Wat een week!

De afgelopen week was me er eentje.

Om te beginnen waren er de dagen in Parijs voor de OuiShare conferentie die ik samen met een paar wijkgenoten bezocht. Nou ja, eigenlijk alleen de eerste dag want daarna was ik ook wel klaar met die conferentie. Een paar dagen nadien en flink wat ander werk maken dat het beeld dat ik vooraf had en dat ernstig bevestigd werd op die eerste dag alleen maar sterker is geworden. Wat mij betreft was het allemaal ‘much to do about nothing’. Vernieuwingsgraad laag, babbelgehalte hoog, extase afwezig, kunst idem dito en dus eigenlijk niet interessant. Parijs zelf was dat echter des te meer en de twee dagen waarop ik vijentwintig jaar oude herinneringen overschreef met nieuwe, rondzwierf in de stad, Hemingway’s voetsporen poogde te drukken èn een berg foto’s gemaakt heb, zijn voor herhaling vatbaar. Niks fijner dan met een goede camera zwerven in een stad als Parijs op de eerste echte lentedagen. Of het nu ikzelf of Anna Ros was die er gezworven heeft en in La Belle Hortense, Café de Flore en Les Deux Magots zat weet ik nog niet precies.

Alice AnnaCafé de Flore in St. Germain-des-Prés, Parijs

Eenmaal terug was het vol aan de bak met het monteren van Dooie Pier, mijn eerste documentaire die ik samen maak met Arna van der Sloot voor televisie en die aanstaande zaterdag op TV West wordt uitgezonden. Vijentwintig minuten over de pier bij Scheveningen bezien door de ogen van verschillende generaties Scheveningers. Moet hij blijven of moet hij weg? Of wordt het opknappen en wat zijn de herinneringen die ze hebben aan dat markante bouwwerk voor de kust van Scheveningen? Dit is de promotie poster met daaronder de teaser voor de film.

dooie pier poster horizontaal klein

Tussendoor is dan ook nog eens WoordenStorm opgericht. Na een paar jaar in de koelkast gelegen te hebben en niet als bedrijf te functioneren werd het tijd (en bleek het mogelijk) om mijn eenvrouwszaak dan toch maar van de grond te tillen. Het eerste werk is er ook al en dus is de start ‘vliegend’. Mooi en fijn.

De komende dagen zijn wat rustiger en dan kan er gewerkt worden aan de verschillende projecten, van tijdreisgids en toneelstuk tot vertaalwerk en het schrijven aan mijn eigen romans, het voorbereiden van foto exposities en nog zo het een en ander.

Het is en wordt een mooi en druk jaar. Nu maar hopen dat het goed blijft gaan.

© 2013 Alice Anna Verheij

Advertenties

De pier loopt dood.

Het nieuwe jaar is begonnen met een klein berichtje in de media dat het van der Valk concern (die met die vogel met die grote bek die de kers uit de appelmoes pikt) het faillisement heeft aangevraagd van ‘de pier‘ van Scheveningen. Deze pier om precies te zijn:

pier (4)
foto: © 2012 Alice Anna Verheij

Het is een zakelijk gezien begrijpelijke stap. Het ding was al jaren in verval, bezoekers gingen de plek mijden en lieten hem afhankelijk van de wandelrichting over de steeds fraaiere boulevard links danwel rechts liggen. De uitbaters van het bouwwerk waren gereduceerd tot een lingeriewinkeltje van bedenkelijk allooi en ander vaag vermaak. Het maakt de pier niet aantrekkelijk voor bezoekers, niet aantrekkelijk voor investeerders gezien de deplorabele staat (en dus de hoge herstelkosten), niet aantrekkelijk voor projectontwikkelaars want die vinden in deze tijd eigenlijk niets aantrekkelijk. Koromt, niet meer levensvatbaar in deze toestand.

De pier blijkt al een tijdje zo dood als een pier.

Hoe anders was dat ooit. Want Scheveningen zonder pier, dat kan toch eigenlijk niet? Voor Zwolsman en voor de tweede wereldoorlog had men er al eentje. Zo’n fraaie zoals je die in Bristol, Blackpool en Brighton zag en in hun vergane glorie nog kunt zien. Een pier op houten palen in plaats van betonnen poten, voorzien van witgelakt hout dat ieder seizoen bijgeverfd moest worden omwille van het zeezout dat er aan vrat. Met gietijzer in sierlijke bogen en fraaie hekken. Dè plek om in Scheveningen te flaneren, gekleed in je mooiste kleren, met een lief aan de arm om dan aan het eind van de wandeling en met de hoed het zicht benemend voor het andere publiek elkaar te kussen. Er zijn heel wat meisjes ten huwelijk gevraagd op die plek.

pier 1098

Op een ansichtkaart uit 1908 valt op te maken dat de pier in die tijd geen pier was maar een ‘wandelhoofd’. Genoemd naar Koningin Wilhelmina, die andere Hollandse ijzeren dame. Een wandelhoofd is ook een mooier woord want het beschrijft veel beter waar die pier voor bedoeld was: om er te wandelen, te flaneren of ten huwelijk gevraagd te worden. Het was geen plek om te bungyjumpen, of bakjes appelmoes met een kers te eten in een verlopen restaurant op een schiereiland op betongerotte pijlers. Pieren uit de tijd waarin ze bedacht werden als attractie voor een badplaats gaven grandeur aan zo’n vissersdorpje en trok daarmee ander publiek (en dus geld). Prins Hendrik opende de eerste pier van Scheveningen in 1901, een door Liefland ontworpen wandelpromenade zeeinwaarts. De inspiratie kwam onder meer van de Engelse zuidkust maar Liefland koos niet voor een gietijzeren constructie maar houten palen. Het zou die pier noodlottig worden. Vanuit het Kurhaus konden de bezoekers de boulevard op gepaste hoogte kruisen om af te dalen op wat een geweldig zeeterras voor het hotel was. Een topper, een trekpleister van formaat. De pier in Scheveningen in combinatie met het chique Kurhaus zetten een ander Scheveningen op de kaart dan dat van mijn grootouders. Het vissersdorp was een badplaats geworden waar je gezien wilde worden.

Die eerste pier brandde in 1943 voor een deel af. De Duitse bezetter besloot vervolgens om de houten palen waar de restanten op rustten ook af te zagen. Zoals ze ook het gietijzeren hek op de rand van de boulevard afzaagden om er tanks van te maken. Tot de reconstructie van de boulevard in de afgelopen jaren kon men nog altijd de afgezaagde stompjes gietijzer zien in de granieten rand van de boulevard. Een stille maar door de meesten vergeten of ongeweten getuige.

Na de oorlog moest er natuurlijk een nieuwe pier komen. Groter, mooier, modern, een herkenningspunt voor Scheveningen en Den Haag want na de oorlog was het dorp immers slechts een deel van de naastliggende stad geworden. Dus werd er in het Haags gemeentebestuur besloten tot de bouw van een nieuwe en hypermoderne pier. Apon, Dijk en Maaskant waren in 1955 begonnen aan hun ontwerp en in 1959 werd besloten tot bouw over te gaan. Twee jaar later, 19 mei ’61, opende prins Bernhard de nieuwe pier. Gefinancierd door onder meer Adama Zijlstra, de baron van Scheveningen en de man achter het succes van het Kurhaus, het Holland Festival en nog veel meer zaken die Den Haag op de kaart zetten. De man die Vladimir Horowitz liet debuteren in zijn Kurzaal. Het was inderdaad een moderne pier geworden en ik herinner me nog goed dat in mijn vroege jeugd mijn ouders me regelmatig naar deze attractie mee namen. Het zou mij niet verbazen als mijn vader daar mijn moeder ten huwelijk heeft gevraagd want er zat wel een verstopte romanticus in die man. Hij hield ook van die pier.

De laatste decennia moderniseerde de wereld. Zijlstra ging, Zwolsman (de aannemer van de tweede pier) kwam. Een rare megalomane man met teveel geld. Zijn bedrijven waren vooral betonstorters en vele plaatsen in het land inclusief Scheveningen vielen ten prooi aan betonnen hoogbouw in een afzichtelijke zestiger jaren stijl. Maar beton rot. Zwolsman werd zo arrogant en maakte zoveel misstappen (een illegaal gebouwd vierde eilandje aan de pier bijvoorbeeld) dat hij welhaast de absolute tegenhanger van de geliefde Adama Zijlstra werd. Velen zien nog steeds Zwolsman als de architect van de vernietiging van Scheveningen als mooie badplaats, ik kan ze geen ongelijk geven daarin. Nadat Zwolsman van het toneel verdween werd het lastig om van het verbetonde Scheveningen nog iets moois te maken. Want beton rot. De onderhoudskosten aan veel van de bouwwerken waren hoog en het verval kwam snel. In nog geen dertig jaar is de eens zo fraaie moderen betonnen pier verworden tot een roestplek op het Schevenings (en Haags) blazoen. Het ding is inmiddels lelijk – en dus bijzonder pictoresque. Het onderwater wonderland op eiland vier waar je naar nepvissen kon kijken, en de Jules Verne attractie die bepaald minder dan 20.000 mijlen onder zee ging mochten niet baten. Het ding werd een blok aan het been van de diverse eigenaren. Nationale Nederlanden was er een van na Zwolsman. Ze verkochten de Scheveningse tentakel voor 1 gulden aan van der Valk in ’91.

pier (3) pier (2)

Van der Valk investeerde in eerste instantie flink. De pier werd een dubbeldekspier met een overdekte en onoverdekte laag. Ach. Er kwam een casino want gokken op water is blijkbaar anders gokken dan op land. Dat Holland Casino op nog geen 300 meter afstand een veel zichtbaarder en moderner casino had maakt blijkbaar niet uit. Van der Valk deed wat het zo vaak deed, een restaurant bouwen en verder vooral rommelen. De investeringen droogden op. Bungy jumpen trok onvoldoende bezoekers om de exploitatie beter te krijgen en de pijlers waren te zwak voor flinke nieuwbouw. Een hotel op de pier is natuurlijk ook nogal ambitieus. Kortom, de laatste tien jaar is het verval snel gekomen. Het onderhoud werd zo slecht dat de gemeente moest ingrijpen voor de veiligheid van de bezoekers. Delen werden afgesloten. Een brand in van der Valks feestzaal eind 2011 tekenden het doodvonnis, in maart 2012 kondige van der Valk aan te willen verkopen. Verschillende kandidaten kwamen en gingen, zelfs vanuit China. Maar het lukte niet. De gemeente ging de kosten nemen voor de noodreparaties die van der Valk naliet en nu is het dan zo ver. Op het ultimatum van de gemeente Den Haag aan van der Valk om  nu echt wat te gaan doen aan de pier door middel van herinvestering, verbouwing en achterstallig onderhoud besloot van der Valk het restaurant en casino op 1 december van het vorige jaar te sluiten. Het doek voor de pier in zijn huidige vorm was daarmee gevallen. Een laatste potentiële koper liet het afweten en dus is vandaag op 2 januari 2013 het faillisement aangevraagd van De Pier Vastgoed BV.

Op korte termijn zal de pier moeten sluiten. De resterende exploitanten zullen iets anders moeten zoeken en de gemeente zal gaan opdraaien voor de kosten van het onderhoud dat het failliete vastgoed bedrijf uit het van der Valk concern had moeten doen.

Ik vraag me af hoe lang het gaat duren voordat Scheveningen weer een mooie aantrekkelijk pier krijgt. Het wordt waarschijnlijk tijd dat iemand begint aan het schrijven van het ‘Requiem voor de pier’. Hoewel, misschien doet de Haagse politiek haar werk en hersteld ze de gemaakte fouten uit de afgelopen decennia.

© 2013 Alice Anna Verheij

Ik mis mijn moeder.

Er is geen aanleding voor. Het is ook niet ‘die dag’. En ook niet haar verjaardag. Maar ik mis haar. Het is niet fijn om wees te zijn want hoe dan ook er mist een bodem onder mijn voeten. De foto is van 1 september 2009, twee en een half jaar terug en het lijkt alsof het slechts een paar maanden geleden was dat we voor het laatst appeltaart aten op de boulevard van Scheveningen.

Er is zoveel gebeurt in die twee en een half jaar. Zij is er niet meer, ik ben losgekomen van mijn oude bestaan in Nederland om me niet meer te kunnen hechten en ben gaan reizen en filmen. Mijn leven is enorm veranderd en het wegvallen van mijn lieve moeder was daar het startschot voor. Natuurlijk denk ik vaak over de vraag wat zij er van zou vinden hoe ik leef. Het antwoord komt nooit en dat hoeft ook niet. Ondanks alles wat er gebeurt is en ondanks alle veranderingen is ze nog vaak daar. Zoals vanmorgen ineens weer. Ik zou graag nog een keer een kopje koffie gaan drinken met haar.

Alice © 2012