmandcipeerd en lijden onder de onderdrukking van hun omgeving. Onderdrukking in de vorm van potentiële afwijzing of erger.

253304_377786638994122_385859700_n

Heel vaak is dat ook zo. Heel vaak hebben ‘andersen’, mijn woord voor zij die niet binnen de algemeen geldende maatschappelijke kaders vallen, het zwaar. Haat-criminaliteit en de mildere vormen van afwijzing zijn aan de orde van de dag en de laatste jaren zijn die zelfs erger te zijn geworden. Zowel in onze westerse maatschappij als in andere samenlevingen zoals de Oost-Europese en Russische.

Zelf overigens, ben ik jaren geleden als toen transseksuele vrouw naar buiten gekomen. In een klein dorpje midden in de knellende Bijbelband van het land. Dat was, zo kan ik u verzekeren, geen pretje. De beschimpingen op straat, de afgewende blikken van mensen die eerder pretendeerden vrienden te zijn en de eieren tegen de ramen zal ik niet vergeten. Kan ik niet vergeten en mijn kinderen denk ik ook niet. Uiteindelijk ben ik de bekrompen hel van het dorpje ontvlucht en in mijn geboortestad gaan wonen. Een goede keuze.

Toch ben ik van mening dat de koers die veel belangenbertigende organisaties in het LHBT domein het op dit punt niet goed doen. Immers, de emancipatiedrang (die ik onderschrijf) vanuit die organisaties is groot. Dat uit zich in de algemen mores binnen de LHBT gemeenschap zoals eerder omschreven: uit de kast komen is goed, er in blijven niet. Daar nu ben ik het mee oneens. De aanleiding voor deze gedachte is het zoveelste facebook berichtje in mijn tijdlijn dat op ‘grappige’ wijze mensen er op wijst dat in de kast blijven, het niet uitkomen voor je geaardheid, niet goed is. Ben je gay of trans dan wordt je opgeroepen om daar voor uit te komen. Organisaties als COC doen dat nadrukkelijk. En dat bevalt me allerminst.

Als het zo zou zijn dat er aangegeven werd dat als je uitkomt voor je geaardheid of identiteit je erg welkom bent dan zou dat mooi zijn. Want dat is zo ongeveer het enige dat echt telt. Als er aangegeven werd dat je steun zou krijgen dan zou dat ook erg mooi zijn. Maar dat is niet wat er staat, dat is niet wat er gesuggereerd wordt. De suggestie is dat niet uitkomen voor geaardheid of identiteit slecht is. En dat is het niet. Integendeel. Als een mens besluit om de dagen te slijten zonder expliciet te zijn over sexuele geaardheid of (afwijkende) genderidentiteit dan is dat immers volledig des persoons. Een mens heeft gewoon het recht om zelf, zonder druk van buitenaf, te beslissen om expliciet te worden of dat na te laten. De sociale en morele druk vanuit de gemeenschap is in dat licht bezien immoreel. Want die druk, het constant drammen op de noodzaak tot coming out, ontneemt mensen het morele recht om dat nu juist niet te doen. Het is normatief en goed beschouwd zelfs contra-emancipatorisch. Het is, zo durf ik te stellen, een vorm van groepspressie op individuen die men niet eens kent en in specifieke situaties zelfs morele groeps repressie. De tolerantie voor mensen die om religieuze redenen hun geaardheid of identiteit niet op straat willen gooien is op zijn zachtst gezegd heel erg beperkt.

Ik ben blij dat ik de keuze heb gemaakt om expliciet te worden over mijn andere genderidentiteit dan welke men dacht dat ik had. Mijn coming out over het feit dat ik lesbisch ben overkwam me eigenlijk meer dan dat ik er ooit over nagedacht had. Het feit dat ik eigenlijk in zekere zin bisexueel ben vind ik zo weinig interessant dat ik niet de moeite neem dat te verhullen nog te bespreken. Voor mij zijn gender en sexuele geaardheid begrippen die fluïde zijn. Ja, ook gender. Ik voel me heus niet altijd vrouw. Ik weet zelfs niet wat het is om me man of vrouw te voelen. Het interesseert me ook niet als het om mezelf gaat, ik ben gewoon wie ik ben.

Toch vind ik beslist niet dat iedereen moet uit komen voor, publiek moet worden over, genderidentiteit en sexuele geaardheid. Wat mij betreft moet iedereen dat gewoon zelf weten en daar keuzes in maken of juist geen keuzes daarin maken. Ik kan me niet verenigen met de morele dwang die er vanuit de LHBT gemeenschap wordt gelegd op die mensen. Sterker nog, ik vind die morele dwang onethisch. Wil je in de kast blijven? Prima, dat is jouw keuzen en dat mag. Wil je dat niet? Ook goed, ook dat is jouw keuze en als je hulp nodig hebt om staande te blijven in de maatschappij die je (deels) zal afwijzen dan verdien je alle hulp. Natuurlijk.

Maar alsjeblieft zeg, laten we gewoon ophouden met die stomme berichtjes die mensen moreel onder druk zetten. Geef mensen echte vrijheid. Vrijheid inclusief het recht op de keuze om niet expliciet te zijn over zaken die nadrukkelijk strikt persoonlijk zijn. Uit de kast komen mag en verdiend steun. Maar het hoeft niet. Echt niet. Wat als die goedbedoelende organisatie ook zeggen.

© 2013 Alice Anna Verheij

Advertenties

Nachtgedachten

alicefoto: © 2013 Daniel Kempisty

Tijdens slapeloze nachten
spoken woorden en gedachten
als duveltjes uit een doosje
bij mij, voor een poosje
Ze plagen mij
belagen mij
en soms
heel soms
behagen zij
alsof ik met ze vrij

Af en toe dan
vraag mij niet hoe dat kan
beroeren ze mij
en ontvoeren ze mij
nemen me mee
naar overzee
in oude grote schepen
die zich moeten laten slepen
of over land
naar een andere kant

Ik reis in treincoupé’s
veel ouder dan TGV’s
met heel veel hout
en koper als glimmend goud
met piepende deuren
vreemde geuren
en warme kleuren
in prachtige interieuren
naar verre landen
en vreemde handen

Zonder te slapen dan
droom ik wat ik kan
over een zachte streling
en onbekende tinteling
ogen die door mij heen zien
en lippen die kussen misschien
over verleden
niet over het heden
wel over morgen
nooit over zorgen

En zonder uitzondering
eindigt die verwondering
in een peilloos diepe wens
naar die ene, die ene mens
niet zover van mij vandaan
op minder dan een dag te gaan
maar toch zo schier onbereikbaar
zo oneindig ontastbaar
als een droom
of een verstorven toon

In mijn slapeloze nachten
blijf ik je liefde verwachten
en klinken jouw woorden
als adagio akkoorden
die mijn hersens temmen
en mijn daden remmen
het verlangen verstild
de wil niet gewild
de woorden niet uitgesproken
en de ban nimmer gebroken

© 2013 Alice Anna Verheij

Het verzet van mijn vader.

verzet

Vanmorgen stond ik voor mijn klerenkast
keek langs de deur naar de wand
en zag het verzet van mijn vader

Met zijn oorlog en zijn loden last
zijn emoties aan de kant
en dacht, de pijn komt altijd later

Twaalf jaren lang niets weggewast
herinnering aan vaders hand
ik mocht hem houden langs het water

Dan lees ik op die tegel zijn verzet
begrijp nu pas wat hij bedoelde
het was een wijze les, maar geen wet

Vanmorgen bij die klerenkast
met vaders verzet daar aan de wand
besefte ik, ook begrip komt altijd later.

© 2013 Alice Anna Verheij

Boekwinkel x.0

Vandaag was een literaire dag. Zo eentje die je deelt met een andere schrijfster omdat je samen iets heel moois aan het maken bent op boekengebied. De ontmoeting was deze keer in mijn eigen stad en omdat we veel te doen hebben en het om een heel bijzondere samenwerking gaat is het goed daar tijd, ruimte en de juiste locatie voor te kiezen. Het ging goed en wat er gaat komen zal menigeen verrassen. Mijzelf niet in het minst want iedere ontmoeting is een nieuw laagje op het canvas van ons werk.

Na afloop, en dat is altijd veel te vroeg, kon ik het niet laten even de stad in te dwalen. Een tochtje dat me langs het pand van De Slegte, u weet wel die winkel waar je zo lekker kan scharrelen in de stapels boeken tegen lieve prijsjes. En soms een diamantje vinden. Met dat pand is wat aan de hand. Het is immers een vraagteken. Een groot vraagteken.

Enige tijd geleden viel de zoveelste boekhandelketen om. Nu ja, bijna dan. Selexys, ik heb de naam nooit begrepen, trok het niet meer. Niet vreemd met zoveel peperdure panden op peperdure toplocaties in de grote steden. De vastgoedlasten van de doorgaans redelijk smaalvol ingerichte winkels wil ik niet eens weten, ze zullen astronomisch geweest zijn. Iedere grote stad had er wel een topboekhandel in op zien gaan. Donner in Rotterdam, Verwijs in Den Haag, ach de lijst met namen van ooit prachtige boekwinkels is eindeloos. Stuk voor stuk werden ze in de loop van de jaren door de opkomst van internet, modernistisch sneldenken, postmodernistische Amazon verzendhuizen en een immer afkalvende kwaliteit van het taalonderwijs (en dus de interesse in boeken) opgeslokt. Geketend in een winkelketen. De panden werden groter, luxer en megalomaner. Boeken lagen en stonden geordend en de kans op ontdekkingen van literaraire pareltjes en bijzondere boeken die niet in iedere redelijke boekwinkel te vinden waren nam even rap af als de vierkante meters in de panden met sfeerverlichting toenam. De geur van yuppenkoffie verdrong die van papier en inkt.

De nationale ramsjhandel De Slegte, ooit de nachtmerrie van iedere zichzelf respecterende auteur, verschoof van veredelde koophal van goedkope boeken en vreemdsoortige restpartijen van nog vreemdsoortiger uitgaven aangevuld met stokoude overschotten van privéverzamelingen naar het segment van het luxe design antiquariaat. De laatste incarnatie van De Slegte in Den Haag was de definitieve moedermoord op wat ooit die lekkere scharrelbak was. Het interieur was ineens afgestoft, opgeleukt met Apple-achtig design en de tweedehandsboeken stonden Godbetert geordend in het gelid in de lange rijen uniforme en doodsaaie kasten. Wèg was het gevoel. Ook De Slegte ging het niet redden.

Daarmee werden de designketen en de opgeleukte parelketting van nepparels tot elkaar veroordeeld. De combinatie van beiden is in alle opzichten natuurlijk een enorm verlies voor de boekenkoper maar tegelijk ook de enige weg om te voorkomen dat beiden zouden sterven.

verwijsdeslegte

Ergo, ik wandelde dus het vraagteken binnen. Boven de deur ook als zodanig zichtbaar gemaakt met een logo dat uitstraalt dat ze het ook niet meer weten. Een gevisualiseerde kwetsbaarheid van boekverkopers die aan het eind van hun Latijn lijken te zijn en het vervolgens maar aan het publiek dat zich van de goedkope schoenen van Invito naar de nog goedkopere van Bristol verplaatst vragen:

“Wat in Godesnaam wìllen jullie dan voor boekenwinkel?
Want wij weten het ook niet meer.
En, o ja, wij houden wel van boeken!”

Binnen verschoof mijn emotie van pijnlijke nieuwsgierigheid en drempelvrees via het Ikea interieur naar verbazing, verdwazing en uiteindelijk verweesdheid. Zelden heb ik me zo weinig thuis gevoeld in een boekwinkel. De koffiebar met tafeltjes neemt er een respectabele ruimte in en de kasten hebben als basis een passende rouwkleur. Het hele interieur ademt de sfeer van een boekencrematorium met ingebouwde klantenservice, informatiebalietjes en teveel ruimte tussen de kasten. De collectie boeken is daarbij dermate beperkt dat de lust om te zoeken je snel vergaat want hoewel dat zoeken uitstekend gaat is dat voor wat betreft het vinden bijkans onmogelijk. Een simpele test of er in het antiquariaat gedeelte – passend tweedehands genoemd – ergens een uitgave over koningin-regentes Emma (al is het een Fasseur boekje) te vinden is, stuitte al op leegheid van planken en afwezigheid in het computersysteem. “We kunnen zoeken op titel en woorden in titels” was de toelichting, sleutelwoorden schijnen niet te bestaan in dit boekengraf. Mijn hemel, wat hebben we gedaan in boekminnend Nederland om dit te verdienen?

Toen ik na een half uurtje ernstige verdwazing naar buiten strompelde zonder ook maar een papierbundeling aangeschaft te hebben, ik geef toe de verzameling Moleskine boekjes is groot (maar ook overal te koop) en verleidelijk, keek ik nog èèn keer naar die gevel. Pas toen was het me duidelijk: ze weten het echt niet meer. Mij wordt het koud om het hart om te beseffen dat ik verdorie nog afhankelijk aan het worden ben van dit soort verkoopkanalen. Natuurlijk respecteer ik de commercieel kwetsbare opstelling die de eigenaren van dit bedrijf kiezen. Het getuigt van lef om te laten weten dat je het niet meer weet en daar zelfs een logo op ontwerpt en gebruikt. Maar toch, ik mis de stapels van ‘De Echte De Slegte’ en de chique stilte van Verwijs toen Stam er nog bij was.

© 2013 Alice Anna Verheij

Naschrift: ik ben begonnen om een lijstje echte antiquariaten aan te leggen en een zwarte lijst van boekwinkels waar ik liever niet op de plank sta. Eentje staat er al op. En bij Amazon koop ik sowieso niks meer, ik respecteer de mensenrechten liever.

Je bent minister en je schrijft een brief…

Je bent minister en je schrijft een brief. Over een beleidsgebied waar je verantwoordelijk voor bent. Dat wordt van je verwacht door het parlement want dat wil iets hebben om een beetje een beeld te krijgen van wat je op dat gebied wel en niet gaat of wilt doen.

Zo’n brief schrijf je natuurlijk niet zelf. Je zet er je handtekening onder, dat wel. Wellicht heb je er een serie gesprekken over met coalitiegenoten in het kabinet of misschien dat niet eens. Tuurlijk, je praat er over met je ambtenaren en misschien doe je net nog iets meer en geef je hun aan wat je verwacht dat er in de door hun geschreven brief komt te staan. Er gaat niet één ambtenaar maar een hele wagonlading aan de slag want de minister wil een brief hebben. Vanuit alle beleidsterreinen binnen het ministerie die ook maar iets met het onderwerp van die brief te maken hebben wordt er bijgedragen aan de tekst. Die een verzameling wordt van gemeenplaatsen, algemeenheden, ingetrapte open deuren en zorgvuldig geformuleerde intenties. Soms zelfs een voornemen.

2013-05-12 at 12.51.22

Op een zondagmiddag krijg je het resultaat, je man snijdt ondertussen het vlees voor de maaltijd, en je leest de tekst door. Als rechtgeaarde politica zit het compromisgedrag je in de aderen en dus vind je op een enkel punt na het een heel decent stuk. De opvolgende maandag laat je jouw directeur op het ministerie weten dat er nog wat geschaafd moet worden en op de dinsdag is het voor de bakker. Je eigen beleidsbrief die je vervolgens naar het parlement stuurt.

Je heet Jet Bussemaker en bent minister in een kabinet van schraalhansen en liberaal grijze duiven. Je bent vrouw. Je brief gaat over emancipatie en dus over vrouwen. Je bedenkt niet dat de diversiteit aan vrouwen zo groot is in dit land (en elders ook trouwens) dat je brief bijna per definitie door een flink deel van die vrouwen niet gepruimd gaat worden. Je geeft een interview aan Trouw.

En dan gebeurt het. Trouw zou Trouw niet zijn of er wordt iets uit die brief gelicht, op een verbaal schaaltje gelegd met de spot er op gericht en je wordt om commentaar gevraagd. Je trekt je positivo houding aan en geeft antwoord in alle naïviteit. Je geeft in dat antwoord vrouwen een verbale draai om de oren maar je bent niet specifiek genoeg en je verzuimd om de andere aspecten uit je brief in te zetten voor een afgewogen antwoord. Trouw zou Trouw wederom niet zijn als ze daar geen gebruik van maken en het op het schaaltje liggende onderwerp wordt met jouw antwoord er bij niet alleen in de spotlights gehouden maar ook uitvergroot.

Opeens blijkt dat je een minister bent die ‘vrouwen aanvalt op hun gebrek aan verantwoordelijkheidsbesef voor hun eigen onafhankelijkheid’, ‘vrouwen aan het werk stuurt in een baanarme arbeidsmarkt’ en ‘vrouwen in een post feministische klem zet’.

Dat was natuurlijk niet je bedoeling. Niemand in de media rept over die goeie passages over onderwijs en zorg en je wordt van alle kanten aangevallen. Verdikkie. Je dacht het nog zo goed gedaan te hebben en eigenlijk vind je ook echt dat vrouwen in het algemeen zich onttrekken aan het organiseren van hun eigen zelfstandigheid. Je bent immers liberaal.

O nee, je bent socialist. O nee, sociaal democraat. Ach jee.

Repareren heeft geen zin en dus kies je ervoor om vooral maar stil te zitten als je geschoren wordt, om maar eens een in dit geval genderscheve uitdrukking te gebruiken. In interviews spreek je je niet echt meer uit, over een paar weken immers is de wind vast gaan liggen en kun je terug naar de zondagmiddagmaaltijd. Je man is tegen die tijd wel klaar met het vlees snijden. Alleen opeens smaakt het niet zo lekker meer en je komt er achter dat hij niet zo goed is in het snijden en braden van het vlees. “Verdorie, ik moet ook alles zelf doen” zegt een stemmetje in je hoofd. Met weemoed denk je aan de tijd dat de media teksten echt lazen en niet iedereen als stuip het proberen af te branden van een bewindspersoon heeft maar probeerde een discussie aan te gaan. En aan hoe je moeder van die lekkere sucadelapjes braadde. Uit nijd gooi je je smartphone in de prullenbak. Dat stomme facebook en getwitter van al die mensen die van alles en nog wat vinden maar niet eens serieus het gesprek met je aangaan en wel direct in hun eigen veroordelende stuip schieten ben je hartstikke zat. Net als het vlees, veel te zout.

En dat op moederdag. Emancipatie, bah!

© 2013 Alice Anna Verheij

Voor wie de brief van Jet wil lezen: 110513_brief_bussemaker

The greatest show on earth.

I went inside. A small square table right in the center of the mirrored wall. Well, all walls were mirrored but I mean the one facing the Boulevard de Saint Germain-des-Prés.

Paris, Café de Flore. I’m chasing the footsteps and memory of Hemingway. Whenever I go to a place he went I feel some sort of personal connection. Unexplainable I guess. He’s not there anymore and I am too young to have been his lover. If I could have been I probably would have been. Anyway, Café de Flore in the Parisian center of literature and philosophy. Simone de Beauvoir sat here too. Maybe just like me but probably not alone but with Sartre sharing one of these small tables. And a café creme or more likely a glass of wine.

cafe de florePhoto: ‘Café de Flore’ © 2013 Alice Anna Verheij

Hemingway wrote that people who do not allow themselves the hugely overpriced coffee at Café de Flore are missing out on probably the greatest show on earth. I happen to agree. Because this café certainly is an ongoing show. More than it’s equally interesting neighbour Les Deux Magots, which I tried out the day before. One simply has to go in and sit at one of the tables and watch. Watch the waiters moving around. The place is lively even when only a handful of the 40 tables on the gournd floor are occupied and the rest of the guest are outside enjoying the terrace and the spring. The real show is inside. Through the open doors just before lunchtime you will find no less than 20 waiters running in and out with filled and emptied trays. Outside the peak hours their number deminishes to ‘just’ 12 and even they are sometimes pausing to chat with each other lively. But never for long. The waiter flirt with the women, the have a good eye for beauty looking at how the respond when challenged. The Amrican girls don’t notice it. The interior of the café is very art nouveau-ish. Light, lots of glass, squared shapes and ornaments and those little tables placed in an invisible grid in such a manner that it’s possible to travel full speed in between them with filled trays. The chairs are Thonet chairs in the variety with the 6 bars in a waiver shape at the back in between the elongated back legs. Little arcs in between the legs give them enough strength to withstand long term use by gravitational people.

A napkin is draped over the left arm and the tray rests on the right hand. The skirt is whiten and long ending just above the well polished shoes covering black trousers. The vest is as black as the trousers are and the shirt is toothpaste white. A black bow-tie is standard. Waiters really are waiters here. Their smile is tempting and inviting and has just about the same color as their shirts, independent of their age. Interesting. Although there’s the 20 of them running around they form a group of 50 on the café’s payroll. They accept tips with a slight nod and a smile, but tips are rarely given. I suppose the prices prevent people to give tips. In their wallet the waiters seem to have enough change to prevent them from unneeded walks to the cash register inside. Their walking route is twofold. The ones from the side terrace follow a high speed trail with a double wave making them zigzagging in the café, the ones from the Boulevard terrace have just one corner to handle. Both streams end at the right side of the mirrored fake wall behind which the kitchen is located. The connect with the line of waiting waiters who are emptying their trays, passing the orders and refilling their trays with earlier orders to deliver them to the guests after another high speed wave walk to the terrace or inside the café. The cutomers inside the café are left alone. There are just a few of us sitting at a few of the tables. The others are reading a newspaper or a book. I am writing, it’s quiet and I realize that there’s no music distracting us. A stranger stares outside with his mind wandering of to a place unknown.

The café creme is delivered on a silver platter. The cup and saucer, coffejug, milk jug and glass filled with water are all imprinted with ‘Café de Flore’. I guess they’re some sort of collectors item and I presume that because of that they are renewed very frequently. They look brandnew. The whole café is a time machine. From my table position I imagine that the view hasn’t changed much in the past eight or nine decades. There’s an unmatched level of perfection in displaying the past in a beautiful manner, even better then in that other time machine opposite the church. The mosaic of the tiled floor with the little waiver shaped in yellow and brown tints, the dark wooden chairs and tables, the tomato red seats, the mirrored walls divided by marble elements, the copper of theframes around the mirrors and off the illumination and the creamwhhite of the ceiling and the two lonely pillars in the middle of the café split the space in a darkish but interesting underworld and a light upper world. The murmur of talking people is everywhere all the time. Some people are silent.

Around lunchtime the number of inside customers quickly rises to the level that most of the little tables get occupied with cups, saucers, plates, glasses and cutlery. The noise level rises equivalently. The waiters still smile, no matter how hard they have to work. In retrospect I agree with Hemingway’s words. Visiting Paris without having coffee at the Café de Flore is worse than not seeing the Eiffeltower in Paris’ skyline when looking down from the Sacre Coeur. The patron at the door never smiles but shows a presidential expression overseeing his world of customers and waiters. His hands are almost permanently folded in front of him. When I finally leave we greet. A bientôt. I will come back soon I hope.

© 2013 Anna Ros

Ik wil wonen in een stad met boekenbomen.

boekenbomenPlace du Saint Germain-des-Prés – foto © 2013 Alice Anna Verheij

Ik wil wonen
in een stad met bomen
met daarin boeken
waarin ik kan zoeken
naar mooie woorden
en passiemoorden
of een hoofdstuk
vol lief geluk
ik heb dan een boekhandel
en op zondagmorgen wandel
ik vlak bij waar ik woon
en zie die boekenboom.

© 2013 Alice Anna Verheij

Wat een week!

De afgelopen week was me er eentje.

Om te beginnen waren er de dagen in Parijs voor de OuiShare conferentie die ik samen met een paar wijkgenoten bezocht. Nou ja, eigenlijk alleen de eerste dag want daarna was ik ook wel klaar met die conferentie. Een paar dagen nadien en flink wat ander werk maken dat het beeld dat ik vooraf had en dat ernstig bevestigd werd op die eerste dag alleen maar sterker is geworden. Wat mij betreft was het allemaal ‘much to do about nothing’. Vernieuwingsgraad laag, babbelgehalte hoog, extase afwezig, kunst idem dito en dus eigenlijk niet interessant. Parijs zelf was dat echter des te meer en de twee dagen waarop ik vijentwintig jaar oude herinneringen overschreef met nieuwe, rondzwierf in de stad, Hemingway’s voetsporen poogde te drukken èn een berg foto’s gemaakt heb, zijn voor herhaling vatbaar. Niks fijner dan met een goede camera zwerven in een stad als Parijs op de eerste echte lentedagen. Of het nu ikzelf of Anna Ros was die er gezworven heeft en in La Belle Hortense, Café de Flore en Les Deux Magots zat weet ik nog niet precies.

Alice AnnaCafé de Flore in St. Germain-des-Prés, Parijs

Eenmaal terug was het vol aan de bak met het monteren van Dooie Pier, mijn eerste documentaire die ik samen maak met Arna van der Sloot voor televisie en die aanstaande zaterdag op TV West wordt uitgezonden. Vijentwintig minuten over de pier bij Scheveningen bezien door de ogen van verschillende generaties Scheveningers. Moet hij blijven of moet hij weg? Of wordt het opknappen en wat zijn de herinneringen die ze hebben aan dat markante bouwwerk voor de kust van Scheveningen? Dit is de promotie poster met daaronder de teaser voor de film.

dooie pier poster horizontaal klein

Tussendoor is dan ook nog eens WoordenStorm opgericht. Na een paar jaar in de koelkast gelegen te hebben en niet als bedrijf te functioneren werd het tijd (en bleek het mogelijk) om mijn eenvrouwszaak dan toch maar van de grond te tillen. Het eerste werk is er ook al en dus is de start ‘vliegend’. Mooi en fijn.

De komende dagen zijn wat rustiger en dan kan er gewerkt worden aan de verschillende projecten, van tijdreisgids en toneelstuk tot vertaalwerk en het schrijven aan mijn eigen romans, het voorbereiden van foto exposities en nog zo het een en ander.

Het is en wordt een mooi en druk jaar. Nu maar hopen dat het goed blijft gaan.

© 2013 Alice Anna Verheij

WoordenStorm (2.0)

Na lange jaren tegenwind, tegenslag op tegenslag, economische neergang met een inkomensverlies van rond de 80% (!), fysieke en mentale achteruitgang, depressie en ellende, keert het tij.

Nadat ik mede, maar beslist niet uitsluitend, als gevolg van mijn transitie en de medische problemen die daar uit voort kwamen tot een soort absoluut nulpunt ben gedaald heeft zich enige tijd geleden een kanteling plaats gevonden. Goeddeels op eigen kracht maar met de mentale steun (en soms praktische hulp) van vriendinnen is 2013 een voor mij bijzonder jaar aan het worden.

Waar 2012 mijn tweede gepubliceerde roman opleverde, mijn eerste fotoboek (samen met Eveline) maar verder vooral de weerslag van al het gedoe van de jaren ervoor, is er dit jaar sprake van een zelfs voor mij onverwachte opleving. De kansen stapelen zich in hoog tempo op en dat op een wijze die me weer grond onder de voeten geeft.

De volgende mijlpaal is de doorstart van wat ik ooit had opgezet als een bedrijf in wording maar niet kon doorzetten: WoordenStorm. WoordenStorm begint op 5 mei, bevrijdingsdag, juridisch ietsje later op de 7e mei. En WoordenStorm is veranderd ten opzichte van waar ik al eerder aan werkte. Vanaf 7 mei heeft WoordenStorm een toevoeging achter de bedrijfsnaam die de kern van het bedrijf en mijn werk omschrijft: ‘tekst kunst media’. Vanaf nu is het dus:

woordenstorm-logo-2013 wit centered

tekst | kunst | media

De toevoeging is veelzeggend en beschrijft de drie hoofdactiviteiten waar het bedrijf en dus ik zich mee bezig houdt. WoordenStorm | tekst kunst media is een tekstbureau, mediabureau (vormgeving, fotografie, film, websites) en basis voor het naar buiten brengen van mijn kunstuitingen (literatuur, poëzie, fotografie en film). De documentaire fotografie en filmactiviteiten worden uitgevoerd onder het handelsmerk White Stork Films.

Het goede nieuws is dat de eerste opdracht binnen is en bestaand werk er in onder gebracht kan gaan worden. Zoals het er nu uit ziet is de portefeuille bij start zeker 4 maanden full time werk en er staan nog een tweetal belangrijke klussen aan te komen die de komende jaren werk gaan opleveren. Het is allemaal een kwestie van zorgvuldig plannen.

Naast het commerciële tekst werk (vertalingen, ghostwriting) en wat website bouw worden er in 2013 en 2014 wederom fotoexposities gehouden in Nederland maar zoals het er naar uitziet ook Londen. Het filmwerk wordt niet vergeten en na de oplevering van de documentaire ‘Dooie Pier’ die samen met Arna’s Productie Huis wordt gemaakt voor Omroep West staat de afronding van bestaand werk aan de documentaire ‘Headwind’ op de rol.

Een bijzondere activiteit van WoordenStorm is de uitgeverij. Na eerdere uitgaven in 2010 en 2012 staan er nieuwe uitgaven in de planning voor 2014 en verder. Meer informatie daarover is te vinden op de website. Of de trilogie die ik aan het schrijven ben ook via WoordenStorm zal worden uitgegeven is nog onbeslist. Vooralsnog behoort dat tot de mogelijkheden tenzij zich een andere uitgever aandiend met meer bekendheid.

Al met al gaat het goed met WoordenStorm en zoals het ervoor staat wordt dat voorlopig alleen maar beter. De belangrijkste zorg is natuurlijk gezond blijven en voldoende creatieve inspiratie blijven behouden. Ik doe mijn best wat dat betreft. En ik ben trots op wat er al staat.

© 2013 Alice Anna Verheij
LIC WoordenStorm | tekst kunst media
www.woordenstorm.nl

Je suis une femme Européenne.

vlaggen
Je suis une femme
Européenne
sometimes for a while
on a Brittish isle
of wanneer het kan
even Hollands dan

Maar hoe dan ook
en waar dan ook
vooral Europees
en landen wees
grenzeloos ongebonden
zeg ik je, onomwonden

© 2013 Alice Anna Verheij

Momenten van geluk

OLYMPUS DIGITAL CAMERA‘Girls dancing in Janakpur’ foto: © 2011 Alice Anna Verheij

Momenten van Geluk

Er zijn van die momenten
dat het leven je verwent en
dat geluk eventjes tastbaar is,
tegenwind afwezig is.

Er zijn van die dagen
dat je niet hoeft te vragen
om een arm of schouder sterk,
die onverwacht meewerkt.

Er zijn soms ogenblikken
waarin je niet hoeft in te schikken
en ruggesteun zomaar bestaat,
liefde wint in plaats van haat.

Ze zijn niet talrijk en
soms moet je lang zoeken
het geloof niet verliezen,
vechten om niet te gaan kniezen.

En als zo’n moment,
zo’n dag,
zo’n ogenblik je treft
dan hoop ik dat je beseft
dat je even dansen mag
met op je gezicht een lach.

© 2013 Alice Anna Verheij

De cirkel is rond op 5 mei.

Vijfentwintig jaar geleden op 5 mei verloofde ik. De reis ging naar Parijs, waar anders heen?

Ik ben een leven verder nu. De verloving werd een huwelijk dat strandde. Ik verloor niet alleen dat maar ook alles wat een mens te verliezen heeft op mijn kinderen na die dat huwelijk mij bracht. Ik verloor mezelf voor lange tijd. Ik verloor een carriëre, vaste grond onder mijn bestaan, mijn beroep, mijn liefde, mijn opgebouwde rijkdom, mijzelf. Daarvoor in de plaats kwam een schier eindeloze spiraal naar beneden die maar niet leek te eindigen. De extremen als huisuitzetting, bankroet, verlies van ondernemerschap en verlies van de lust tot leven kwamen in de plaats voor wat er was.

Maar daarmee kwam ook iets anders. Ik kwam er zelf. De vrouw die ik nu ben, de schrijfster, de kunstenaar, de fotografe, de film maakster en journaliste. Met heel hard werken en heel hard vechten kwam die steeds meer naar buiten.

Onderweg groeide angst. Angst voor de maatschappij, de veronachtzaming, het aan de zijlijn geplaatst worden en de schoffering die een mens ten beurt valt die in armoede terecht komt. En angst verlamd. Tot in 2012 waar er een moment was waarop ik toch tegen al mijn gevoel in de strijd opnieuw aanging. Een strijd om een plekje te veroveren in deze samenleving, op mijn voorwaarden en op basis van mijn eigen passies. Zonder concessies te doen. Het werd een keuze om mijn leven te wijden aan mijn kunst, het schrijverschap en de documentaire kunst waarin ik me probeer te bekwamen. Exposities, boeken en zelfs documentaire films zijn de resultaten naast een volledig nieuw perspectief.

Ik ben er nog lang niet, ik ben niet klaar, niet af en hoop dat ook nooit te zijn. Maar er zijn van die momenten die een mijlpaal vormen en die een mens moet omarmen. Binnenkort is zo’n moment.

woordenstorm-logo-2013 wit centered

Opnieuw op 5 mei, bevrijdingsdag, sla ik een paaltje. Ik richt op die dag administratief mijn bedrijfje WoordenStorm op. Tegen de wind in wellicht maar ach, dat ben ik wel gewend. Het zal mijn zakelijke buitenkant zijn die naast een stichting voor kunstprojecten op basis van de solidaire economie mij zal moeten gaan voorzien van een minimale basis onder mijn bestaan. En deze keer is het helemaal van mij alleen. Geen zakenpartners die me de das om kunnen doen zoals te vaak gebeurde. Geen huwelijk dat wel zakelijke lusten maar geen zakelijke lasten verdraagt, geen inmenging van anderen die mijn focus verstoren. Maar met hulp. Hulp van mensen wiens taak het is om mensen een nieuwe kans te geven in het leven. En in mijn geval een nieuw leven.

Na vijfentwintig jaar is de cirkel rond. Opnieuw bevrijdingsdag maar dan wel eentje die alleen voor mij is. En opnieuw zal ik in Parijs zijn. Misschien is er iemand die mij dan even ziet dansen. Eventjes maar, want er is werk aan de winkel want vanaf 5 mei is WoordenStorm als bedrijfje, als eenvrouwszaak een feit. Enkele dagen later bekrachtigd met de administratieve rimram die daarbij hoort.

Cirkels moeten soms rond gemaakt worden. Wonden afgehecht en geheeld. Want pas dan is het mogelijk verder te geaan.

© 2013 Alice Anna Verheij
www.woordenstorm.nl

Insomnia

Ik schreef dit gedicht enige tijd geleden maar publiceerde het niet hier. Daarom hierbij alsnog. Voor hen die net als ik de slaap niet als vriend of vriendin kennen maar als een vijand die constant op de vlucht is.

buste (1)foto: Buste in antiekwinkel in Antwerpen © 2013 Alice Anna Verheij

Insomnia

Ik kan niet slapen
insomnia heeft mij gegrepen
Dat komt, dat komt, dat komt
omdat ik nog steeds
een beetje aan het dansen ben.

Niemand die het ziet
niemand die het hoort
niemand die het iets uitmaakt
niemand die het stoort
en niemand
nee niemand
die me in de armen houdt
behalve ik zelf.

Ik wil niet slapen
maar mijn tempo opzwepen
Dat kan, dat kan, dat kan
me fataal zijn
tenzij ik aan het dansen blijf.

Niemand die het ziet
niemand die het hoort
niemand die het iets uitmaakt
niemand die het stoort
en niemand
nee niemand
die me zal laten vallen
behalve ik zelf.

© 2013 Alice Anna Verheij

Gillen

mimi‘Mimi cries’ © 2013 Alice Anna Verheij

Ik heb zin om te gillen
onbeschrijflijk hard
onbedaarlijk gillen
schreeuwen, krijsen
dat het een lieve lust is.

Tegen alles wat ze willen
tegen pijn en smart
alle kille gifpillen
mijn liefde opeisend
terwijl dat onnodig is.

Mijn stembanden verspillen
aan het peilloos zwart
waarin ze me stoppen willen
en beklemmen, temmen
tot er niets meer over is.

Ik kan echt alleen nog gillen
schreeuwen mijn smart
tenzij jij mij zal willen
mij troosten,verwarmen
en er jouw liefde is.

© 2013 Alice Anna Verheij

Kan boeddhisme wel bestaan in het westen?

OLYMPUS DIGITAL CAMERAfoto: Boeddhistische stupa in Boudanath, Nepal © 2011 Alice Anna Verheij

Ik heb een tijdje gewerkt en geleefd in Nepal, dat zal bekend zijn. Voor diegenen met dergelijke ervaringen is het ook ongetwijfeld bekend dat het Boeddhisme daar net zo alomtegenwoordig is als het Hindoeïsme en dat de versmelting van beide onderling en met het dagelijks leven overal voelbaar is. Die versmelting met het dagelijkse leven is dusdanig dat het ook duidelijk zal zijn dat alle aspecten van de samenleving zich ook in het Boeddhisme manifesteren. Je hoeft er maar een tijdje te zijn om te gaan inzien dat er geen grens is tussen filosofie, religie en het leven. Althans in de beoefening ervan. Maar ook zaken als onachtzaamheid, zelfzucht, discriminatie, sexisme, xenofobie, misogynie en zelfs geweld zijn onlosmakelijk verbonden met zowel dat dagelijkse leven als de beide religies.

Azië is wat dat betreft een groot verschil met de rest van de wereld en zeker met het westen. In het westen wordt Boeddhisme door veel mensen gezien als verlicht, geweldloos en zelfs verheven. Maar de werkelijkheid is dus anders. Heel anders.

Waar in Azië met name het Boeddhisme zich steeds vaker gewelddadig manifesteert (denk aan Bhutan dat Hindoe’s het land uitgejaagd heeft door etnische zuivering en Birma / Myanmar waar monniken moslims uit hun huizen jagen en vermoorden), manifesteert datzelfde Boeddhisme zich in het westen als een religie die zichzelf omgeeft met onechte mystiek, onterechte verering van individuën en flagrante onoprechtheid. Het is niet moeilijk om met eigen ogen te zien in welke mate ook deze Boeddhistische wereld geleid wordt door simpele menselijke emoties als egoïsme en zelfverrijking. Je hoeft er slecht een tijdje voor rond te lopen in Nepal of India en goed om je heen te kijken om het contrast met de situatie in Nederland te zien. De vrolijke kleuren van de gebedsvlaggetjes kunnen niet verhinderen dat onoprechtheid zichtbaar is.

Ook in Nederland.

Sinds langere tijd volg ik de discussies rond Zen-scholen en leraren, de Boeddhistische Omroep BOS, het Boeddhistisch Dagblad, het BUN en een lijstje met andere drieletterige organisaties die zich voordoen als de bewakers van die Boeddhistische leer in Nederland. De wijze waarop in Boeddhistisch-Nederlandse kring mensen elkaar zwart maken als het om leiding en sturing van de eigen organisaties gaat is schokkend. Net zo schokkend als de arrogantie van dergelijke organisaties, het gebrek aan transparantie en het opkloppen van het eigen belang.

Wat mij steeds meer verbaasd is de structurele discrepantie tussen het gedrag van mensen en de filosofie of religie die ze zeggen aan te hangen. De verloochening van de eigen waarden die ze anderen voorhouden als essentieel is opvallend. Niet alleen bij Christelijke politieke partijen en kerken, moskeebesturen en ‘belangenorganisaties’ maar dus ook bij dat ogenschijnlijk zo verheven Boeddhisme. Er is nog steeds niemand die mij kan of wil verklaren waarom zelfs een man als de Dalai Lama weigert zich uit te spreken over de etnische zuivering in Bhutan zoals uitgevoerd door zijn eigen geloofsgenoten. Net zo min als dat niemand lijkt enige zelfbeheersing te betrachten als het gaat om andermans beleving van de filosofie of religie waar men toe behoort. Je hoeft er slecht de artikelen over die BOS, BUN en Zen-leraren maar over te volgen.

Wat wel duidelijk is wat mij betreft is dat georganiseerde filosofische en religieuze stromingen uitblinken in het zichzelf ongeloofwaardig maken voor hen die zich er in verdiepen. Zou het dan toch zo zijn dat filosofie en religie alleen in de individuele beleving gevrijwaard kan blijven van corruptie? Zou het dan ook zo zijn dat wanneer meerdere mensen gezamenlijk een filosofie of religie zeggen te omarmen dat er altijd sprake zal blijken te zijn van het afkalven van de voor die filosofie of religie kenmerkende normen en waarden? Ongeacht over welke filosofie of religie dat gaat? Gewoon omdat de mens nu eenmaal zichzelf corrumpeert?

Want als dat zo is, dan kan een mens maar beter atheïst zijn.

© 2013 Alice Anna Verheij

Thatcher

thatcher funeral

I have never been a supporter of Margaret Thatcher. I fact I opposed her policies on the de-industrialisation of the UK, trade, economics and also her foreign policies. I am a pacifist, she most certainly was not. I did not like her dealings with the Falklands although I do think that those islands should stay British.

But there is no doubt Britain would be like it is today without her reign as prime minister. And there certainly is no doubt about the quality of British tradition and the British sense of dignity and decorum as shown today.

Today I watched the funeral of Thatcher with growing admiration for what the British can do and how they adhere to their traditions. The whole day has been a proof of how a state funeral, albeit not a formal state funeral, should be organized and executed. Every little detail had been taken care of, no flaws in concentration of anyone involved in this very special occasion. The funeral was a hallmark example of British pride and military strength.

The whole funeral showed how (most of) the British honoured a leader who without any doubt was responsible for the resurrection of Britain.

When I visited the UK in the 1980’s on a very frequent basis it was a nation in decline. Unemployment, lack of interest for the historical value of it’s culture, the constant threat of terrorism and an overall feeling of nationwide depression were omnipresent. But when I returned to London this year after decades of absence I was surprised to find a clean and proud city, people who were open and welcoming and monuments, buildings and a city that looked better and more impressive than ever. The contrast between London in the eighties and today were remarkable and impressive.

Today’s funeral underlined this new quality of that country.

I still do not approve of many aspects of Thatcher’s politics. But I do feel that today’s funeral was appropriate and fitting for a woman of her stature and strenght. Because no matter what anyone might think or say, she certainly was a remarkable and impressive prime minister. A woman of great strength. The only disturbance of the occasion was the lack of control of those who protested against her even after her death. They shouldn’t have done so.

© 2013 Alice Anna

Pleister

pleister

Doe me een pleister wil je
op mijn wonde
aan mijn hart
en op mijn hoofd
dat ik brak en stootte
aan jouw liefde
en mijn onvermogen.

Kus me alsjeblieft
op mijn mond
en in mijn hals
of op mijn borst
en vergeet dat ik scheurde
door jouw angst
en mijn stommiteit.

Vrij met me deze nacht
geef me jouw hemel
ontneem me mijn angst
en maak me nieuw
laat me vergeten
want in jouw armen
wil ik verdwijnen.

© 2013 Alice Anna Verheij

Springsteen hertaald (versie 2013).

Floortje gaf me een hint. Ik kende het nummer van The Boss niet maar het raakte me direct. De tekst is scherp, maatschappij kritisch en donker. En dus de moeite waard. De melodie eenvoudig en krachtig. Goed gezongen is dit lied een aanklacht tegen de huidige harteloze maatschappij. Rage Against The Machine deed het dunnetjes over en maakte een keiharde (letterlijk en figuurlijk) aanklacht van.

Poster - Grapes of Wrath The_02

De oorspronkelijke tekst is gebaseerd op een personage uit John Steinbeck’s roman uit 1939 ‘De druiven der gramschap’. John Ford maakte er een jaar later een film over en Springsteen dus nog eens 55 jaar later een song. De personage Tom Joad staat voor de macht van de onderdrukten in de samenleving die door saamhorigheid sterk zijn en overeind blijven. In mijn hertaling probeer ik die geest te onderstrepen. Mijn hoofdpersoon is maatschappelijk geknakt maar niet gebroken. Daarmee een personage die dicht bij mezelf staat. Dat een collega schrijfster me deze song aanreikte zie ik niet als toeval maar als een passend samenloop van zaken. De keten van Steinbeck via Ford, Springsteen, Rage Against the Machine en Floortje leidt dan uiteindelijk nu naar mij. Steinbeck’s roman en Springsteen’s songtekst staan nog steeds als een huis want de wereld is niet echt veranderd. Helaas.

Dat Springsteen dit thema oppakte en er een lied over schreef zegt veel over de persoon Springsteen. Een dergelijk lied op een personage uit een roman schrijf je immers alleen maar als je echt geïnspireerd bent. Die inspiratie vertalen is misschien wel de grootste kwaliteit van misschien wel de beste singer/songwriter ooit. Sinds mijn zestiende is hij al bij me en luister ik geregeld naar zijn muziek waar steevast zijn ballads me weten te raken. Ik zal niet de enige zijn. Op zijn beurt heeft hij mij muziek gegeven die voor mij een inspiratie zijn.

Een sprankje hoop is er natuurlijk wel verstopt in mijn versie, want de hoofdpersoon laat weten ongebroken te zijn. Want in tegenstelling tot Springsteen zet ik liever wel een lichtje aan het einde van de tunnel. Luister hier eerst maar naar Bruce Springsteen’s insdringende versie van ‘The Ghost Of Tom Joad’ en doe dat dan nog eens met mijn hertaling er bij, als je wilt.

[youtube:watch?feature=player_embedded&v=NKKpmbcSe5E]

 

Mijn versie is getiteld ‘De geest van Freddie Spigt’, met een knipoog naar een idool.

Man loopt langs de ijzeren rails
Nergens naar toe, alles teveel
Politie helikopters vliegen heen en terug
Kop soep bij een kampvuur, onder de brug
Slaapzakken liggen koud te worden
Welkom in de nieuwe wereld orde
Families slapen in auto’s, langs de kust
Geen huis, geen werk, geen plek, geen rust

De snelweg leeft vannacht nog laat
Niemand zegt iemand, waarheen het gaat
Ik zit hier bij het zwakke lantaren licht
Zoekend naar de geest van Freddie Spigt

Hij pakt een liedboek uit zijn achterzak
Zijn vuurtje licht op en hij neemt een trek
Wacht op laatste wordt eerst en de eerste wordt laatst
In kartonnen doos, op de verkeerde plaats
Met een enkele reis naar ’t beloofde land
Een knoop in zijn buik en een mes in de hand
Slapend op een kussen van hard metaal
Badend in het koude stads kanaal

De snelweg leeft vannacht nog laat
Niemand zegt iemand, waarheen het gaat
Ik zit hier bij het zwakke lantaren licht
Zoekend naar de geest van Freddie Spigt

En Fred zegt: “ma, telkens als een agent een kerel slaat
Telkens als een hongerig kind nog klaagt
Als een broederstrijd laait, met haat in de lucht
Kijk mama, dan ben ik op de vlucht
Telkens als iemand vecht voor zijn bestaan
En een beetje geld, of een simpele baan
Telkens als iemand in onvrijheid stikt
Kijk dan in hun ogen mam, dat ben ik”

De snelweg leeft vannacht nog laat
Niemand zegt iemand, waarheen het gaat
Ik zit hier bij ’t zwakke lantaren licht
Zoekend naar de geest van Freddie Spigt.

Originele tekst: Bruce Springsteen
Nederlandse tekst: Alice Anna Verheij © 2012 / 2013

Alice Anna

Nog één kamertje…

Nog één kamer.

Na Ministeries, de Raad van State, een waslijst kamercommissies en een stemming in de Tweede Kamer is er nog één kamer te gaan. De Eerste Kamer. En dan is het klaar. Hopelijk. Eindelijk.

RS232 GENDER CHANGER M-M

Al jaren wordt er gesproken, geschreven, gewerkt en gevochten om te komen tot een eenvoudiger procedure voor het wijzigen van het juridische geslacht. Niet meer op basis van mensenschendende wetten documenten moeten overleggen die denigrerend, inhumaan, stigmatiserend en schofferend zijn. Niet meer langs een rechter die mag beslissen of je wel mag zijn wie je bent. Niet meer een procedure waarin eenieder het recht heeft om bij de rechter kenbaar te maken dat ze ertegen zijn dat je bent wie je bent. Niet meer onnodig hoge kosten maken en onnodig veel mensen aan het werk zetten voor iets dat zo evident is.

Aangezien mijn paspoort eind mei verloopt en naar het zich laat aanzien dat ik dit jaar en komende jaren geregeld in het buitenland zal zijn, èn mijn identiteitskaart (die met dat gaatje op een zekere plek) ook verlopen is, zal ik helaas nog een keer geld moeten uitgeven aan een officieel bewijs van mijn identiteit wat niet mijn identiteit omschrijft maar die van een meneer. Het kost me onnodig weer legeskosten voor iets dat ik eigenlijk helemaal niet wil hebben. Het steekt me dat te moeten doen. Het steekt me geduld te moeten oefenen tot naar verwachting 1 januari 2014 wat zoals te verwachten is mijn persoonlijke bevrijdingsdag zal worden. Ik zal de onnodige kosten voor dat paspoort of die identiteitskaart die dan officieel niet meer klopt waar die nu in de praktijk al niet meer klopt terug gaan vragen aan de gemeente.

Ze zullen het afwijzen en me niet de kosten voor wèèr een nieuw paspoort vergoeden, hoewel daartoe dunkt me wel een morele verplichting is.

Gegeven dat gewijzigde en nieuwe wetten doorgaans op 1 januari van kracht worden èn gegeven de verwachting dat de Eerste Kamer deze wet niet zal tegenhouden of treineren resten mij dus nog een slordige 200 dagen voordat ik een aanvraag kan indienen voor een correct reispapier. En nog iets langer voordat ik dat zal hebben en ook niet meer verkeerd aangesproken zal worden door ambtenaren en lieden die informatie uit de Gemeentelijke Basis Administratie op hun scherm of papier hebben wanneer ze met mij te maken hebben. Het kan me niet snel genoeg gaan, natuurlijk niet. Mijn geduld is allang op. Mijn tolerantie naar deze wet, deze overheid en deze samenleving die die vreselijke wet veel te lang heeft laten bestaan, is verdwenen. Het leven is me moeilijk genoeg gemaakt door deze flauwekul en het wordt hoog tijd dat ik als volwaardig burger en niet als tweede- of derderangs burger behandeld wordt. Want zo voelt het. Al jaren. Alsof ik een straf heb gekregen omwille van mijn gender zelfidentificatie. Iets waar geen mens en organisatie enig recht toe heeft.

Op dit moment in mijn leven verlang ik naar een andere samenleving. Een ander land. Eenmaal voorzien van het juiste reispapier zou ik dolgraag dit land verlaten om me elders te vestigen, al moet ik er één of meer keer per jaar even voor dat andere land uit. Dat gevoel hier niet te willen zijn is het directe gevolg van hoe ik mij behandeld en ontkend voel. En wie dat gezeur vindt kan wat mij betreft de boom in, want het is wèl hoe ik me voel: ongelukkig in een land dat mij in mijn diepste identiteit te lang structureel ontkend heeft.

Hopelijk heb ik in 2014 reden om daar anders over te denken. Of dat zo zal zijn is afhankelijk van de Eerste Kamer.

© 2013 Alice Anna Verheij