Transgender zijn in Nederland kan. Maar wel in eenzaamheid en armoede.

Vandaag kwam het Sociaal Cultureel Planburo met hun rapport over de positie van transgenders in de Nederlandse samenleving. Het is een belangrijk rapport voor mensen als ik. Belangrijk omdat het de vinger op de vele zere plekken legt en nu eindelijk eens niet volledig op het (eventuele) medische aspect maar nu juist op het sociaalmaatschappelijke aspect van het leven als transgender in dit land gericht is. De conclusies zijn ronduit schokkend.

Voor mij zijn de conclusies schokkend omdat ik niet kan ontkennen dat een groot aantal de negatieve effecten van de transitie die ik heb ondergaan te ervaren op de wijze zoals die in het rapport is omschreven. Ik ben niet anders dan andere transgenders en in wezen slachtoffer van mijn eigen transitie. Slachtoffer van mijzelf.

Een paar ‘hoogtepunten’, die dus eigenlijk dieptepunten zijn:

  • De werkloosheid onder transgenders is fors hoger dan onder andere groepen en 1/3 leeft onder armoedegrens. Velen zijn afhankelijk van een uitkering en 12% is arbeidsongeschikt.
  • Er zijn twee keer zoveel transgenders eenzaam als mensen in andere groepen in de samenleving (2/3 van de transgenders is eenzaam en 1/4 is ernstig eenzaam).
  • 40% heeft te maken met negativiteit waaronder afwijzing, ridiculisering en geweld.
  • De gezondheidszorg is niet gericht op behandeling en begeleiding van transgenders. Te weinig capaciteit, extreme wachtlijsten en geen of uiterst gebrekkige psychische begeleiding.
  • Meer dan 2/3 van de transgenders heeft over zelfmoord gedacht (8x zoveel dan de rest van de Nederlanders) en ruim 20% heeft minimaal 1 zelfmoordpoging achter de rug.

Ik wordt verdrietig van deze gegevens en de conclusies die daaraan verbonden moeten worden. De belangrijkste voor mij persoonlijk zijn dat alles dat hierboven staat onverkort op mij van toepassing is.

Daarnaast moet ik vaststellen op grond van dit rapport, eerdere rapporten (bijvoorbeeld het UWV rapport mbt de werkgelegenheid onder transgenders van vorig jaar) en eigen ervaring dat het allemaal zo erg is als het in deze rapporten lijkt te zijn. Het is in de Nederlandse samenleving volstrekt onmogelijk om als transgender te leven zonder:

  • Daling van inkomen tot zelfs een mogelijke armoedeval.
  • Ridiculisering in de maatschappij en blootstelling aan transfoob geweld.
  • Eenzaamheid en de bijna onmogelijkheid om nog relaties aan te knopen.
  • Zekerheid te hebben over werk, inkomen en maatschappelijke positie.
  • Voldoende en adequate zorg te ontvangen voor, tijdens en na de transitie.

De conclusie zijn zoals gezegd ernstig omdat ze aantonen dat transgenders in veel hogere mate dan andere groepen in de samenleving ongewild aan de rand van het bestaan kunnen komen en daar dan vervolgens alleen hun leven moeten slijten.

Voor mijn lezers die mijn teksten lezen over mijn leven en zich afvragen waarom dat leven mij soms zo extreem zwaar valt, is dit rapport het antwoord op die vragen. Het is geen fijn antwoord.

Naar mezelf kijkend moet ik ook vaststellen dat ik het er als transgender niet zo geweldig vanaf gebracht heb, maatschappelijk gezien. Inderdaad is mijn inkomen ingestort en is armoedeval mijn deel. Ik leef ver onder de armoedegrens en soms is zelfs eten een probleem. Overleven is een kwestie van met kunst en vliegwerk leven en mezelf soms iets gunnen zodat mijn leven de moeite waard blijft waarbij het duidelijk is dat dat altijd ten koste van iets anders gaat. Maak ik een kort reisje (vakantie is onbetaalbaar) dan kan het zijn dat ik een maand later geen geld voor voeding heb. Om maar eens wat te noemen.

In dit rapport komt voor het eerst in Nederland ook het begrip eenzaamheid naar voren en ook daar onderstreept het mijn eigen wrange ervaringen. Als transvrouw die ook nog eens lesbisch is moet ik vaststellen dat de kans op een leven met een partner minimaal is. Vriendschappen zijn mogelijk, en ook sterke vriendschappen. Maar een liefdesrelatie inclusief de seksuele component blijkt een doorgaans onbegaanbare weg om de eenvoudige reden dan niet transgenders zich zelden tot nooit aangetrokken voelen tot de fysiek van een transmens. Het rapport is niet expliciet in de oorzaken van de eenzaamheid van velen van mijn lotgenoten maar daar komt mijn eigen ervaring en die van anderen me in negatieve zin te hulp. Helaas. Het gevolg: een ongewild relatieloos leven dat in sommige gevallen kan leiden tot extreme eenzaamheid en depressie. Helaas weet ik daar alles van.

Ik kan nog een tijd doorgaan maar dat is niet zo zinnig. Het belangrijkste dat ik wil meegeven naar aanleiding van het verschijnen van dit rapport is dat hoewel het in Nederland gode zij dank mogelijk is als transgender te leven en zelfs een geslachtsaanpassende operatie te ondergaan, het leven alles behalve rozengeur en maneschijn is. Vooral ook dat de sociaal maatschappelijke positie dermate slechts is dat gesteld kan worden dat de stap om in het gevoelsmatige geslacht te gaan leven een bijna garantie is voor de vernietiging van een groot deel van het maatschappelijk levensgeluk.

Redt je het wel als transgender dan ben je een uitzondering want de meesten gaan flink onderuit en velen staan nooit meer op tot het sociaal maatschappelijk niveau van voor de transitie. Daarmee zijn de moeilijkheden na transitie als een straf voor een niet begane misdaad. De samenleving is niet in staat je daartegen te beschermen. De overheid is onvoldoende deskundig en de wetten en regels rond identiteit en zorg zijn tegen je.

Vandaag was reden voor tevredenheid over het feit dat dit nu eindelijk eens gesteld wordt in een rapport dat bedoeld is om de overheid zich te laten verbeteren. Maar vandaag was ook reden voor droefheid over de staat van acceptatie en bescherming van transgenders in Nederland. Criminelen worden beter behandeld en krijgen meer kansen in de maatschappij na het uitzitten van hun straf dan transgenders na hun transitie. Daarmee is een gendertransitie maatschappelijk gezien erg goed te vergelijken met een stevige gevangenisstraf. Want net als een bajesklant zul je als trangender het na de straf erg moeilijk krijgen je in de samenleving overeind te houden. Op alle gebied.

En daar moet maar eens goed over worden nagedacht.

© 2012 Alice Anna Verheij

Dit is overigens het persbericht van het SCP (het rapport is bij hun op te vragen):

Worden wie je bent.
Het leven van transgenders in Nederland

Den Haag, 17 november 2012

  1. Er zijn in Nederland naar schatting ruim 48.000 personen van 15-70 jaar ‘transgender’. Driekwart van hen is als man geboren.
  2. De meerderheid van de transgenders heeft werk, maar bijna de helft van de transgenders is daar niet open over het trans-zijn.
  3. Er zijn opvallend veel transgenders afhankelijk van een uitkering. Een derde van de alleenstaande transgenders heeft een inkomen onder de armoedegrens.
  4. Vergeleken met de rest van de bevolking zijn meer dan twee keer zoveel transgenders die aan het onderzoek meededen eenzaam, hebben zeven keer zo veel van hen ernstige psychische problemen en hebben tien keer zo veel ooit een zelfmoordpoging ondernomen.
  5. Ruim 40% van de transgenders heeft te maken met negatieve reacties.

Dit blijkt uit de SCP-publicatie Worden wie je bent, die op 17 november 2012 verschijnt. De onderzoeker, prof. dr. Saskia Keuzenkamp, schreef dit rapport op verzoek van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, die de coördinatie van het transgenderbeleid in portefeuille heeft. Het is gebaseerd op een enquête die eind 2011 / begin 2012 werd gehouden. Ruim 450 transgenders deden mee, waarvan twee derde als man is geboren en een derde als vrouw. De meeste respondenten (96%) waren tussen de 16 en 65 jaar, 4% was 65plusser.

Het verkeerde lichaam 

“De oudste bewuste gedachte die ik me kan herinneren was: ik zit in het verkeerde lichaam.“ Zo schreef een van de respondenten van het onderzoek. Degenen die als jongen zijn geboren, waren gemiddeld 14,1 jaar en de meisjes 12,4 toen ze zich dat realiseerden. Ze wisten vaak al langer dat er iets aan de hand was, maar niet wat dat was. De helft van de respondenten wist al voor het 10e levensjaar dat hun genderidentiteit niet overeenkwam met het geboortegeslacht.

Hoeveel transgenders zijn er? 

De term ‘transgenders’ wordt gebruikt voor mensen bij wie het geboortegeslacht niet of niet helemaal overeenkomt met hun genderidentiteit (het gevoel man of vrouw te zijn). Naar schatting zijn er in Nederland ruim 48 duizend personen van 15 tot 70 jaar die niet tevreden zijn met hun eigen mannen- of vrouwenlichaam en het geboortegeslacht (gedeeltelijk) willen aanpassen via hormonen en/of operaties. Er zijn meer als man dan als vrouw geboren transgenders. Op de bevolking van 15-70 jaar gaat het naar schatting om 0,6% van de mannen en 0,2% van de vrouwen.

De transitie

Transgenders verschillen naar de mate waarin zij stappen hebben gezet om te leven volgens hun genderidentiteit. De meest ingrijpende maatregel is het ondergaan van een geslachtstransitie. Nadat een psycholoog of psychiater heeft vastgesteld dat er sprake is van genderdysforie (de medische term voor transseksualiteit), moeten degenen die als man geboren zijn anderhalf jaar leven als vrouw. Bij vrouwen is dat een jaar. In die tijd krijgen zij hormonen toegediend, waardoor hun geslachtskenmerken gedeeltelijk veranderen. Om de geslachtstransitie te voltooien zijn nog operaties nodig, maar niet iedereen gaat zover.

Leefsituatie

Ruim een derde van de respondenten woont alleen, een kwart woont samen met de partner, een op de tien met partner en kinderen. Ruim de helft van de respondenten (54%) leeft altijd volgens hun genderidentiteit, 29% doet dat zelden of nooit. Ruim 20% houdt het trans-zijn verborgen voor de ouders. Op het werk zijn de respondenten veel vaker niet uit de kast (45%).

Maatschappelijke positie

Transgenders zijn relatief vaak hoogopgeleid. 44% van de respondenten heeft een hbo- of universitair diploma. De meerderheid (61%) verricht betaald werk. Opvallend is het hoge aandeel dat arbeidsongeschikt is (12%) of werkloos (9%). Ruim 40% van de respondenten kan moeilijk rondkomen. Van de alleenstaande transgenders heeft een derde een inkomen onder de armoedegrens. Onder de Nederlandse bevolking van 18-64 jaar is dat 14%.

Welbevinden en gezondheid

Twee derde van de transgenders die meededen aan het onderzoek voelt zich eenzaam, een kwart zelfs in (zeer) sterke mate. Onder de Nederlandse bevolking voelt 30% zich eenzaam en 10% (zeer) sterk. De helft van de respondenten heeft psychische problemen en 14% is ernstig psychisch ongezond te noemen. Onder de rest van de bevolking gaat het om resp. 14% en 2%.

Meer dan twee derde van de respondenten heeft er ooit aan gedacht om uit het leven te stappen; 21% deed ooit een zelfmoordpoging en 3% deed dat in het afgelopen jaar. Onder de Nederlandse bevolking heeft 8% er ooit aan gedacht, 2% ooit een poging ondernomen en deed 0,1% dat in het afgelopen jaar.

Veiligheid en negatieve reacties

Ruim een derde (37%) van de respondenten voelde zich in het afgelopen jaar niet altijd veilig in de buurt. Dat gold vooral voor degenen die in transitie waren.
42% kreeg in het afgelopen jaar een of meer negatieve reacties vanwege het trans-zijn. Dat kwam het meest voor in de openbare ruimte: 38% die conform de genderidentiteit leeft is daar in het afgelopen jaar negatief bejegend. Het meest genoemd zijn: afkeurende blikken (27%), belachelijk gemaakt zijn of het mikpunt van flauwe grappen (19%) en scheldpartijen (12%). 5% werd bedreigd en 5% seksueel geïntimideerd.

Transgenderbeleid

Transgenders hebben het niet gemakkelijk. In het rapport zijn vier thema’s genoemd waar beleid zou kunnen bijdragen aan het verminderen van de knelpunten die transgenders ervaren:

  • vermindering van de wachttijden bij de genderteams, betere vergoedingen voor bepaalde medische ingrepen en uitbreiding van de psychische zorg;
  • het vergroten van de maatschappelijke acceptatie van en kennis over transgenders;
  • het vergemakkelijken van de procedure om de geslachtsaanduiding te wijzigen in de Gemeentelijke Basisadministratie;
  • het verbeteren van de arbeidsmarktpositie van transgenders.

SCP-publicatie 2012-30, Worden wie je bent. Het leven van transgenders in Nederland, Saskia Keuzenkamp. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau, ISBN- nummer 978 90 377 0625 3, prijs € 18,50.
De publicatie is verkrijgbaar bij de (internet)boekhandel of te bestellen/downloaden via de website: http://www.scp.nl.

Voor meer informatie: Saskia Keuzenkamp, tel: 070 – 340 7813, e-mail: s.keuzenkamp@scp.nl
Voor algemene informatie: I.H. Schenk, tel: 070 – 340 5605, e-mail:
i.schenk@scp.nl

Advertenties

Ik ben boos op Floris Jan Bovelander


Bovenstaande foto is de foto van een voormalig topsporter. En van een dom en discriminerend mens.

Soms is verdriet en teleurstelling een goed fundament om boosheid over iets heel anders effectief en scherp te laten werken. Wellicht ook nu. Goed mijn eigen ‘situatie’ nu is niet geweldig (zie vorig blogje) maar daar gaat deze column niet over. Wel over onkunde en discriminatie in de sport als het gaat om deelname van transseksuelen aan topsport. Over arrogantie en domheid vooral. Van in dit geval een voormalig topsporten nota bene.

Om hoor en wederhoor toe te passen plaats ik hier onder de oorspronkelijke column van Floris Jan Bovelander uit ‘de Pers’ van 24 september 2007 integraal. Floris Jan – van de strafcorners geloof ik – laat hiermee zien dat hij een exponent is van een onkundige sportwereld die oordelen heeft over transseksuelen zònder te weten hoe het nu echt zit. Na zijn walgelijke tekst volgt dan mijn reactie.

Transseksuelen mogen tegenwoordig meedoen in competities van hun nieuwe geslacht. Dat klinkt aardig maar het kan er op topniveau bij mij niet in. Ik begrijp best dat je als nieuwe vrouw niet meer mee wilt doen aan de typische kleedkamerhumor van mannen en dat je je ook wat ongemakkelijk voelt tussen de macho’s van de mannensport.

Samen douchen is wellicht ook wat lastiger geworden, maar als je competitief op het hoogste niveau mee wilt strijden in de competitie van je nieuwe geslacht is dat voor de meeste sporten helaas uitgesloten. Wat mij betreft dan, want het mag officieel wel. Je moet volgens de voorschriften wel volledig vrouw geworden zijn, dat wil zeggen een volledige fysieke transformatie. Dat betekent dat waar vroeger voor een belangrijk toernooi nog een geslachtstest in het lab moest worden gedaan om te kijken of de dames het mannelijke Y-chromosoom bezaten, je nu kunt volstaan met je broek te laten zakken om je geslacht letterlijk te showen. Daarnaast moet je aantonen dat je voldoende vrouwelijke hormonen slikt. Moeten de artsen controleren of je je pil wel hebt genomen. Geen pil heet in dit geval aan de doping. Doping door je eigen lichaam gemaakt. Het oorspronkelijke mannelijke lichaam is namelijk voor een vrouw een grote dopingfabriek. Misschien is de geest al een tijdje aan het feit gewend dat je vrouw bent, je lichaam niet. Dat lichaam produceert de hele dag door mannelijkheid. Transseksueel Nathalie van Gogh neemt regelmatig een wielerbeker mee naar huis nu de geboren man tussen de dames fietst. Het moet flink frustrerend zijn voor de achtervolgers. Als er bij hen maar één microgram testosteron gevonden wordt, worden ze jaren geschorst terwijl voor hen iemand rijdt die er vol mee zit. Helaas is topsport niet voor iedereen weggelegd. Behalve doorzettingsvermogen, talent en veel training heb je ook nog een passend lichaam nodig. Ik denk dat ongeveer 90 procent van de wedstrijdsporters de top niet haalt omdat hun lichaam er net niet goed genoeg voor is. Zwakke enkels, knikkende knieën, te lang of te kort. Lange slungels passen niet in de ringen en turners zijn te klein voor volleybal. Ik zie mijzelf ook niet snel die honderd kilo de berg op fietsen. Je wordt geboren in je eigen lichaam en je zal het er in de sport maar mee moeten doen.

Welnu dan Floris Jan, hierbij mijn antwoord. Jouw tekst getuigd van een schandalig niveau van onkunde en een bijzonder aanmatigende houding ten opzichte van transseksuelen. De belangrijkste feitelijke onjuistheden in je tekst zal ik maar meteen noemen.

  • transseksuelen zijn geen vrouwen met een mannenlichaam. Het zijn (als we het alleen over de man naar vrouw transseksuelen hebben) vrouwen die als man geboren zijn en afhankelijk van wanneer en op welke wijze hun transitie heeft plaatsgevonden tot hun grote verdriet (!) uitgerust met een lichaam met naast de vrouwelijke kenmerken zoals borsten, structuur van huid en haar, vetverdeling, gewicht, spiermassa (!) enkele mannelijke kenmerken. Er zijn natuurlijk ook vrouw naar man transseksuelen maar daar schrijf je natuurlijk niet over. Stel je voor…
  • man naar vrouw transseksuelen hebben allen (!) een geslachtsveranderende operatie ondergaan. Die operatie houdt in de verwijdering van onder andere de testes. Zoals jij duidelijk niet weet is dat de fabriek waar testosteron in een mannenlijf wordt aangemaakt. Dus deze transseksuelen maken helemaal niet die hoeveelheden testosteron aan die jou doen veronderstellen dat zij zouden aanmaken. Daarmee vervalt je gehele betoog over hormonen.
  • man naar vrouw transseksuelen maken natuurlijk wel testosteron aan op andere plaatsen in hun lijf maar verschillen daar na de operatie niet in ten opzichte van ‘biologische’ vrouwen zoals wij die noemen. Immers elke vrouw maakt testosteron aan (gemiddeld zo’n 5% van wat een man aanmaakt).
  • man naar vrouw transseksuelen maken geen oestrogenen aan in voldoende mate om hun lichaam volledig te laten vervrouwelijken. Het gaat dan niet om zaken als spierkracht en spiermassa (hier over later meer) maar over uiterlijke geslachtskenmerken als lichaamsbeharing, borstgroei en vetverdeling. Bij afwezigheid van oestrogenen zal het lichaam niet verder vervrouwelijken. 
  • het niet meer aanmaken van testosteron bij man naar vrouw transseksuelen (wat tijdens de gehele jaren lange medische procedure aan de orde is) vindt zijn oorsprong in de hormoonbehandeling die bestaat uit toediening van testosteron blockers. Feitelijk is dat in Nederland Androcur dat bedoeld is voor de behandeling van prostaatkanker en als bijverschijnsel (!) heeft dat in korte tijd de testosteronwaarde tot zo goed als 0 wordt terug gebracht. Daarmee hebben man naar vrouw transseksuelen tijdens de behandeling een testosteronwaarde die substantieel lager is dan die van vrouwen.
  • een effect van het niet meer hebben van een mannelijke hoeveelheid testosteron is afname van spiermassa en verlies van fysieke kracht. Tot wel zo’n procent of 40 soms. Daarmee neemt de spierkracht een transseksueel in behandeling feitelijk af tot het niveau dat vrouwen van zichzelf hebben. Het oorspronkelijk verschil in spierkracht tussen mannen en vrouwen verdampt dus eigenlijk.
  • nà de operatie krijgt een man naar vrouw transseksueel geen testosteron blockers meer. Ze maakt immers net zoveel testosteron aan als een geboren vrouw. Wel krijgt ze oestrogenen. De pil zogezegd of een andere variant die hetzelfde doel dient. Het doel is onderhoud van de feminisering van het lichaam. Daarmee neemt de kans op borstkanker toe tot het niveau dat de gemiddelde geboren vrouw ook kent. Daarnaast zorgt het er voor dat huid, haar, vetverdeling en borstgroei op een hanteerbaar niveau blijven. Geen van alle aspecten die invloed hebben op de sportbeoefening en de sportprestatie.
  • je opmerking over het abjecte verleden van de ‘sextest’ waar het IOC mensen onderwierp aan een chromosomentest is niet bepaald intelligent. Nooit van interseksuelen gehoord blijkbaar? De chromosomentest is door het IOC (en dus ook NOC/NSF) afgeschaft nadat door problemen in de atletiek het na wetenschappelijk onderzoek duidelijk is geworden dat de uitslagen van die tests in een heel aantal gevallen slechts een ambigue resultaat leveren. Interseksuelen (mensen waarvan niet eenvoudig is vast te stellen dat ze man of vrouw zijn door medisch / genetische oorzaken) zijn in het verleden regelmatig geslachtofferd. De bekendste in Nederland is Foekje Dillema geweest die door de atletiekunie verstoten is uit de sport en recent (na haar overlijden) eerherstel en haar vermeldingen en medailles heeft gekregen. Het schaamrood zit nog steeds op de kaken van de atletiekunie, de familie Blankers-Koen, de Telegraaf sport redactie en het NOC/NSF. Niet bij jou dus blijkbaar. Floris Jan je bent ingehaald door de wetenschap, de tijd en de emancipatie in de sport. Maar goed je bent dan ook ex topsporter nietwaar?
  • de regelgeving in de sport met betrekking tot man naar vrouw transseksuelen is dat men twee jaar na de juridische (!) geslachtswijziging mag deelnemen aan (top)sport. Triest genoeg wordt deze regelgeving door NOC/NSF ook gehanteerd en dus ook door veel sportbonden inclusief die hockeybond van jou. Zelfs bij gewone competitiesport. Met als gevolg soms levenslange uitsluiting van sportdeelname in het juiste gender voor transseksuelen en andere transgenders, een flagrante schending van artikel 1 van de Grondwet. De juridische geslachtwijziging bestaat in Nederland overigens uit een aanpassing van het geboorteregister nadat is aangetoond dat de persoon onvruchtbaar is. Een inmiddels uitgebreid besproken en gedocumenteerde schending van de mensenrechten. Immers, de sportorganisaties eisen dat de wet gehanteerd wordt die op zijn beurt eist dat iemand de integriteit van het eigen lichaam opoffert als het om mogelijke voortplanting gaat. Een ernstig verouderde en stupide wet die niet meer in deze tijd past. Daarbij komt dat veel landen dit soort wetten gelukkig veranderen of al verandert hebben. Nederland nog niet en dat mogen minister Plasterk en het ministerie van VWS zichzelf kwalijk nemen. Maar goed, de sportwereld staat boven de wet nietwaar Floris Jan?

Jouw tekst over het ‘slechts je broek laten zakken’ is niet alleen bijzonder onfatsoenlijk (maar ach eens studentenbal altijd studentalbal denk ik dan) maar ook kwetsend. Wat voor mens ben je eigenlijk dat je zo met de gevoelens van anderen om gaat? Je moet je gewoon schamen voor je mening die duidelijk gebaseerd is op onkunde en die je dan ook nog op een bepaald onfatsoenlijke en grievende wijze naar buiten kotst. Walgelijk! Nee Floris Jan, ga jij nou maar in de nadagen van je sportloopbaan balletje tikken maar bemoei je niet in al je onkunde met zaken die buiten jou staan, waar je duidelijk geen bal van af weet en waar jouw stem een verontreiniging van de sport en een belediging voor weldenkende mensen is. Maar misschien is het ook gewoon slechts de geestelijke handicap van een topsporter die teveel hockeyballen tegen het hoofd heeft gekregen met als gevolg dat normaal denken onmogelijk is geworden. Het trieste lot van de hockeyspeler. Dat uitgerekend ‘de Pers’ dit monstrum van een column van je afdrukt is wel verbazend trouwens. Slechts een paar weken voor Coming out dag zoiets als dit plaatsen plaatst de bijdrage aan die coming out dag voor mij in een geheel ander daglicht. Een tijd voor de Coming Out Dag is je column geschreven. Misschien ben je inmiddels wijzer? Had ik het eerder gezien dan had ik in ieder geval afgelopen zaterdag een hartig woordje met de pers en ‘de Pers’ kunnen praten over dit soort trieste ‘journalistiek’.

Wil je meer weten? Surf dan naar http://www.aliceverheij.net en bekijk de video van de lezing over transgenders en sport op de aparte pagina over dit onderwerp.

Alice Verheij © 2008

http://www.aliceverheij.net