Nog één kamertje…

Nog één kamer.

Na Ministeries, de Raad van State, een waslijst kamercommissies en een stemming in de Tweede Kamer is er nog één kamer te gaan. De Eerste Kamer. En dan is het klaar. Hopelijk. Eindelijk.

RS232 GENDER CHANGER M-M

Al jaren wordt er gesproken, geschreven, gewerkt en gevochten om te komen tot een eenvoudiger procedure voor het wijzigen van het juridische geslacht. Niet meer op basis van mensenschendende wetten documenten moeten overleggen die denigrerend, inhumaan, stigmatiserend en schofferend zijn. Niet meer langs een rechter die mag beslissen of je wel mag zijn wie je bent. Niet meer een procedure waarin eenieder het recht heeft om bij de rechter kenbaar te maken dat ze ertegen zijn dat je bent wie je bent. Niet meer onnodig hoge kosten maken en onnodig veel mensen aan het werk zetten voor iets dat zo evident is.

Aangezien mijn paspoort eind mei verloopt en naar het zich laat aanzien dat ik dit jaar en komende jaren geregeld in het buitenland zal zijn, èn mijn identiteitskaart (die met dat gaatje op een zekere plek) ook verlopen is, zal ik helaas nog een keer geld moeten uitgeven aan een officieel bewijs van mijn identiteit wat niet mijn identiteit omschrijft maar die van een meneer. Het kost me onnodig weer legeskosten voor iets dat ik eigenlijk helemaal niet wil hebben. Het steekt me dat te moeten doen. Het steekt me geduld te moeten oefenen tot naar verwachting 1 januari 2014 wat zoals te verwachten is mijn persoonlijke bevrijdingsdag zal worden. Ik zal de onnodige kosten voor dat paspoort of die identiteitskaart die dan officieel niet meer klopt waar die nu in de praktijk al niet meer klopt terug gaan vragen aan de gemeente.

Ze zullen het afwijzen en me niet de kosten voor wèèr een nieuw paspoort vergoeden, hoewel daartoe dunkt me wel een morele verplichting is.

Gegeven dat gewijzigde en nieuwe wetten doorgaans op 1 januari van kracht worden èn gegeven de verwachting dat de Eerste Kamer deze wet niet zal tegenhouden of treineren resten mij dus nog een slordige 200 dagen voordat ik een aanvraag kan indienen voor een correct reispapier. En nog iets langer voordat ik dat zal hebben en ook niet meer verkeerd aangesproken zal worden door ambtenaren en lieden die informatie uit de Gemeentelijke Basis Administratie op hun scherm of papier hebben wanneer ze met mij te maken hebben. Het kan me niet snel genoeg gaan, natuurlijk niet. Mijn geduld is allang op. Mijn tolerantie naar deze wet, deze overheid en deze samenleving die die vreselijke wet veel te lang heeft laten bestaan, is verdwenen. Het leven is me moeilijk genoeg gemaakt door deze flauwekul en het wordt hoog tijd dat ik als volwaardig burger en niet als tweede- of derderangs burger behandeld wordt. Want zo voelt het. Al jaren. Alsof ik een straf heb gekregen omwille van mijn gender zelfidentificatie. Iets waar geen mens en organisatie enig recht toe heeft.

Op dit moment in mijn leven verlang ik naar een andere samenleving. Een ander land. Eenmaal voorzien van het juiste reispapier zou ik dolgraag dit land verlaten om me elders te vestigen, al moet ik er één of meer keer per jaar even voor dat andere land uit. Dat gevoel hier niet te willen zijn is het directe gevolg van hoe ik mij behandeld en ontkend voel. En wie dat gezeur vindt kan wat mij betreft de boom in, want het is wèl hoe ik me voel: ongelukkig in een land dat mij in mijn diepste identiteit te lang structureel ontkend heeft.

Hopelijk heb ik in 2014 reden om daar anders over te denken. Of dat zo zal zijn is afhankelijk van de Eerste Kamer.

© 2013 Alice Anna Verheij

Advertenties

Vrij naar Slauerhoff.

Ik hou van sommige dichters en schrijvers, hoewel ik met die liefde kieskeurig was, ben en nog meer wordt. Slauerhoff echter zal altijd bij mij in de buurt blijven. Omdat hij in meerdere opzichten een reiziger was. Net als ik.

Slauerhoff

Na jaren droomwens in sluimerende staat komt het afscheid nog steeds niet nader. Zal ik ooit slagen om dit land te verlaten, elders een bestaan te bouwen? In stilte me mogen terugtrekken ver van onze ‘beschaving’ die dat woord niet meer verdiend als aanduiding. Al is het misschien maar voor een deeltje van mijn leven? Wordt ik ooit een part-time Nederlandse? Tussen culturen in leef ik al maar zal dat nog sterker worden en maak ik de sprong? Slauerhoff schreef het en Wim de Bie liet het ooit eens fraai horen. In Nederland wil ik niet leven…

Maar Slauerhoff is al lang vervallen tot stof. Net als mijn plannen. De taal is mooi maar evenzo versleten. Daarbij, mijn gevoel wordt niet geheel gedekt door de lading van Slauerhoff’s worden en de tijdgeest lijkt ernstig gewijzigd. Wat me er toe bracht om het prachtige gedicht in een eigentijds jasje te gieten voor zover dat mogelijk was. Ontheiliging van oude poëzie ten spijt stort ik mijn hart uit geïnspireerd door mijn gevoel en Slauerhoff’s verbale walging over dit kleinzielige landje. En ja, ik zie het te duister en te somber en ik ben te negatief maar bedenk dan dat alles zo zijn reden heeft en in werkelijkheid is vast wel lief ben.

In Nederland

In Nederland wil ik niet leven,
men moet er steeds zijn krachten geven,
ten bate van het grote gewin,
omwille van noodzaak’lijk gepin.
‘k Ga liever leven in de armoe,
waar men geen last heeft van die gekte
of ‘t knagen van mijn maag, waar over ik niet repte
als een dwaas die vreten moet.

In Nederland wil ik niet dood,
en op de kille grond verstrooien
waarop men teveel heeft gelopen.
Daar blijf ik liever verre vandaan
en kom terecht bij stadsnomaden.
Mijn medelanders roepen mij: ,,Jij bent mislukt!”,
fijn dat ik hen zo kon verlaten,
want ja mijn vrijheid is mij toch ontrukt.

In Nederland wil ik niet leven,
men moet er altijd naar meer streven.
Niet om ‘t welzijn van zijn medemensen denken,
en overal mag men de ander krenken,
maar niet belasting ontduiken, dat donker kwaad,
alleen omdat men deze niet aanstaat.
Zomaar de boel laten verrekken
getuigt van asociale trekken.

Ik wil niet in een Vinex moeten wonen,
in lelijke nieuwe steden en ook dorpen.
Bij duizentallen die verworpen
daar zitten, allen voor een pratend scherm
uit verveling, niet om te tonen,
dat men wel weet, maar niet spoort
En zondag met elkaar gaat rellen
in stadions waar ze elkaar kwellen.

In Nederland wil ik niet blijven,
ik zou van angsten gaan verstijven.
Het is me daar te hard, te heftig,
men spreekt er zo luid, wordt nimmer deftig,
en danst nooit op de hete vulkaan
maar kan wel de zwakken slaan.
Nooit zal men nog om onrecht staken gaan,
en nooit, nee nooit durft men nog op rechten te gaan staan.

© 2012 Alice Anna Verheij

Open brief aan de KRO en NCRV.

Noot: hiermee sluit ik de reacties op deze open brief. Dank iedereen voor de hartverwarmende steunbetuigingen. Een antwoord van KRO / NCRV laat vooralsnog op zicht wachten maar ik ziee geen toegevoegde waarde in verdere reacties op dit moment. Mocht er uit Hilversum alsnog een reactie komen dan meldt ik die hier integraal.

OPROEP: als je als transgender of iemand die betrokken is met transgenders het eens bent met deze open brief en mij wilt steunen in dit publiekelijke protest tegen de uitzending van Debat op 2, laat mij dat dan weten in een reactie hier. Ik neem deze dan in ondertekening mee in de brief die ik maandag verstuur.

Alice Anna

Den Haag, 18 november 2012

Beste omroepbazen van de KRO en NCRV,
beste programmamakers van Debat op 2,

Gisterenavond heb ik naar het door Arie Boomsma gepresenteerde Debat op 2 programma gekeken. Ik heb het uitgekeken ondanks mijn sterke aandrang weg te zappen.

Het doel van een debat is om op grond van een stelling of situatie voor- en tegenstanders aan het woord te laten. Deze keer was de subtitel van Debat op 2 ‘Man of vrouw’ en ging het over de maatschappelijke positie van transgenders in Nederland. De timing van het programma was goed omdat er een publicatie van het Sociaal Cultureel Planburo was verschenen waarin duidelijk wordt dat de sociaal maatschappelijke positie van en de gezondheidszorg voor transgenders in Nederland ernstig te wensen over laat. Uw programmamakers waren zich daarvan bewust en het programma zou een uitgelezen kans zijn geweest om mee te helpen aan een betere beeldvorming over transgenders en verbetering van hun positie.

Maar het programma ontspoorde ernstig.

Zo ernstig dat nu achteraf alleen maar geconcludeerd kan worden dat het schadelijk is geweest voor transgenders in Nederland. De oorzaken hiervan zal ik in kort bestek opsommen.

  1. De (inval)presentator was onzorgvuldig in het gendergewijs goed aanspreken van zijn gasten.
  2. Er was een bijzonder sterke onbalans in het programma voor negatieve mening en beeldvorming over transgenders door het opvoeren van mensen met een zeer kortzichtige blik en schaamteloze vooroordelen. Deze mensen deden uitlatingen die te gek voor woorden zijn en het waard zijn om te melden bij anti discriminatie buro’s. Maar een adequaat weerwoord werd niet gezocht of zeer kort gehouden.
  3. Jullie hebben de psychiater A Campo opgevoerd. De man is jaren geleden al naar aanleiding van teksten van hem in onder andere Dagblad Trouw onderuit gehaald op de wetenschappelijk rammelende opzet en onderbouwing van zijn zogenaamde onderzoek naar psychiatrische stoornissen bij transgenders. Deze man is uiterst omstreden en wordt in de wereld van begeleiding en behandeling van transgenders gezien als een charlatan. Zijn mening dat 60% van de transgenders psychisch gestoord is werd door Arie Boomsma nog eens een drietal malen onderstreept. Het weerwoord van Peggy Cohen van het VU genderteam werd dermate kort gehouden dat zij de kans niet kreeg aan te geven waarom A Campo’s beweringen flauwekul zijn. Het is onbegrijpelijk dat jullie deze man een platform voor zijn transfobie hebben gegeven, zeker gegeven zijn wel zeer twijfelachtige staat van dienst.
  4. Er werd een ‘werkgever’ opgevoerd die niet als werkgever serieus te nemen is. Waarom niet de baas van een stevig bedrijf dat beleid heeft rond de omgang met transgenders op de werkvloer? Philips, KPN en vele grotere bedrijven hebben een dergelijk beleid.
  5. Ouders die hun kinderen niet accepteren zoals ze zijn vinden we overal. In het geval van de ouders die aan het woord kwamen droop de stupiditeit en het empatisch onvermogen van het scherm. Een fatsoenlijke bespiegeling over hun overduidelijke empatische stoornis kwam niet aan de orde, wel kregen ze buitensporig veel ruimte hun eigen kind te schofferen.
  6. De jonge transvrouw die aan bod kwam werd in haar toelichting onderbroken door de man van datzelfde ouderpaar. Zij kon daardoor haar reactie niet afmaken en haar verhaal werd daarmee ook onderuit gehaald. De woorden ‘als vrouw’ kwamen regelmatig over de bühne. Dat suggereert dat ze niet als een vrouw maar als een man die vrouw probeert te zijn werd gezien. Een impliciete houding die in het programma bleef hangen.
  7. Er is niet of nauwelijks ingegaan op het SCP onderzoek. Een aantal hoofdlijnen kwam aan bod maar vervolgens werden die ondergesneeuwd in negatieve meningen over het bestaansrecht van transgenders, niet over hun problemen.
  8. Het debat ging dus uiteindelijk over de vraag of transgenders wel mogen bestaan in deze maatschappij. De meningen waren overwegend negatief en een goed antwoord op de vraag waarom de sociaal maatschappelijke positie van transgenders in Nederland zo slecht is kwam niet tot stand. Op die vraag was geen verdieping maar werd het verschijnsel slechts benoemd. Dat is zoals een ieder weet geen debat maar maakt van een goed debat juist een farce.

Als ik dit alles zo bekijk kan ik niet anders dan vaststellen dat de programmamakers en de inval presentator jammerlijk gefaald hebben in het ogenschijnlijke doel van het programma. Sterker nog, het programma schaadt transgenders, hun maatschappelijk positie en de mogelijke verbetering van die positie. Immers het beeld dat het programma geeft is er een van gelegitimeerde afwijzing van transgenders in Nederland.

Ik vraag mij af of het programma zou zijn uitgezonden als er op deze wijze over homoseksuelen, gehandicapten, Marokkanen of Joden was gesproken. De meningen van transgenders die naar dit programma gekeken hebben lopen uiteen van: ‘dit nooit meer’ via ‘schandalig’ en ‘tenenkrommend’ tot ‘waarom doen ze ons dit aan?’. Wat jullie als programmamakers niet schijnen te realiseren is dat juist dezer dagen een voor transgenders belangrijk wetsvoorstel in de tweede kamer ter bespreking ligt, dat moet leiden tot een eenvoudiger juridische geslachtswijziging. Een voorstel waar al heel lang op gewacht wordt en dat ondanks de manco’s die er nog in zitten voor velen een strohalm is waar aan wordt vastgehouden. Een programma met een dergelijk bedroevende stigmatisering van transgenders als Debat op 2 kan ook een dergelijk proces schaden omdat het de meningen van de Nederlanders ten opzichte van transgenders negatief beïnvloedt. Ik ben bang voor ‘collatoral damage’ als gevolg van dit programma.

Verantwoordelijken voor Debat op 2, jullie hebben een wanprestatie geleverd en een zeer kwetsbare groep mensen gekwetst en geschonden. Er past schaamrood en een excuus aan de transgenders in Nederland. Er past reparatie door een programma te maken dat de bevindingen van het SCP in hun rapportage op een afgewogen wijze aan de orde stelt en een maatschappelijk debat over uitsluiting, slechte zorg en maatschappelijke achterstelling voert voor, over en met deze groep.

Maar bovenal past schaamte voor een kwalitatief triest televisie product. Ik begrijp van de Twitter account van Arie Boomsma dat hij Ghislaine verving bij de presentatie van het programma en dat hij Paul de Leeuw’s programma als ‘research’ gebruikte. Gaan jullie altijd zo slordig om met het briefen van jullie presentatoren? Laten jullie altijd onkundige presentatoren invallen? Want duidelijk was dat Arie Boomsma het programma zowel inhoudelijk als presentatietechnisch niet kon leiden!

Ik verzoek jullie het programma terug te trekken en niet op Uitzending Gemist aan te bieden zodat er niet nog meer schade wordt berokkend dan er al is. Ik daag jullie uit een reparatie programma te maken met Arie Boomsma en mij aangevuld met een aantal echte deskundigen inclusief de onderzoeker van het SCP, mevrouw Cohen of dhr. van Trotsenburg van het VUMC en een vertegenwoordiger van het Transgender Netwerk Nederland waarin zij en ik de ruimte krijgen om duidelijk te maken wat er werkelijk mis is met de positie van en de zorg voor transgenders in Nederland.

Met vriendelijke groet,

Alice Anna Verheij
schrijfster

PS Het staat wat mij betreft een ieder vrij om deze tekst zonder aanpassingen te verspreiden via de media.

Transgender zijn in Nederland kan. Maar wel in eenzaamheid en armoede.

Vandaag kwam het Sociaal Cultureel Planburo met hun rapport over de positie van transgenders in de Nederlandse samenleving. Het is een belangrijk rapport voor mensen als ik. Belangrijk omdat het de vinger op de vele zere plekken legt en nu eindelijk eens niet volledig op het (eventuele) medische aspect maar nu juist op het sociaalmaatschappelijke aspect van het leven als transgender in dit land gericht is. De conclusies zijn ronduit schokkend.

Voor mij zijn de conclusies schokkend omdat ik niet kan ontkennen dat een groot aantal de negatieve effecten van de transitie die ik heb ondergaan te ervaren op de wijze zoals die in het rapport is omschreven. Ik ben niet anders dan andere transgenders en in wezen slachtoffer van mijn eigen transitie. Slachtoffer van mijzelf.

Een paar ‘hoogtepunten’, die dus eigenlijk dieptepunten zijn:

  • De werkloosheid onder transgenders is fors hoger dan onder andere groepen en 1/3 leeft onder armoedegrens. Velen zijn afhankelijk van een uitkering en 12% is arbeidsongeschikt.
  • Er zijn twee keer zoveel transgenders eenzaam als mensen in andere groepen in de samenleving (2/3 van de transgenders is eenzaam en 1/4 is ernstig eenzaam).
  • 40% heeft te maken met negativiteit waaronder afwijzing, ridiculisering en geweld.
  • De gezondheidszorg is niet gericht op behandeling en begeleiding van transgenders. Te weinig capaciteit, extreme wachtlijsten en geen of uiterst gebrekkige psychische begeleiding.
  • Meer dan 2/3 van de transgenders heeft over zelfmoord gedacht (8x zoveel dan de rest van de Nederlanders) en ruim 20% heeft minimaal 1 zelfmoordpoging achter de rug.

Ik wordt verdrietig van deze gegevens en de conclusies die daaraan verbonden moeten worden. De belangrijkste voor mij persoonlijk zijn dat alles dat hierboven staat onverkort op mij van toepassing is.

Daarnaast moet ik vaststellen op grond van dit rapport, eerdere rapporten (bijvoorbeeld het UWV rapport mbt de werkgelegenheid onder transgenders van vorig jaar) en eigen ervaring dat het allemaal zo erg is als het in deze rapporten lijkt te zijn. Het is in de Nederlandse samenleving volstrekt onmogelijk om als transgender te leven zonder:

  • Daling van inkomen tot zelfs een mogelijke armoedeval.
  • Ridiculisering in de maatschappij en blootstelling aan transfoob geweld.
  • Eenzaamheid en de bijna onmogelijkheid om nog relaties aan te knopen.
  • Zekerheid te hebben over werk, inkomen en maatschappelijke positie.
  • Voldoende en adequate zorg te ontvangen voor, tijdens en na de transitie.

De conclusie zijn zoals gezegd ernstig omdat ze aantonen dat transgenders in veel hogere mate dan andere groepen in de samenleving ongewild aan de rand van het bestaan kunnen komen en daar dan vervolgens alleen hun leven moeten slijten.

Voor mijn lezers die mijn teksten lezen over mijn leven en zich afvragen waarom dat leven mij soms zo extreem zwaar valt, is dit rapport het antwoord op die vragen. Het is geen fijn antwoord.

Naar mezelf kijkend moet ik ook vaststellen dat ik het er als transgender niet zo geweldig vanaf gebracht heb, maatschappelijk gezien. Inderdaad is mijn inkomen ingestort en is armoedeval mijn deel. Ik leef ver onder de armoedegrens en soms is zelfs eten een probleem. Overleven is een kwestie van met kunst en vliegwerk leven en mezelf soms iets gunnen zodat mijn leven de moeite waard blijft waarbij het duidelijk is dat dat altijd ten koste van iets anders gaat. Maak ik een kort reisje (vakantie is onbetaalbaar) dan kan het zijn dat ik een maand later geen geld voor voeding heb. Om maar eens wat te noemen.

In dit rapport komt voor het eerst in Nederland ook het begrip eenzaamheid naar voren en ook daar onderstreept het mijn eigen wrange ervaringen. Als transvrouw die ook nog eens lesbisch is moet ik vaststellen dat de kans op een leven met een partner minimaal is. Vriendschappen zijn mogelijk, en ook sterke vriendschappen. Maar een liefdesrelatie inclusief de seksuele component blijkt een doorgaans onbegaanbare weg om de eenvoudige reden dan niet transgenders zich zelden tot nooit aangetrokken voelen tot de fysiek van een transmens. Het rapport is niet expliciet in de oorzaken van de eenzaamheid van velen van mijn lotgenoten maar daar komt mijn eigen ervaring en die van anderen me in negatieve zin te hulp. Helaas. Het gevolg: een ongewild relatieloos leven dat in sommige gevallen kan leiden tot extreme eenzaamheid en depressie. Helaas weet ik daar alles van.

Ik kan nog een tijd doorgaan maar dat is niet zo zinnig. Het belangrijkste dat ik wil meegeven naar aanleiding van het verschijnen van dit rapport is dat hoewel het in Nederland gode zij dank mogelijk is als transgender te leven en zelfs een geslachtsaanpassende operatie te ondergaan, het leven alles behalve rozengeur en maneschijn is. Vooral ook dat de sociaal maatschappelijke positie dermate slechts is dat gesteld kan worden dat de stap om in het gevoelsmatige geslacht te gaan leven een bijna garantie is voor de vernietiging van een groot deel van het maatschappelijk levensgeluk.

Redt je het wel als transgender dan ben je een uitzondering want de meesten gaan flink onderuit en velen staan nooit meer op tot het sociaal maatschappelijk niveau van voor de transitie. Daarmee zijn de moeilijkheden na transitie als een straf voor een niet begane misdaad. De samenleving is niet in staat je daartegen te beschermen. De overheid is onvoldoende deskundig en de wetten en regels rond identiteit en zorg zijn tegen je.

Vandaag was reden voor tevredenheid over het feit dat dit nu eindelijk eens gesteld wordt in een rapport dat bedoeld is om de overheid zich te laten verbeteren. Maar vandaag was ook reden voor droefheid over de staat van acceptatie en bescherming van transgenders in Nederland. Criminelen worden beter behandeld en krijgen meer kansen in de maatschappij na het uitzitten van hun straf dan transgenders na hun transitie. Daarmee is een gendertransitie maatschappelijk gezien erg goed te vergelijken met een stevige gevangenisstraf. Want net als een bajesklant zul je als trangender het na de straf erg moeilijk krijgen je in de samenleving overeind te houden. Op alle gebied.

En daar moet maar eens goed over worden nagedacht.

© 2012 Alice Anna Verheij

Dit is overigens het persbericht van het SCP (het rapport is bij hun op te vragen):

Worden wie je bent.
Het leven van transgenders in Nederland

Den Haag, 17 november 2012

  1. Er zijn in Nederland naar schatting ruim 48.000 personen van 15-70 jaar ‘transgender’. Driekwart van hen is als man geboren.
  2. De meerderheid van de transgenders heeft werk, maar bijna de helft van de transgenders is daar niet open over het trans-zijn.
  3. Er zijn opvallend veel transgenders afhankelijk van een uitkering. Een derde van de alleenstaande transgenders heeft een inkomen onder de armoedegrens.
  4. Vergeleken met de rest van de bevolking zijn meer dan twee keer zoveel transgenders die aan het onderzoek meededen eenzaam, hebben zeven keer zo veel van hen ernstige psychische problemen en hebben tien keer zo veel ooit een zelfmoordpoging ondernomen.
  5. Ruim 40% van de transgenders heeft te maken met negatieve reacties.

Dit blijkt uit de SCP-publicatie Worden wie je bent, die op 17 november 2012 verschijnt. De onderzoeker, prof. dr. Saskia Keuzenkamp, schreef dit rapport op verzoek van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, die de coördinatie van het transgenderbeleid in portefeuille heeft. Het is gebaseerd op een enquête die eind 2011 / begin 2012 werd gehouden. Ruim 450 transgenders deden mee, waarvan twee derde als man is geboren en een derde als vrouw. De meeste respondenten (96%) waren tussen de 16 en 65 jaar, 4% was 65plusser.

Het verkeerde lichaam 

“De oudste bewuste gedachte die ik me kan herinneren was: ik zit in het verkeerde lichaam.“ Zo schreef een van de respondenten van het onderzoek. Degenen die als jongen zijn geboren, waren gemiddeld 14,1 jaar en de meisjes 12,4 toen ze zich dat realiseerden. Ze wisten vaak al langer dat er iets aan de hand was, maar niet wat dat was. De helft van de respondenten wist al voor het 10e levensjaar dat hun genderidentiteit niet overeenkwam met het geboortegeslacht.

Hoeveel transgenders zijn er? 

De term ‘transgenders’ wordt gebruikt voor mensen bij wie het geboortegeslacht niet of niet helemaal overeenkomt met hun genderidentiteit (het gevoel man of vrouw te zijn). Naar schatting zijn er in Nederland ruim 48 duizend personen van 15 tot 70 jaar die niet tevreden zijn met hun eigen mannen- of vrouwenlichaam en het geboortegeslacht (gedeeltelijk) willen aanpassen via hormonen en/of operaties. Er zijn meer als man dan als vrouw geboren transgenders. Op de bevolking van 15-70 jaar gaat het naar schatting om 0,6% van de mannen en 0,2% van de vrouwen.

De transitie

Transgenders verschillen naar de mate waarin zij stappen hebben gezet om te leven volgens hun genderidentiteit. De meest ingrijpende maatregel is het ondergaan van een geslachtstransitie. Nadat een psycholoog of psychiater heeft vastgesteld dat er sprake is van genderdysforie (de medische term voor transseksualiteit), moeten degenen die als man geboren zijn anderhalf jaar leven als vrouw. Bij vrouwen is dat een jaar. In die tijd krijgen zij hormonen toegediend, waardoor hun geslachtskenmerken gedeeltelijk veranderen. Om de geslachtstransitie te voltooien zijn nog operaties nodig, maar niet iedereen gaat zover.

Leefsituatie

Ruim een derde van de respondenten woont alleen, een kwart woont samen met de partner, een op de tien met partner en kinderen. Ruim de helft van de respondenten (54%) leeft altijd volgens hun genderidentiteit, 29% doet dat zelden of nooit. Ruim 20% houdt het trans-zijn verborgen voor de ouders. Op het werk zijn de respondenten veel vaker niet uit de kast (45%).

Maatschappelijke positie

Transgenders zijn relatief vaak hoogopgeleid. 44% van de respondenten heeft een hbo- of universitair diploma. De meerderheid (61%) verricht betaald werk. Opvallend is het hoge aandeel dat arbeidsongeschikt is (12%) of werkloos (9%). Ruim 40% van de respondenten kan moeilijk rondkomen. Van de alleenstaande transgenders heeft een derde een inkomen onder de armoedegrens. Onder de Nederlandse bevolking van 18-64 jaar is dat 14%.

Welbevinden en gezondheid

Twee derde van de transgenders die meededen aan het onderzoek voelt zich eenzaam, een kwart zelfs in (zeer) sterke mate. Onder de Nederlandse bevolking voelt 30% zich eenzaam en 10% (zeer) sterk. De helft van de respondenten heeft psychische problemen en 14% is ernstig psychisch ongezond te noemen. Onder de rest van de bevolking gaat het om resp. 14% en 2%.

Meer dan twee derde van de respondenten heeft er ooit aan gedacht om uit het leven te stappen; 21% deed ooit een zelfmoordpoging en 3% deed dat in het afgelopen jaar. Onder de Nederlandse bevolking heeft 8% er ooit aan gedacht, 2% ooit een poging ondernomen en deed 0,1% dat in het afgelopen jaar.

Veiligheid en negatieve reacties

Ruim een derde (37%) van de respondenten voelde zich in het afgelopen jaar niet altijd veilig in de buurt. Dat gold vooral voor degenen die in transitie waren.
42% kreeg in het afgelopen jaar een of meer negatieve reacties vanwege het trans-zijn. Dat kwam het meest voor in de openbare ruimte: 38% die conform de genderidentiteit leeft is daar in het afgelopen jaar negatief bejegend. Het meest genoemd zijn: afkeurende blikken (27%), belachelijk gemaakt zijn of het mikpunt van flauwe grappen (19%) en scheldpartijen (12%). 5% werd bedreigd en 5% seksueel geïntimideerd.

Transgenderbeleid

Transgenders hebben het niet gemakkelijk. In het rapport zijn vier thema’s genoemd waar beleid zou kunnen bijdragen aan het verminderen van de knelpunten die transgenders ervaren:

  • vermindering van de wachttijden bij de genderteams, betere vergoedingen voor bepaalde medische ingrepen en uitbreiding van de psychische zorg;
  • het vergroten van de maatschappelijke acceptatie van en kennis over transgenders;
  • het vergemakkelijken van de procedure om de geslachtsaanduiding te wijzigen in de Gemeentelijke Basisadministratie;
  • het verbeteren van de arbeidsmarktpositie van transgenders.

SCP-publicatie 2012-30, Worden wie je bent. Het leven van transgenders in Nederland, Saskia Keuzenkamp. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau, ISBN- nummer 978 90 377 0625 3, prijs € 18,50.
De publicatie is verkrijgbaar bij de (internet)boekhandel of te bestellen/downloaden via de website: http://www.scp.nl.

Voor meer informatie: Saskia Keuzenkamp, tel: 070 – 340 7813, e-mail: s.keuzenkamp@scp.nl
Voor algemene informatie: I.H. Schenk, tel: 070 – 340 5605, e-mail:
i.schenk@scp.nl

Boeddhisme in Nederland: zweefteven, roddel en achterklap.

Even vooraf: ik ben geen Boeddhist. Het Nepalese grapje ‘Do you know the Buddha? He was a great businessman’ is aan mij niet zo besteed en enig belang ontbreekt mij om te doen waar ik al een hele tijd zin in heb:

Een aantal zogenaamd journalistieke boeddhisten met de koppen tegen elkaar rammen.

Dat is inderdaad weinig Boeddhistisch maar o zo Hollands nuchter. Want wat is er aan de hand in Holland-Boeddhistenland?

Enige tijd geleden benaderde een nieuw online medium me naar aanleiding van mijn kritiek op het mensenrechtenbeleid, of eigenlijk de onderstreping van het wanbeleid op dat gebied, van het petieterig kleine koninkrijkje Bhutan in de Himalayas. Een landje dat het presteerde om zowat 20% van de eigen bevolking in ballingschap te sturen en daarin persisteert.

En zodoende sprak ik met twee ambitieuze heren die een journalistiek platform wilden maken om in Nederland het Boeddhisme, wat ze zelf aangaven te belijden, kritisch doch met journalistiek verantwoorde blik te beschouwen. De noodzaak daartoe vonden ze in de weigering van organisaties als de Boeddhistische Omroep die betaald wordt met geld van de publieke omroep, uw en mijn geld dus, om ook maar één kritisch bericht over het Boeddhisme te laten zien of horen. ‘Open Boeddhisme‘ was geboren. Een beetje rare naam overigens want de tegenstrijdigheid is nogal groot in die naam gegeven het toch vrij extreem gesloten karakter van het Boeddhisme. Het is overigens een dappere poging.

De mannen hadden wel een beetje gelijk natuurlijk want inderdaad, ook ik was daar tegenaan gelopen in het kader van de kritische documentaire die ik maak. Overigens neem ik daarin geen stelling tegen het Boeddhisme op zich want dat doe ik nergens simpelweg omdat ik een aantal aspecten van het Boeddhisme begrijp èn omarm (zonder me Boeddhist te noemen) en het onderwerp van mijn film er in directe zin niet zo bar veel mee te maken heeft. Wel stel ik vast dat het Boeddhisme zeker niet gespeend is van gewelddadigheid, genderongelijkheid, homo- en transfobie en rascisme. En daar sta ik niet alleen in maar weet ik me in die vaststelling gesteund door de nodige kenners, de geschiedenis en het besef dat het Boeddhisme zich gewoon in het gezelschap bevindt van alle andere religies waar dogmatiek nu eenmaal impliciet is.

Edoch, de website van Open Boeddhisme een tijdje volgend vallen een paar zaken direct op. Zo is er een onjournalistieke fixatie op slechts drie onderwerpen en is daardoor alle andere informatie rond het Boeddhisme in Nederland gemarginaliseerd, letterlijk verstopt in submenutjes terwijl de redactioneeltjes te frequent eendimensionaal zijn. De website lijkt een soort kruistocht te voeren tegen de BOS (Boeddhistische Omroep Stichting), BUN (Boeddhistische Unie Nederland) en BZI (Boeddhistische Zendende Instantie). Er is een overmaat van artikelen over belangenverstrengeling (die er vast en zeker is in een dergelijke kleine gemeenschap), het falen in het Nederlandse gevangeniswezen door de BZI als het om geestelijke ondersteuning gaat en de bizarre verbindingen tussen de genoemde drieletter woordige clubjes. Er deugd in ieder geval heel erg weinig van de elkaar financieel overind houdende organisaties, het extreme gebrek aan transparantie en de vage bestuursstructuren die eerder aan politbureaus doen denken dan aan netjes georganiseerde organisaties.

Weinig verlicht in dat wereldje allemaal, zal ik maar zeggen.

De reacties van die drieletter clubjes op de website van Open Boeddhisme liegen er niet om. Roddel en achterklap is hun deel en het Boeddhistisch Dagblad (een in ieder geval inhoudelijk diverser medium waarin overigens ook enige zelfkritiek op het Boeddhisme zorgvuldig wordt vermeden) is volgens de heren overgegaan tot censuur ten opzichte van mensen die reageren en Open Boeddhisme als bron vermelden.

De BOS, ach de BOS, de BOS dus, weigert de Open Boeddhisten de mogelijkheid in beeld of op de radio te komen en de BUN en BZI voeren zo lijkt het een loopgravenoorlog met de mannen. Natuurlijk blijft het Boeddhistische wereldje in Nederland zich vooral uiten in zweefteverigheid als het gaat over het geluk van de mens in hun bruto nationaal gelukkige wereld. Maar van een afstandje is vast te stellen dat het eigenlijk een vrij donker wereldje geworden is binnen het formele segment van het polder-, tulpen- of klei Boeddhisme. Een wereldje van roddel, achterklap, beschimping, verdachtmakingen, ruzie, en vampirisme (want het lijkt er ernstig op dat een aantal mensen elkaars bloed wel kunnen drinken inmiddels).

In die donkerte is enige verlichting bepaald nuttig maar lijkt ook uitgesloten te zijn binnen deze impliciet gesloten gemeenschap. Het beeld dat ontstaat als de spade een stukje dieper in de Boeddhistische klei wordt gestoken is dat van mensen die in de praktijk niet kunnen belijden wat ze pretenderen. In Nederland geen door giften overeind gehouden kloosters en maatschappelijk geaccepteerde bedelmonniken maar nu juist commercieel opererende Sanghas (in dit landje zijn dat gemeenschappen van vooral leken Boeddhisten die heel mindfull zijn, in Azië gemeenschappen van Boeddhistische monniken of nonnen). In Nederland wordt wel weinig verlicht elkaar het leven zuur gemaakt en in Nederland is zelfkritiek geen usance. Wat dat is negatief en derhalve niet verlicht. Het tapijt waaronder de rommel geschoven is blijkt zwaar.

Dat polder Boeddhisme heeft overigens voor de oppervlakkige maar zeker voor de diepgravender blik geen lor uit te staan met het Boeddhisme zoals dat in Azië gepraktiseerd wordt. Nederland is daarin niet anders dan andere westerse landen waar er door een oranje brilletje gekeken wordt naar dat ‘vreedzame en mystieke’ geloof, maar datzelfde brilletje donker en ondoorzichtig wordt als het gaat om het geweld dat er in Azië van datzelfde boeddhisme uit gaat. In het Boeddhistisch Dagblad geen artikelen over het openlijk rascisme in Birma onder Aung San Sui Kyi’s partij en bij de Boeddhistische monniken die Islamitische hulporganisaties de toegang tot het gebied weigeren waar minstens een half miljoen Islamieten verrekken in vluchtelingenkampen onder mensonterende omstandigheden. Weggejaagd uit hun huizen door Boeddhisten. Geen openbare discussies over het geweld van de Birmese én de Bhutaanse regeringen tegen mensen met een andere religie. Geen woord over de zowat één miljoen vluchtelingen die vanuit Bhoeddistische landen op gang is gekomen in de laatste twintig jaar en waar de rest van de wereld voor opdraait. Geen objectief geluid over de waanzinnige corruptie onder de Tibetanen buiten Tibet en geen artikel over de diep trieste wijze waarop in Aziatisch landen diezelfde zo verlichte boeddhistische gemeenschappen omgaan met minder validen en ouderen.

Om maar eens een paar zaken te noemen.

Ach, zoals gezegd ben ik geen Boeddhist maar sinds ik de zelfverklaarde Boeddhist Erica Terpstra de hand heb zien schudden van Dago Tshering, de Bhutaanse afgezant van de premier aldaar én een gedocumenteerd mensenrechtenschender, wil ik dat ook niet zijn. Bloed aan de handen blijft immers plakken aan de geest. Overigens is het interessant om te constateren dat ook bij Open Boeddhisme de kritiek op Bhutan verdwenen lijkt te zijn naar de marge want die ‘factcheck’ is er dus nooit gekomen. Toch niet zo open dus blijkbaar.

© 2012 Alice Anna Verheij

Nee nou wordt ie mooi!

GODVERDOMME!

Zo, dat is er uit.

Zit ik op mijn facebookje te rommelen en komt er een melding van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap langs. OCW heeft op een bijeenkomst in New York (!) op een bijeenkomst van de Verenigde Naties mooi weer gespeeld met betrekking tot de bevordering van de rechten van lesbiënnes en transgenders.

Welnu, ik ben lesbiënne en transgender. En voor wat betreft het laatste is Nederland een land dat mijn mensenrechten en burgerrechten schendt. Zoals dat onderschreven wordt door de mensenrechten commissie van het Europees Parlement, Human Rights Watch en vele, vele anderen. En dan staat daar dus die van Bijsterveldt met droge ogen andere landen te informeren over hoe goed het hier in Nederland gaat? Waar haalt ze het lef vandaan om zo leugenachtig de situatie in Nederland te verdraaien?

Natuurlijk wordt door het COC (Vera, ben je er nog?) dat zonder kritish commentaar gespiegeld op Facebook.

GODVERDOMME!

De leugen kan niet groter zijn. Dit kabinet weigerde in januari nog om medische noodzakelijke behandelingen voor borstvergroting (iets dat veel transvrouwen keihard nodig hebben om zich enigszins met hun toch al gemankeerde lijf te kunnen verenigen) buiten de basiszorg te houden. Want dat zou biologische vrouwen negatief discrimineren. Laserbehandeling voor gezichtsontharing wordt ook nog steeds niet vergoed bij wet (wel door enkele verlichte verzekeringsmaatschappijen) want tsja, secundaire geslachtskenmerken… Vrouwen met baarden zijn gewoon bij dit kabinet.

Geslachtsverandering kan juridisch alleen nog maar als je ook in je lijf laat snijden en het bewijs daarvan in de vorm van een artsenverklaring overlegd. Rechtstreeks in strijd met het Verdrag voor de Rechten van de Mens.

En in New York wordt mooi weer gespeeld bij de organisatie waarvan diezelfde mensenrechten de basis zijn. Wat een stelletje hypocrieten, wat een schandalige praktijk van een minister van een kabinet om over de ruggen van transgenders in Nederland mooi weer te spelen. En denk maar niet dat het COC (die club van homo’s en lesbo’s) daar kritisch op is. Welnee, die zijn gewoon eigenlijk nog erger.

Nederland, hypocrietenland, bah!

Alice © 2012